Wie bladen verscheurt, versnippert de vrijheid

Illustratie Marian Kamensky

Hossain was een jaar of dertig toen ik hem leerde kennen. Het was het najaar van 1981 en we zaten samen in de cel in de Islamitische Republiek Iran. Zijn broer Hassan zat in de cel naast ons, hun jongste broertje Ali, zat verderop in een isoleercel. Op een donderdagmiddag werden de twee broers weggevoerd. Deze keer niet om gemarteld te worden, maar om afscheid te nemen van Ali. Het was de nacht vóór het vrijdaggebed: de executienacht. We keken samen toe hoe Ali in de buitenplaats werd vermoord.

Het was niet gebruikelijk om van elkaar te vragen waarom je daar zat. Om de tijd te doden, vertelde ik aan Hossain een keer over een toneelstuk dat als kind een grote indruk op mij had gemaakt. Hij bleek de schrijver en regisseur van dat stuk te zijn geweest. Hassan reciteerde gedichten, de meesten uit eigen werk. Het was duidelijk waarom ze daar zaten. Hun geëxecuteerde broertje had waarschijnlijk een grotere misdaad begaan.

Het kwaad kwam uit Parijs. In 1979 keerde Ayatollah Khomeini terug en stichtte een islamitische republiek. Hij verspreidde de nietsontziende haat tegen iedereen die zijn ‘zuivere islam’ niet onderschreef. Tegen de zomer van 1981 verdwenen alle kritische kranten en daarmee de journalisten, cartoonisten, schrijvers en dichters. In die zomer zag je in de steden vaak boeken en tijdschriften op straat liggen. Uit angst verwijderden mensen die ’s nachts uit hun huis. Het surrealistische tafereel deed zich voor dat ze deden alsof ze de boeken niet zagen. Bang dat iemand zou roepen dat het van jou is. In Iran hebben afgelopen week de gemaskerde veiligheidstroepen de herdenking voor de vermoorde cartoonisten van Charlie Hebdo uiteengeslagen. De enige krant die George Clooney citeerde met „Ik ben Charlie” kreeg een verschijningsverbod. Het regime keurde de daden van de terroristen in Parijs af, maar veroordeelde ook „het misbruik van de vrijheid van meningsuiting” door Charlie Hebdo. In 1988 sprak Khomeini een fatwa uit om Salman Rushdi te vermoorden vanwege zijn boek De Duivelsversen. Later dat jaar beval hij om alle politieke gevangenen die niet bekeerd waren tot de „zuivere islam” uit te roeien. Tussen de 5 en 20 duizend politieke gevangenen werden geëxecuteerd en in massagraven gedumpt. De huidige minister van Justitie van Iran, Mostafa Pourmohammadi, is een van de drie commissieleden die beslisten wie mocht blijven leven en wie niet. Van de twee broers, Hossain en Hassan, is sindsdien niets meer vernomen.

, cultureel psycholoog

    • Keyvan Shahbazi