‘Mathenesserdijk is het nieuwe Nederland’

Huidige stadsdichter Daniël Dee (39) draagt dinsdag, 27 januari, het stokje over aan de nieuwe stadsdichter. Dee over zíjn Rotterdam.

EUROMAST

„Het eerste waar ik aan moest denken, en niet omdat ik er nou zo graag kom, is de Euromast. Het is voor mij toch wel het symbool van de stad. Mijn kinderen zijn er ook gefixeerd op, merk ik. Vooral die oudste, als we op de fiets zitten, dan zoekt ze altijd meteen die toren. Ik ben er één keer op geweest, omdat iemand er een feestje had georganiseerd. Anders was ik er nooit op geweest. Je gaat niet echt toerist spelen in je eigen stad.”

DE SCHOUW

„Sowieso de Witte de With, maar vooral café De Schouw. Er zijn fijne mensen, er komen veel kunstenaars en artiesten. Ik heb daar in 2007 de Dichtclub opgezet. Dat hadden we ook in Groningen, waar ik destijds studeerde. Het is een laagdrempelig podium waar mensen hun nieuwe werk kunnen voorlezen. Na vier jaar ben ik er mee gestopt. De naam is nu Poetsclub, maar het is verder niet veranderd. Ik ga zelf bijna nooit meer. Ik ken mijzelf, ik blijf graag plakken. Dat is niet altijd handig.”

DAKPARK

„Ik woon vlakbij het Dakpark. Dat is er nu ongeveer een jaar. Daarvoor was er niet echt een park in de buurt, dan moest ik naar het park bij de Euromast. Het is een fijne plek, zeker als het lekker weer is, om met de kinderen te gaan spelen. En, ik moet bekennen, eronder zit een Albert Heijn XL. Dat klinkt wel een beetje sneu, maar ik ben daar wel gevoelig voor. Dan kun je gewoon lekkere dingetjes halen en dat daarboven opeten.”

MATHENESSERDIJK

„Ik woon hier en ik vind dit wel een mooie straat. Dit is het nieuwe Nederland, met alle culturen en nationaliteiten, onze nieuwe status quo. Je ziet het ook bij de Poetsclub, de dichtavond in De Schouw, het is fifty/fifty. Dat vind ik heel mooi, dat dat gewoon kan, zonder geouwehoer. Zonder dat mensen het eigenlijk doorhebben.”

DE ZOLDER

„Mijn werkkamer is op zolder, met daar bovenop een dakterras. Ik ben graag thuis. Toen ik werd gebeld voor dit interview dacht ik: moet ik nou weer ergens heen? Gelukkig kwam de interviewer mijn kant op. Ik ben wel een beetje een kluizenaar. Altijd al geweest, geloof ik. Ik ben straks twee jaar stadsdichter geweest. Het was echt leuk, ik heb veel mensen leren kennen. Maar ik heb er nu wel genoeg van. Ik heb echt zin om lekker thuis te zitten en te werken aan mijn eigen werk.”