Het failliet van de doodstraf

‘De doodstraf is afgeschaft. Niemand wordt tot een dergelijke straf veroordeeld of terechtgesteld.” Artikel 1 van Protocol 6 van het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens is van een verfrissende eenvoud. Maar deze (Europese) regel kon de Nederlandse burger Ang Kiem Soei, veroordeeld wegens drugshandel, niet redden. Net zo min als de levens van vijf anderen, onder wie vier buitenlanders uit Nigeria, Malawi, Vietnam en Brazilië. Zij vielen zaterdag voor een vuurpeloton. Indonesië kent een zeer strenge drugswetgeving en hervatte vorig jaar de executies. Het land was er onder internationale druk vier jaar mee gestopt, maar wil – op zich toe te juichen – na een recente machtswisseling beter leven naar de letter van de eigen wet.

Nederland, de EU en Brazilië hebben zich zeer ingespannen de executies te voorkomen. De Braziliaanse en de Nederlandse ambassadeur zijn nu ‘voor overleg’ uit Jakarta teruggeroepen. De tijdelijk zaakgelastigde voor Indonesië is nog op zondag ontboden door minister Koenders (Buitenlandse Zaken, PvdA). De premier schreef eerder een brief aan president Widodo over de dreigende executie. En de koning belde op de valreep met de president, om clementie.

Diplomatiek zijn dus alle signalen gegeven die een verkoeling in de relatie aankondigen. De minister zei vanochtend nog over stappen tegen Indonesië te zullen beslissen. Brazilië ligt op dezelfde koers. De Braziliaanse president Rousseff zei verontwaardigd en ontzet te zijn. Zij acht de relaties met Indonesië aangetast.

Dan is het nu dus tijd om de knopen te tellen. Dat de doodstraf verwerpelijk is, hoeft geen betoog. Maar hoe zwaar mag dat wegen? Indonesië boekte de afgelopen jaren democratische vooruitgang. Het land koos een president die niet uit de machtselite komt. Met Nederland is door de eigen economische groei geen ontwikkelingsrelatie meer. Dat leidde tot meer zelfbewustzijn en autonomie aan Indonesische zijde. En terecht. De Nederlandse invloed is er alleen niet door gegroeid, zo bleek de afgelopen weken duidelijk.

Hoe kan Den Haag nu beleefd aan Jakarta vertellen dat de praktijk van executies het land in een moreel isolement brengt? Bijvoorbeeld door uit te leggen dat er juist géén wetenschappelijk bewijs is voor de effectiviteit van de doodstraf. Dat in de praktijk de doodstraf vooral zwakkere groepen treft. Dat absolute zekerheid over schuld bij een absolute straf een illusie is. En dat levenslang de samenleving óók beveiligt. Een brede coalitie tegen de doodstraf is gewenst. Die zou gebaseerd kunnen zijn op het belonen van landen die de doodstraf opschorten of afschaffen. Eerder dan op het straffen van landen die ermee doorgaan. Dat leidt meestal tot weinig.