Opinie

Mooie productie

Ik meldde me in het ziekenhuis voor een vruchtbaarheidstest. Voor de tweede keer alweer want de eerste keer had ik geen doorzichtig potje bij me en dat diende ik vooraf toch echt zelf aan te schaffen bij drogisterij of apotheek.

„De tijd dat we zoiets verstrekten ligt ver achter ons”, had een medewerkster me gezegd. „U heeft gehoord van de bezuinigingen?”

„Nog niet van deze”, antwoordde ik naar eerlijkheid.

Maar goed, ik was terug, met doorzichtig potje. Het vullen van het potje moest ter plekke gebeuren, dat had de assistente van de huisarts met pen onderaan de informatiebrief geschreven. ‘Ter plekke produceren s.v.p.’

De jongen voor me bij de balie, een knaap van een jaar of dertig in een houtje-touwtjejas had al geproduceerd. „Zo”, zei hij, terwijl hij zijn potje op de balie zette. „Gebeurd.”

Een vrouw in een witte jas – ze kon veertig zijn, maar ook vijftig – pakte het potje, noteerde iets op een formulier en zei: „Mooie productie.”

Het leek me bedoeld als een compliment, ze bedoelde waarschijnlijk: daar kunnen we hier wel iets mee. Maar het kon natuurlijk ook dat ze het standaard zei om de mannen gerust te stellen. Toen de jongen zich omdraaide en weg liep zag ik hem van voren en bedacht ik me dat het misschien een waardeoordeel was. Zo van: dat valt mee, want voor de rest maakte hij een wat slome indruk.

Ik was.

Ik noemde mijn naam, gaf mijn ponspasje en liet mijn potje zien.

Ze ging me voor naar een kamertje. „De productieruimte”, grapte ik, maar daar werd verder niet op gereageerd.

Er waren een leren bankstel, een wandmeubel met twee laden en er was een wasbak. De vrouw van onbestemde leeftijd adviseerde me de deur op slot te draaien. In het wandmeubel lagen twee tijdschriften: een Playboy en een Ferry, ze zagen er goed gelezen uit.

Het potje was nog niet vol toen er werd geklopt. „Ja?”

„Stoor ik?”

„Ik ben nog aan het produceren”, zei ik.

„Ik heb ook geproduceerd”, zei de stem. „Ligt mijn telefoon daar nog?”

„Nee.”

„O shit, sterkte verder nog.”

Verder gebeurde er niets bijzonders.

„We gaan ermee aan de slag”, zei de mevrouw van de balie toen ik mijn potje afgaf. De kwalificatie ‘mooie productie’ bleef achterwege. Op de vraag ‘hoe was het?’ antwoordde ik: „Geen bijzondere productie, ze gaan ermee aan de slag.”