Het succes van de rauwe werkelijkheid

American Sniper is onverwacht een megahit in de VS. Amerika is toe aan de verwerking van ‘Irak' en ‘Afghanistan' nu veruit de meeste troepen zijn teruggetrokken uit die landen.

Meer dan een decennium nadat Amerikaanse troepen Afghanistan en Irak binnenvielen, hebben bioscoopgangers de post-9/11-oorlogsfilm eindelijk omarmd. Sinds de terreuraanslagen van 2001 zijn tal van goed ontvangen speelfilms gemaakt over The War on Terror, maar American Sniper is een eerste en onverwacht grote megahit.

Het relaas van regisseur Clint Eastwood wist het afgelopen weekeinde 105 miljoen dollar (91 miljoen euro) te verdienen in de VS en Canada, een opbrengst voor een grote superheldenfilm, niet voor een oorlogsdrama met een modaal budget. ‘Fenomenaal’, klinkt het in de Amerikaanse media. Doorgaans komt de winst uit grote, progressieve steden als New York en Los Angeles, dit keer waren meer conservatieve stadsregio’s als Houston, Oklahoma City en Nashville vooral verantwoordelijk voor het succes. Geen analist zag het aankomen, terwijl het voorspellen van de opbrengst in de bioscoopbranche inmiddels vrij exacte wetenschap is.

Tot Zero Dark Thirty in 2013 flopte moderne oorlogsfilms steevast, zelfs de met zes Oscars bekroonde The Hurt Locker, die in de VS slechts 17 miljoen dollar opbracht, maar daarbuiten het dubbele. American Sniper kreeg vorige week zes Oscarnominaties, waaronder beste film en hoofdrolspeler (Bradley Cooper).

American Sniper vertelt het waargebeurde verhaal van de Texaan Chris Kyle, de meest effectieve scherpschutter ooit. Kyle doodde in Irak zeker 160 vijanden, waardoor hij een heldenstatus en de bijnaam ‘de legende’ kreeg. Tegenstanders van de oorlog zien hem als een zieke psychopaat die van grote afstand niet alleen vijandige strijders, maar zo nodig ook vrouwen en kinderen omlegde. Of zoals op een billboard voor de film in L.A. stond geschreven, in bloedrode graffiti: Moord.

De oorlog na de oorlog

Kyle zag de oorlog en zijn rol erin niet zwart-wit. Hoe langer hij aan het front vocht, hoe meer hij veranderde, van onverwoestbare commando tot schrikachtige veteraan die zijn heldenstatus afwees en zijn gezin bijna kwijtraakte. „Hollywood fantaseert over oorlog en maakt er iets moois van”, zei hij in 2012. Maar „war sucks”.

Op basis van Kyle’s gelijknamige memoires laat Clint Eastwood de rauwe werkelijkheid van de moderne oorlogsvoering zien in vaak gruwelijk detail. De regisseur deed dat eerder in films als Flags of Our Fathers. En ook American Sniper is geen eenduidig heldenepos. Dakota Meyer, een bekende oorlogsheld, merkte op dat de film zo belangrijk is omdat hij aandacht vestigt op ‘de oorlog na de oorlog’. Veel veteranen kampen met posttraumatische stress, verslaving en isolatie. „Het is voor ons nooit voorbij”, zei Meyer op CNN. „En ik vind dat deze film dat perfect laat zien.”

Eastwood, een Republikeins boegbeeld, en Cooper benadrukken dat het géén politieke film is. Eastwood noemt het ‘een karakterstudie’. Maar het succes van de film lijkt een aanwijzing dat Amerika eindelijk toe is aan de verwerking van ‘Irak' en ‘Afghanistan' nu veruit de meeste troepen zijn teruggetrokken uit die landen. Zoals dat met Vietnam ook begon met The Deer Hunter in 1978, toen Saigon al drie jaar was gevallen. Waarop klassiekers als Apocalypse Now, Platoon en Full Metal Jacket volgden.

Iedereen kan zich vinden in de notie dat oorlog hel is, en de Amerikaanse soldaat het grootste slachtoffer is van invasies. Op enkele miljoenen Vietnamezen, Irakezen en Afghanen na misschien. Maar alleen Clint Eastwood bekeek de zaak ooit van de kant van de vijand - Japanners - in Letters from Iwo Jima.

Net als de Irak-oorlog en American Sniper kende Kyle’s leven overigens geen happy end. In de film waarschuwt Kyle’s vrouw dat hij „niet eeuwig om de vlammen heen kan blijven dansen”: ooit zou hij zelf ook slachtoffer worden. Dat bleek in 2013: terug in Texas werd Kyle vermoord door een van de beschadigde veteranen die hij probeerde te helpen.