Schaamte is eraf: Griekse ober schrijft bonnetjes uit

Als ik vijf jaar geleden na een gezellige lunch in een taverna om een bonnetje vroeg, zag ik de baas van het eethuis sip kijken. Alsof ik een greep in zijn portemonnee deed en het geld ter plaatse aan de belastingdienst gaf. Om een bon vragen was eigenlijk tegen de Griekse etiquette. Dat was niet gezellig.

Nu krijg ik in Athene op de gekste plekken ongevraagd een uitdraai van de kassa, met datum en btw. Op de markt stoppen ze nog een bon van een euro tussen de tomaten. De schaamte is eraf. Een succesje van de afgelopen regeringen samen met de trojka.

Het scheelt natuurlijk dat de regering heeft besloten dat klanten niet hoeven te betalen als ze geen rekening krijgen. In gebieden waar veel toeristen komen staat dat in het Grieks en het Engels in koeienletters naast de kassa.

De tekst, overgenomen van een overheidswebsite, onderstreept zowel de wil om het probleem aan te pakken, als de omvang ervan. In een van de laatste onderhandelingsrondes met de internationale geldschieters heeft de Griekse regering voorgesteld een loterij te organiseren, waaraan je kunt meedoen met een code, die staat op bonnen van kassa’s die keurig bij de belastingdienst geregistreerd staan.

Ik vat de bonnetjes op als het begin van een cultuurverandering. Belasting betalen hoort erbij, daar hoef je niet meer iedere dag over in discussie. Maar het is alsof de Grieken die ik spreek weigeren vooruitgang te zien. Oppervlakkige veranderingen ja, zeggen ze stuk voor stuk. Maar structureel is er nog weinig verbeterd in Griekenland.

Sterker. De zwarte economie is nog net zo groot als voor 2009, toen de crisis begon. De verleiding om te sjoemelen is juist toegenomen. Nu veel mensen werkloos zijn geraakt, nemen ze nog sneller genoegen met daglonen waarover geen sociale premies worden geheven.

E en man vertelt over de kledingwinkel van zijn vrouw. Een paar maanden geleden kwamen ze erachter dat de winkelmanager jarenlang geen belastingen, waaronder btw, had afgedragen. De schuld aan de staat was opgelopen tot 150.000 euro. Dankzij een slimme accountant met de juiste contacten zijn ze weggekomen met betaling van 31.000 euro: 25.000 voor de belastingdienst en 6.000 onder de tafel voor de inspecteur en de accountant. „Het systeem is hetzelfde, de bedragen zijn lager. Voor de crisis had dat je in totaal zeker 60.000 gekost.”

Sinds kort werk ik ook voor tv. En naar jezelf kijken is soms even schrikken. Tijdens het monteren van een reportage besluit ik onmiddellijk naar de kapper te gaan. Een vriendin heeft het nummer van een goede, Stathis, die ook bij mensen thuis komt. Ik stuur hem een sms’je en hij reageert meteen. De volgende ochtend hebben we een afspraak. Per sms informeer ik of ik een bonnetje kan krijgen. Dat dan weer niet, schrijft hij. Als ik dat wil moet ik naar de salon komen. Dat kost het dubbele.

„Alleen al 23 procent btw”, somt Stathis op terwijl hij me knipt. Hij is welbespraakt en heeft er duidelijk over nagedacht. „Ik begrijp de regering niet. Ieder kind kan op zijn vingers natellen dat je mensen aanmoedigt de belasting te ontduiken als je de belasting verhoogt. Tot meer inkomsten leidt dat niet.” Zijn stem gaat zondag naar het uiterst linkse Syriza, een partij van voormalige communisten. Die van zijn conservatieve schoonmoeder ook, hoewel zij er moeite mee heeft dat partijleider Tsipras niet getrouwd is en niet (openlijk) religieus.

Syriza is socialistisch. Zou die partij niet juist de belastingen verhogen, vraag ik. Is dat niet wat socialisten vaak doen? Bovendien hebben ze aangekondigd keihard op te treden tegen belastingontduiking. Niet heel handig als je de helft van de tijd zwartwerkt als kapper. Stathis recht even zijn rug en denkt. Ik hoor aarzeling in zijn stem, maar hij zegt: „Dan krijg ik er ook wat voor terug. Nu profiteren alleen rijken.”