We willen het liefst een baas die niet te bazig is

Foto HH

De oude baas is niet meer. De man in (drieknoops) pak die met “meneer” en “u” moet worden aangesproken. Wiens kamerdeur alleen door hemzelf of zijn secretaresse mag worden geopend. Op wie geen werknemer uit zichzelf af durft te stappen tijdens de nieuwjaarsborrel. Sterker nog, over een paar jaar hebben bedrijven wellicht geen ‘echte’ baas meer.

Dat is de belangrijkste uitkomst van het Nationaal Leiderschapsonderzoek. Dat werd uitgevoerd door Initial Concept in opdracht van opleidingsinstituut De Baak, pr-bureau Winkelman Van Hessen en NRC Q. 432 mensen - zowel leiders als werknemers - deden mee. De centrale vraag: hoe ben je een goede leider? Tien topmannen- en vrouwen, onder wie TravelBird-oprichter Symen Jansma, ondernemer John Fentener van Vlissingen en Dell-bestuurder Jeanine Peek, werden uitgebreid geïnterviewd.

De beste baas, zo blijkt uit het onderzoek, is zo min mogelijk baas. En man.

“Je hebt een oude en jonge stijl van leiding geven. Oud is meer directief, hiërarchisch. Vertrouwen moet je winnen in plaats van krijgen. Jong is begrijpen wat de mens drijft en daar je organisatie op enten. Zo veel mogelijk vrijheid en verantwoordelijkheden creëren.” – Symen Jansma (41), oprichter TravelBird

Dit zijn de 4 belangrijkste conclusies:

1. We zijn tevreden met de baas

De Nederlandse werknemer is redelijk tevreden met zijn leidinggevende. Gevraagd naar een rapportcijfer krijgt de baas gemiddeld een 6,8. De baas zelf is aanzienlijk meer tevreden: die geeft zichzelf een 7,6.

2. We willen het zelf regelen

De reden voor die redelijke cijfers? Daarover zijn zowel de deelnemers aan het onderzoek als de geïnterviewde topmannen- en vrouwen het eens: vertrouwen.

Was charismatisch leiderschap een paar jaar terug nog populair, tegenwoordig willen werknemers vooral een baas die hen als gelijke behandelt. “Mensen werken veel autonomer”, zegt Reynier van Bommel (40), algemeen directeur van schoenfabrikant Van Bommel. Hij is de negende generatie binnen het familiebedrijf.

“Tussen mij en oudere generaties is enorm veel veranderd. Tegen mijn opa zeiden ze meneer Van Bommel. Tegen mijn vader meneer Frans. En tegen mij zeggen ze Reynier. Dat zegt iets over mijn stijl van leidinggeven.”

Minder hiërachie, meer beslissingen uit handen geven. Al betekent dat ook dat meer van werknemers wordt verwacht. Bijvoorbeeld dat zij ‘s avonds en in het weekend bereikbaar zijn, zo geeft ruim een kwart van de ondervraagden aan. Maar vertrouwen werkt ook de andere kant op.

“Leiding geven is het beste uit anderen halen. Dat betekent dat je niet altijd bezig moet zijn met jezelf. Dat vraagt een bepaalde volwassenheid.”- Erik Akerboom (53), de hoogste ambtenaar bij het ministerie van Defensie

3. Toch hebben veel mensen liever een oudere baas

Alsnog heeft 39 procent van de werknemers nog altijd liever een oudere dan een jongere baas. Waarom? Jonge leidinggevenden zijn meer met hun eigen carrière bezig, zegt de helft. “Ze hebben iets meer last van testosteron, onzekerheid en bewijsdrang”, stelt topambtenaar Erik Akerboom.

“Maar daardoor hebben ze wel veel drive.”

4. We willen meer vrouwen in de top

Zowel onder leidinggevenden als onder werknemers zegt een meerderheid meer vrouwen in de top van het bedrijf te willen. Want: “Dat is een betere afspiegeling van de maatschappij.” Tegelijkertijd heeft bijna 20 procent van de werknemers liever een mannelijke leidinggevende en is een quotum aan diezelfde top weinig populair.

“Het is te makkelijk te zeggen dat het door vrouwen zelf komt. Als een vrouw parttime wil gaan werken dan is dat haar eigen keuze, maar dat zijn over het algemeen niet de vrouwen die een leidinggevende functie nastreven. De groep vrouwen die dat wel wil, zou dezelfde kansen moeten krijgen als mannen.” - Kajsa Ollongren (47), wethouder Amsterdam

Een quotum is een last resort, zegt de Amsterdamse wethouder Kajsa Ollongren. “Je wilt als vrouw niet worden benoemd omdat je een vrouw bent. Je wilt worden benoemd omdat je de beste kandidaat bent.” Al blijkt in de praktijk vaak nog iets anders mee te spelen: herkenbaarheid.

“Als je allemaal mannen in een team hebt zitten, dan zullen zij andere mannen kiezen“, zegt Reynier van Bommel. “Wat je niet hebt of herkent, ga je niet aannemen.” De beste of niet.