Knoepertje hard doorrammen

Een wedstrijd op de ergometer is afzien. „Je lichaam schreeuwt voortdurend: stop’’

Veel indoorroeiers zijn op de NK in Amsterdam de uitputting nabij. Als het om vermogen gaat is de ergometer meedogenloos. ‘Maar stoppen is geen optie.’
Veel indoorroeiers zijn op de NK in Amsterdam de uitputting nabij. Als het om vermogen gaat is de ergometer meedogenloos. ‘Maar stoppen is geen optie.’ Foto’s Rien Zilvold

Hij hangt minutenlang met zijn hoofd boven de afvalbak. Helemaal opgesloten in zijn malaise. Een sportfanaat, vertellen z’n trotse ouders op gepaste afstand. Jules deed aan rugby en nu is roeien zijn passie. Hij traint acht keer per week bij de Amsterdamse roeivereniging Nereus, waar hij in een ‘acht’ of een ‘vier’ zit. Alleen op zondag heeft hij vrij.

Tweeëntwintig is hij, student economie aan de UvA, in de kracht van zijn leven dus, maar nu moet het gespierde lijf van twee meter door een flinke afvalbak worden gestut. Kotsmisselijk. ‘Hou Nederland schoon’, staat erop. „Er is heel wat uit gekomen”, geeft Jules toe als hij na een minuut of 25 weer tot leven is gekomen. „Het beroerde is dat ik steeds vergeet hoe slecht ik me de vorige keer heb gevoeld. Je lichaam schreeuwt voortdurend: ‘stop ermee’. Maar stoppen is geen optie, want dan ben je voor eens en voor altijd een grens overgegaan.” Zijn tijd: ‘zes veertien’, achtste plek. Alles gegeven, maar de laatste ‘driehonderd meter’ ging het niet meer.

Jules Bronk is niet de enige die er doorheen zit in de uitroeizaal van de Sporthallen Zuid in Amsterdam. In de zogeheten kiss and cry area, daar waar deelnemers na de race in discrete afzondering hun vreugde, verdriet en ellende kunnen delen met ouders en coaches, is een constante aanvoer van getekende en uitgeputte droogroeiers. Ze liggen op massagetafels, hangen in zitzakken of fietsen nog wat uit op de hometrainer. Als galeislaven hebben ze er alles uit moeten persen. Ergometeren is niet ‘leuk’, zeker niet leuker dan roeien op het water. Want daar snakt iedere roeier in deze donkere en koude wintermaanden naar: naar de frisse wind, naar de vrijheid van de Bosbaan.

Helemaal kapotgaan hoort bij de NK Indoorroeien dat afgelopen zaterdag voor de 25ste keer werd gehouden door de Amsterdamse Studenten Roeivereniging Nereus in samenwerking met de roeibond. Begonnen als een lustrumfeestje is de NK uitgegroeid tot een sportevenement met bijna vijftienhonderd deelnemers. De lustrumeditie heeft zaterdag internationaal cachet: er doen twintig verschillende nationaliteiten mee aan het toernooi dat tevens het ‘Euro Open’ is. Het toernooi is er in allerlei categorieën, ingedeeld naar leeftijd en gewicht. Er doen veel getalenteerde verenigingsroeiers mee, eerstejaars ook en leden van sportscholen.

Pasta eten

Voor de junioren is het indoortoernooi een verplicht meetmoment voor de WK later dit jaar in Rio de Janeiro. Bente Paulis (17) uit het Overijsselse Gramsbergen hoeft zich geen zorgen te maken. Ze wint in een tijd van 7, 86 minuten. Haar voorbereiding: pasta eten en veel water drinken. „Maar ik zit veel liever in een bootje.” De nationale top ontbreekt, die heeft dit jaar z’n eigen ‘meetmomenten’.

Het gevecht op de roeimachine gaat over twee virtuele kilometers. In de wedstrijdhal sjorren de deelnemers met verhitte koppen aan het vliegwiel, terwijl hun lichaam heen weer over het toestel schuift. Ergometeren is racen tegen jezelf, zonder dat je ergens naar toe gaat.

De computer registreert alles, het publiek kan op een groot scherm de positie en tijd van de roeiers op de voet volgen. Het gevecht is live te volgen via tablet, smartphone en pc.

In de wedstrijdzaal schreeuwen de supporters zeker de laatste honderden meters van elke race zich de longen uit het lijf. Ze zijn uit het hele land gekomen, sommigen in het verenigingskostuum van Nereus, Laga, Aegir, Triton.

Het organiserende Nereus heeft van de NK een geoliede show gemaakt, met cheerleaders, lichteffecten en speakers die het publiek opzwepen, zoals aan het einde van de dag als de lichte vrouwenteams (eerste jaars) van Gyas en Triton een zenuwslopend secondenduel om de eerste plaats uitvechten. Kortom: de NK Indoorroeien is het ingetogen sfeertje van de trainingszaal ruimschoots ontstegen.

Meedogenloos

De ergometer speelt in het roeien een belangrijke rol: als trainingsapparaat, maar ook al meetinstrument. In het roeien gaat het om techniek, maar ook om pk’s en als het om vermogen gaat is de ergometer meedogenloos. Meedoen aan een wedstrijd is vooral heel ‘confronterend’, zegt iedereen. Jules Bronk: „Het is verschrikkelijk. Je ziet het resultaat van elke haal. Maar zo’n wedstrijd is ook een mooi meetmoment. Je kunt je teamgenoten en je coach laten zien hoe diep je kunt gaan, hoe je kunt pieken op momenten dat het moet. Dat geeft vertrouwen. Op het water zie dat niet van elkaar.”

Henk Jan Schuijt, een 22-jarige student medicijnen uit Utrecht, vindt het ergometeren veel zwaarder dan roeien op het water. „Het is gewoon knoepertje hard doorrammen. Met techniek heeft het niets maken, het is puur fysiek en mentaal. De laatste driehonderd meter gaat er geen bloed meer naar je hoofd en zie je zwart. Het is een prestigedingetje. Je kunt zien wie de sterkste jongen is.” De boomlange roeier van Orca is in zijn klasse tweede geworden met een tijd van zes minuten en twee seconden.

Wat het hoogtepunt van de NK had moeten worden, gaat op het allerlaatste moment niet door: de ‘gigantenstrijd’ tussen topskiffeur Roel Braas en talent Stef Broenink van het Leidse Njord, ook een krachtpatser. Braas is uit het indoorroeien voortgekomen en doet nog altijd graag mee aan de NK. Maar de voormalige hovenier uit Noord-Holland, die vorig jaar het Nederlands record op 5 minuten en 43,7 seconden bracht, trekt zich terug. Pijntje in de rug, „alsof iemand keihard met zijn duim op mijn schouders drukt.” Heeft hij ook wel eens last van op „wiebelig water”. Zijn moeder had zijn rug nog wel met zalf ingesmeerd. Broenink voelt zich verweesd zonder zijn concurrent en wordt Nederlands kampioen. „Dit is wel een suffe manier van kapotgaan”, bekent hij.

De voormalige roeier van de Holland Acht ziet het indoorroeien als „een investering” om weer terug te keren in de nationale top. Het blijven evenwel twee verschillende disciplines. Indoorroeiers slagen met hun vermogen lang niet altijd op het water.

Bewegingsfysioloog Henk-Jan Zwolle, oud-roeier en lid van de ‘gouden’ Holland Acht van 1996: „Het gaat er uiteindelijk om dat je je vermogen weet om te zetten in snelheid. Dat is het kunstje dat ons roeiers bezighoudt”