Twintig wietplantjes in huis? Wegwezen

Mag een burgemeester een vrouw om 242 hennepplanten uit haar eigen huis zetten? Ja, oordeelt de Raad van State.

Politie ontmantelt wietkwekerij.
Politie ontmantelt wietkwekerij. Foto Joyce van Belkom

Opluchting in het gemeentehuis van Emmen. Burgemeester Cees Bijl kan doorgaan met zijn straffe strijd tegen hennepteelt in woonhuizen en bedrijfspanden. De gemeente mag, met de Opiumwet in de hand, woningen drie maanden op slot draaien als daar twintig plantjes of meer staan. Dit gebeurde afgelopen jaar 24 keer in Emmen.

De rechtbank Noord-Nederland schoot dit lik-op-stukbeleid juni vorig jaar nog af en floot de burgemeester terug. Maar dat vonnis moet worden vernietigd, oordeelde de Raad van State gisteren in een beroepszaak die de PvdA-burgemeester had aangespannen. Met de aanpak in Emmen, die is gebaseerd op artikel 13b van de Opiumwet en is overgenomen door andere gemeenten zoals Coevorden en Borger-Odoorn, is juridisch niks mis. Het moet voorkomen dat de onderwereld de woonwijken in kruipt.

Eind mei 2013 sloot burgemeester Bijl van Emmen het huis van een vrouw uit Nieuw-Dordrecht. Ze moest haar sleutels inleveren en kon drie maanden haar eigen huis niet in. In een stacaravan in de tuin waren 242 hennepplanten aangetroffen. Er was eerder geoogst, constateerden agenten, en er werd illegaal stroom afgetapt, ontdekte netbeheerder Enexis. Met alle veiligheidsrisico's van dien.

De eigenaresse, 48 jaar en destijds ernstig ziek, tekende bezwaar aan. Ze had de stacaravan verhuurd, zei ze, en ze wist niks van hennepplanten. De bestuursrechters in Assen gaven haar gelijk. Die vonden ‘dwangsluiting’ „onredelijk”. De eigenaresse had bij zo’n „ingrijpende maatregel” eerst gewaarschuwd moeten worden zoals andere gemeenten doen wanneer ze een handelsvoorraad hennep aantreffen. Alleen bij ‘ernstige gevallen’ volgt onmiddellijke sluiting.

Maar Emmen vond dit geval „ernstig genoeg”. De gemeente met 106.000 inwoners hanteert sinds september 2012 een aanpak zonder waarschuwen. Net zoals in de rest van Nederland wordt de teelt van maximaal vijf hennepplanten gedoogd. Worden er zes tot twintig planten in een woning aangetroffen, dan moet de bewoner een volgende keer een boete betalen. Bij twintig hennepplanten of meer gaat het huis drie maanden op slot, tenzij sprake is van een ‘schrijnende situatie’.

De afgelopen tweeënhalf jaar heeft de gemeente zo’n 60 panden om deze reden ‘dichtgespijkerd’: vijftig huur- en koophuizen en elf bedrijfspanden: een kas, een garagebox. Acht keer werd een voorwaardelijke sluiting opgelegd. Zo’n uitzondering was, vertelt een woordvoerder, een bijstandsmoeder met jonge kinderen die er door een criminele organisatie was ‘ingeluisd’. Zij werd gewaarschuwd en Bureau Jeugdzorg kwam over de vloer.

Voor de aanpak won Emmen juridisch advies in bij Jan Brouwer, hoogleraar algemene rechtswetenschap in Groningen. Met waarschuwen, zegt Brouwer, speel je de georganiseerde criminaliteit in de kaart. „Dan kun je als gemeente first offenders niks maken. Dan gebeurt het dat mensen door een syndicaat worden aangezocht met de vraag: ben je al gewaarschuwd? Niet? Okee, dan kunnen we aan de slag. Dat zie je op andere plekken in Nederland gebeuren.”

De Raad van State gaf Emmen gelijk. Het hoogste bestuursrechtcollege oordeelt dat de aanpak niet onredelijk streng is en wel degelijk ruimte biedt voor een minder strenge maatregel als er sprake is van een schrijnend geval. Burgemeester Bijl is opgelucht: „Dit is een belangrijke uitspraak om de leefbaarheid in woongebieden en op bedrijventerreinen te waarborgen.”

De vrouw uit Nieuw-Dordrecht geeft nog niet op. Begin maart, zegt haar advocaat Robert Eefting, buigen de rechters in Groningen zich opnieuw over de zaak. Dan is de vraag of Emmen geen uitzondering voor haar had moeten maken. „Mijn cliënt is uit huis gezet, heeft haar honden moeten opgeven en is failliet verklaard doordat ze huur misliep. De rechtbank in Groningen moet beoordelen of dat niet schrijnend genoeg is.”