‘American Sniper’ is onverwacht succes in oorlogsmoe Amerika

Clint Eastwoods rauwe American Sniper scoort met ‘de oorlog na de oorlog’.

Bradley Cooper als Chris Kyle inAmerican Sniper van Clint Eastwood.
Bradley Cooper als Chris Kyle inAmerican Sniper van Clint Eastwood.

Meer dan een decennium nadat Amerikaanse troepen Afghanistan en Irak binnenvielen, omarmen bioscoopgangers eindelijk ‘een oorlogsfilm van ná 11 september’. Sinds de terreuraanslagen van 2001 zijn er meer goed ontvangen speelfilms gemaakt over de ‘war on terror’. Maar American Sniper van regisseur Clint Eastwood is de eerste megahit.

De film bracht afgelopen weekeinde 105 miljoen dollar (91 miljoen euro) op in de VS en Canada. Die opbrengst is iets voor een superheldenfilm, niet voor een oorlogsdrama met een modaal budget. Doorgaans concentreert het publiek voor zulke films zich in grote, progressieve steden als New York en Los Angeles. American Sniper heeft vooral succes in conservatieve stadsregio’s als Houston, Oklahoma City en Nashville.

Dit succes was niet voorzien. Afgezien van Zero Dark Thirty (2013) flopten oorlogsfilms altijd, zelfs de met zes Oscars bekroonde film The Hurt Locker.

American Sniper kreeg vorige week zes Oscarnominaties, waaronder voor beste film, beste bewerkte scenario en voor hoofdrolspeler Bradley Cooper. De film vertelt het waargebeurde verhaal van Chris Kyle (1974-2013), de meest effectieve scherpschutter uit de geschiedenis. Kyle doodde in Irak zeker 160 vijanden, en kreeg een heldenstatus. Zijn bijnaam werd ‘de legende’. De Irakezen noemden hem ‘de duivel van Ramadi’. Anderen zien Kyle als een psychopaat die van grote afstand mensen neerschoot, ook vrouwen en kinderen. Vandaar de bloedrode graffiti-kreet op een billboard voor de film in LA: ‘Moord’.

Kyle zag zijn eigen rol minder zwart-wit. Hoe langer hij vocht, hoe meer hij veranderde. Hij begon als een onverwoestbare commando maar werd een schrikachtige veteraan die zijn heldenstatus afwees en zijn gezin bijna kwijtraakte. „Hollywood fantaseert over oorlog en maakt er iets moois van”, zei hij in 2012, maar: „war sucks” – oorlog is ellende.

Op basis van Kyle’s memoires, American Sniper: The Autobiography of the Most Lethal Sniper in U.S., roept Clint Eastwood de rauwe werkelijkheid op van de moderne oorlogsvoering. De regisseur deed dat eerder in films als Flags of Our Fathers (2006). American Sniper is geen eenduidig heldenepos. De bekende oorlogsheld Dakota Meyer vindt de film extra belangrijk omdat hij aandacht vestigt op ‘de oorlog na de oorlog’. Veel veteranen kampen met post-traumatische stress, verslaving en isolement. „Het is voor ons nooit voorbij”, zei Meyer op CNN. „En ik vind dat deze film dat perfect laat zien.”

Eastwood, een Republikeins boegbeeld, en Cooper benadrukken dat het géén politieke film is. Eastwood noemt het ‘een karakterstudie’. Maar het succes van de film lijkt erop te wijzen dat Amerika toe is aan de verwerking van ‘Irak' en ‘Afghanistan' - nu veruit de meeste troepen zijn teruggetrokken uit die landen. Zoals dat met Vietnam ook begon met de film The Deer Hunter in 1978, drie jaar na de val van Saigon. Daarna volgende filmklassiekers als Apocalypse Now (1979), Platoon (1986) en Full Metal Jacket (1987).

The Wall Street Journal concludeert dat het succes erop wijst „dat het grote publiek, inclusief veteranen en cultureel-conservatieven, zich genegeerd voelen door Hollywood en pas komen opdagen voor films die inspirerend, patriottisch en oprecht zijn.”

Dat lijkt wat overdreven: American Sniper doet het overal goed. Iedereen kan zich vinden in de notie dat oorlog hels is. En dat de Amerikaanse soldaat – naast miljoenen Vietnamezen, Irakezen en Afghanen – het grootste slachtoffer van invasies is.

Kyles leven kende overigens geen happy end. In de film waarschuwt zijn vrouw hem dat hij „niet eeuwig om de vlammen heen kan blijven dansen”. Hij werd in 2013, terug op zijn geboortegrond Texas vermoord door een van de beschadigde veteranen die hij probeerde te helpen.