Iets vermoeid Krafwerk herpakt zich zondag met elegante nostalgie tijdens uitvoering album ‘Trans-Europe Express’

Acht avonden spelen de vier muzikanten van Kraftwerk in Paradiso, Amsterdam. In slagorde staan ze opgesteld achter hun met neon omlijnde consoles, tegen een achtergrond van grootse 3D-projecties. Wie zich afvraagt wat de vier mannen achter de kastjes precies doen, kan ze vanaf het balkon op de vingers kijken.

Vanaf daar is te zien wat er aan sequencers, drumcomputers en digitale synthesizers in de consoles is ingebouwd.

Bovendien is vanaf daar te zien dat de muzikanten in hun gestroomijnde catsuits en astronautenschoenen een onderlinge verdeling hebben, vergelijkbaar met een ‘gewone’ band. Eén zorgt voor het ritme, een voor de bassen, een voor de (bliep-)effecten en een – Ralf Hütter – is verantwoordelijk voor het grootste deel van de melodie. Onderdeel van de Kraftwerk-ideologie is dat er geen voorman is, de groep streefde sinds haar oprichting naar een egalitaire presentatie. Maar hoe subtiel ook, Ralf Hütter heeft de leiding. Hütter, het enige oorspronkelijke lid, zingt en speelt de toonaangevende akkoorden op zijn keyboard.

In de achtdelige reeks concerten die Kraftwerk in Amsterdam geeft, waren zaterdag en zondag gewijd aan Radio-Activity (1975) en Trans-Europe Express (1977). Zaterdag had een iets minder alerte stemming dan de première op vrijdag. Hütters stem kwam soms moeizaam door, en zijn houding was die van een licht vermoeide robot. De nummers van Radio-Activity, die draaien om de thema’s radio en radioactiviteit, werden in grafische afbeeldingen en projecties ondersteund, met onder meer een anti-reclame voor radioactiviteit in grote fluorletters. Zondag was poëtischer.

De liedjes van Trans-Europe Express neigen naar nostalgie naar het oude, elegante Europa; in stemmig zwart-wit paradeerden goed geklede heren over het scherm tijdens het nummer Showroom Dummies. Het thema van een uitgestrekt Europa kwam terug in Europe Endless en in de eindeloos over het scherm kronkelende trein.

De avonden beginnen met een volledig uitgevoerde lp, en daarna volgen tracks van andere albums; The Model, Computer Love, Spacelab en een ijselijk helder Tour de France komen elke avond langs. The Model zorgt voor opwinding in de zaal, en steeds is er applaus tijdens Spacelab als een vliegende schotel vanuit de ruimte landt in Nederland, naast een gestileerd Paradiso.

Grappig zijn de solo’s waarmee de groep elk optreden afsluit. Die korte geïmproviseerde uitspattingen zijn mooi in contrast met de strak geregisseerde muziek die ze verder maken. Waarschijnlijk om de kritiek op voorgeprogrammeerde muziek vóór te zijn, laten de vier om de beurt horen dat ze wel degelijk live spelen. Als laatste blijft Hütter op het toneel over. Hij speelt solo, buigt naar de zaal en sluit af met „Bis morgen”.