IMF: lage olieprijs houdt groeivertraging niet tegen

Ondanks de dalende olieprijs schroeft het IMF zijn prognose voor de wereldeconomie terug. Zelfs de lage euro helpt de eurozone onvoldoende.

Ondanks de impuls die de dalende olieprijs geeft, zal de wereldeconomie dit jaar en volgend jaar minder hard groeien dan verwacht. Dit stelt het Internationaal Monetair Fonds (IMF) vandaag in een update van zijn voorspellingen voor de wereldeconomie, de zogenoemde World Economic Outlook.

De wereldeconomie zal in 2015 groeien met 3,5 procent, en dat is 0,3 procentpunt minder dan het IMF in oktober vorig jaar nog voorzag. In 2016 groeit de wereldeconomie met 3,7 procent. Ook dat is een afwaardering met 0,3 procentpunt.

Hoofdeconoom Olivier Blanchard sprak vanmorgen van een „gecompliceerd beeld” van de wereldeconomie. Importeurs van olie krijgen een impuls van de olieprijs, die is gedaald van 115 dollar per vat afgelopen zomer naar onder de 50 dollar vanmorgen. Exporteurs van olie lijden daar juist onder. Hetzelfde geldt voor de meeste andere grondstoffen, waarvan de prijzen fors zijn gedaald.

Japan en de eurozone, waarvan de munten flink dalen ten opzichte van de dollar, profiteren van de lagere waarde van hun valuta, die hun exportpositie verbetert. Maar de VS en landen die hun munt in meer of mindere mate hebben gekoppeld aan de dollar, hebben last van de stijging van de Amerikaanse munt.

De grootste tegenvallers ziet het IMF bij China, waarvan de groei onder de 7 procent zal duiken, en Rusland, waarvan wordt verwacht dat zijn economie in 2015 met 3 procent zal krimpen en in 2016 met 1 procent. Blanchard wijst er echter op dat veel landen nog steeds de „littekens” dragen van de financiële crisis van 2008 en daarna. De potentiële groei, de ‘kruissnelheid’ waarmee de economie kan groeien, is nog steeds lager dan vóór de crisis.

Die inschatting sluit aan bij de zeer sombere stemming die afgelopen oktober uit de World Economic Outlook bleek. Het IMF roept vooral de industrielanden op om structurele hervormingen op hun arbeids- en productmarkten door te voeren, die volgens de organisatie de potentiële groei kunnen opschroeven.

De inflatie blijft intussen zeer laag. Het IMF dringt aan op een blijvend „accomoderend” monetair beleid van de centrale banken om te voorkomen dat deflatie, het structureel dalen van de prijzen, postvat.

De lagere olieprijs is volgens het IMF een goede gelegenheid om energiesubsidies af te bouwen. Algemene subsidies moeten worden verminderd, ten gunste van subsidies die de armste bevolkingsgroepen beschermen, en ten gunste van een beter begrotingssaldo en investeringen in infrastructuur. Neerwaartse risico’s voor de voorspelling vloeien vooral voort uit mogelijke onrust op de financiële markten.