Bod op Britse O2 van 13,5 miljard

De Aziatische miljardair Li Ka-Shing schudt de Britse telecommarkt op met een bod op mobiele provider O2.

Mobiele bellers in het Verenigd Koninkrijk kunnen binnenkort misschien kiezen uit drie mobiele netwerken, in plaats van vier. Dat gebeurt als twee providers, O2 en Three, samengaan.

Hutchison Whampoa, het Aziatische bedrijf van miljardair Li Ka-Shing dat het Three-netwerk in bezit heeft, maakte gisteren bekend dat het 10,25 miljard Britse pond (13,5 miljard euro) wil betalen voor de Britse provider O2, dochterbedrijf van het Spaanse Telefónica. Samen zouden O2 en Three 31 miljoen klanten hebben en groter zijn dan concurrenten Vodafone en EE.

Het regent grote telecomdeals in Europa. Met schaalvergroting hopen netwerkaanbieders op hun kosten te besparen. Het bod op het Britse O2 is de tweede grote deal in het Verenigd Koninkrijk. Tegelijkertijd wil voormalig staatsbedrijf BT EE wil overnemen (de grootste mobiele provider en eigendom van Deutsche Telekom en Orange uit Frankrijk). BT deed een bod van 12,5 miljard pond (16,5 miljard euro).

Three is in het VK nu nog de kleinste. Het merk is ook actief in Oostenrijk, Italië, Zweden en Ierland. In Ierland deed Hutchison Whampoa een soortgelijke overname door het Ierse O2 – ook eigendom van Telefónica – voor 850 miljoen euro te kopen.

Als Telefónica akkoord gaat met het bod op het Britse O2, dan moet de deal nog wel worden goedgekeurd door de toezichthouders. De Britse toezichthouder Ofcom wil dat consumenten kunnen kiezen uit vier verschillende providers – dat houdt de concurrentie in stand en de prijzen laag.

Waarschijnlijk zal de overname ter beoordeling worden voorgelegd aan de Europese Commissie. Die houdt rekening met de teruglopende inkomsten van mobiele providers, te wijten aan concurrerende internetdiensten voor sms en gesprekken en dalende roaminginkomsten.

Vorig jaar gaf de EU vorig jaar al toestemming voor een consolidatieslag op de Duitse telecommarkt: de overname van E-Plus door Teléfonica. Ook Duitsland ging van vier naar drie netwerken, net als Oostenrijk en Ierland. Nederland had altijd drie netwerkaanbieders, maar heeft, op uitdrukkelijke wens van de Tweede Kamer, nu weer vier netwerken.