Cereal Killers

Titia Ketelaar in Londen

foto hollandse hoogte

Een lange rij kronkelt door Brick Lane, in het East End van Londen. Nu is dat niet ongebruikelijk bij restaurants, zeker niet bij nieuwe. Maar hier wacht men geduldig op een vrije tafel om cornflakes te eten. Cornflakes!

Het Cereal Killer Café, waar meer dan 100 verschillende soorten cornflakes worden geserveerd, is omarmd door jong en hip Londen.

Niet dat iedereen dat waardeert. Na het eten van een kom kaneelontbijtgranen met amandelmelk voor 3,20 pond (4 euro) vroeg een verslaggever van Channel4 News: „Denken jullie dat de bewoners van deze wijk zich cornflakes van deze prijs kunnen veroorloven?” Brick Lane ligt in een van de armste wijken van het land.

Ik begrijp de vraag wel. Al zijn nu net deze ondernemers (uit een even arme wijk in Belfast), met dit product (de cornflakes zijn niet duurder dan de salt beef bagels die enkele deuren verder al sinds 1855 worden verkocht), in deze straat (Brick Lane is al jaren verhipt) een slecht voorbeeld om de grote tegenstelling tussen arm en rijk in Londen aan te tonen, noch de veryupping. En er is ook niets mis met kunstenaars, zzp’ers en kleine ondernemers die zich in armere buurten settelen. In een stad waar je dertien keer modaal moet verdienen om een huis in de binnenstad te kopen, is er een voortdurende zoektocht naar goedkope huren gaande.

Maar de verhipping heeft inderdaad een ongemakkelijke kant. Vooral als er in de weekends een soort armoedetoerisme op gang komt. De triomfantelijke ‘kijk mij nu eens in deze ruwe buurt zitten’-houding, zie je bijvoorbeeld rond brunchtijd in de overdekte markt bij Electric Avenue in Brixton, Zuid-Londen.

Tot eind vorige eeuw was dit volgens de politie een ‘24-uursdrugssupermarkt’, dus dat er enige opschoning heeft plaatsgevonden, is fijn. Maar tegenover de slager waar Jamaicaanse grootmoeders met hun boodschappenkarretjes in de rij staan voor een varkenskop van vijf pond, drinken blanke meisjes in nepbond en bebaarde jongens in houthakkersshirts nu op zaterdag champagne à acht pond het glas. Naast het workmen’s café, waar baked beans on toast worden geserveerd, staat een bakkertje dat met glutenvrije cupcakes adverteert. Het kraampje met afwasborstels, plastic bakjes en andere huishoudelijke benodigdheden heeft concurrentie van een winkeltje dat retro emaillen borden verkoopt. Dezelfde die een van de luxe hamburgertentjes gebruikt, waar de drankjes – zoals een hipstercafé betaamt – in jampotten worden geschonken. En er is het Burnt Toast Cafe: de broodvariant van de cornflakes in Brick Lane.

Nu is er nog evenwicht tussen de kraampjes voor de wekelijkse boodschappen en de hipsterdecadentie. Het risico bestaat echter dat de slagers, groente- en visboeren worden verdreven. Pauline Pearce, die tijdens de Londense zomerrellen van 2011 in Hackney plunderaars tegenhield, schreef in de Daily Telegraph over haar wijk: „Opeens hebben we talloze nieuwe barretjes, wat goed is voor de vooruitgang. Maar diegenen die hier opgroeiden, kunnen zich die niet permitteren.”

Het zal leiden tot onrust van een andere soort, waarschuwde ze: „De rellen begonnen omdat mensen zich gemarginaliseerd voelden.” En: „Londen is van ons allemaal. Niet alleen van diegenen die zich een cappuccino van 5 pond kunnen veroorloven.”