Hij werd pas op z’n twintigste boven een vuur gemarteld

De gevluchte kroongetuige van de martelpraktijken in Noord-Koreaanse kampen paste deze week zijn verhaal plots aan. Een cadeau voor de Noord-Koreaanse propagandamachine.

foto reuters

Hij gold als de kroongetuige van de helse omstandigheden in de Noord-Koreaanse strafkampen. Geboren als kind van twee politieke gevangenen in Kamp 14, het ergste van allemaal, en pas na een lijdensweg van 23 jaar ontsnapt. Geen andere ontsnapte gevangene kon met meer gezag spreken over de Noord-Koreaanse goelag dan Shin Dong-hyuk (32). En dat deed hij graag, onder meer voor de VN-commissie die vorig voorjaar een geruchtmakend rapport uitbracht over de mensenrechtenschendingen in Noord-Korea.

Maar sinds dit weekeinde kleeft er een smet aan Shin. Een deel van zijn veel aangehaalde verhaal blijkt niet te kloppen. Daardoor rijzen onherroepelijk vragen over de geloofwaardigheid van de rest. Blaine Harden, de Amerikaanse journalist met wie Shin in 2012 een boek publiceerde over zijn leven, ontdekte dat hij zijn vrienden een andere versie vertelde. Vrijdag eiste hij opheldering. „Ik vraag vergiffenis”, zei de Noord-Koreaan aan het eind van hun telefoongesprek volgens Harden.

Vluchtplannen waren anders

Shin zegt nu volgens een verklaring van Harden niet langer dat hij op zijn dertiende werd gemarteld door bewakers die hem ophingen boven een vuur. Dat is volgens hem wel gebeurd, maar pas toen hij twintig was, na een mislukte poging om naar China te ontsnappen.

In het boek had hij gezegd dat die martelpartij plaatsvond nadat hij vluchtplannen van zijn moeder en zijn broer aan bewakers had verraden. Daarop zou hij zelf ook zijn gemarteld, omdat de bewakers hem ervan verdachten te hebben willen meevluchten.

Van Shins eigen mislukte vluchtpoging in 2001 – na vier maanden werd hij opgepakt in China en teruggestuurd naar Noord-Korea – maakte het boek evenmin melding. Bovendien speelde het verraad van zijn moeder en broer, anders dan in het boek vermeld, zich af in Kamp 18, niet in Kamp 14. Shin onthult nu pas dat hij, toen hij een jaar of zes was, met zijn moeder en broer uit Kamp 14 naar het minder strenge Kamp 18 verhuisde. Zijn moeder en broer werden daar na zijn verraad terechtgesteld.

Shin blijkt in 1999 al een eerste mislukte vluchtpoging te hebben gedaan. Pas in 2005 ontkwam hij uit Kamp 14, waar hij toen opnieuw gevangenzat, via China naar Zuid-Korea. Een medevluchteling baande de weg voor hem door op een hoogspanningskabel dood te vallen. Er ontstond een opening en Shin kroop naar buiten.

Ook het verhaal van Shins afgehakte vingertopje is gewijzigd. Nu zegt hij dat zijn mismaakte vinger te wijten is aan martelingen uit 2002, toen hem zijn nagels werden uitgerukt. In het boek zei hij dat het topje er voor straf af was gehakt nadat hij een naaimachine op de grond had laten vallen.

Vervolgen is nu moeilijker

Wat bezielde Shin deze details te verzwijgen? Ook nu nog blijft zijn verhaal immers indrukwekkend. ‘Ieder van ons heeft verhalen of dingen die we liever verbergen’, schreef Shin zaterdag op zijn Facebookpagina. ‘Toch kan ik mijn speciale verleden, dat ik zo graag zou verbergen, niet meer verstoppen en dat wil ik ook niet.’

Volgens Harden zei Shin tegen hem: „Toen ik ermee akkoord ging mijn ervaringen voor het boek te delen, vond ik het te pijnlijk te denken aan sommige dingen die waren gebeurd.”

Voor de Noord-Koreaanse propagandamachine is het intussen een cadeautje. Vorige herfst kwam het regime onder toenemende diplomatieke druk wegens het VN-rapport. De Veiligheidsraad overweegt op het moment om de zaak door te verwijzen naar het Internationaal Strafhof in Den Haag. Die pogingen zullen nu mogelijk op meer weerstand stuiten, met name van China en Rusland.

Het is niet voor het eerst dat Harden door een nieuwe versie van Shins verhaal wordt verrast. Toen hij aan het boek werkte, had Shin aanvankelijk ook voor hem verzwegen hoe hij zijn moeder en broer had verraden.

Maar, zoals Harden maandag betoogde, het grootste deel van Shins verhaal staat nog overeind. De littekens op zijn rug en zijn verminkte vinger spreken boekdelen. Michael Kirby, de Australische voorzitter van de VN-commissie, zei dat de geloofwaardigheid van zijn rapport, dat behalve op het verhaal van Shin berust op de getuigenissen van honderden anderen, niet is aangetast.

Buitenstaanders kunnen intussen alleen maar gissen naar de geestestoestand van iemand die zijn volledige jeugd in strafkampen heeft doorgebracht en naar de mentale littekens die dat achterlaat. In een interview met NRC Handelsblad zei Shin in 2012: „Ik denk niet dat ik ooit een normaal leven zal kunnen leiden.”