Ga door Dijsselbloem, laat de geldlobby schokken zelf keren

Irritatie is een slechte leidraad. Minister Dijsselbloem (Financiën, PvdA) hekelde zaterdag in NRC Weekend de lobby van de financiële wereld, banken, verzekeraars, pensioenfondsen en hypotheekverstrekkers, tegen de maatregelen en de voorstellen van het kabinet om herhaling van de kredietcrisis van 2008 te voorkomen.

Op hun beurt reageren woordvoerders van genoemde financiële bedrijven vandaag in deze krant met verbazing en enige irritatie op de minister. De irritatie gaat verder en geldt ook, zo blijkt al een tijdje in de wandelgangen, het strengere toezicht van de controleurs, de Autoriteit Financiële Markten en De Nederlandsche Bank. Daarvoor is Dijsselbloem politiek verantwoordelijk. Het toeval wil dat, ook op zaterdag, commissaris Henk Breukink van financieel concern ING in Het Financieele Dagblad zei dat „nóg meer regels, nóg strengere externe toezichthouders” en politici die zich afzetten tegen de financiële sector, de samenleving niet verder brengen.

De ergernis over en weer zegt drie dingen. Kennelijk is de lobby van de financiële wereld, die na de crisis met name bij de banken verlamd was door interne tegenstellingen, nu weer eensgezind en krachtig. Het is ieders recht, van bedrijfsleven én burger, om zijn commerciële belangen onder de aandacht van politici te brengen. Zoals het ook een goede zaak is dat Dijsselbloem daar als minister zijn mening over geeft. De minister moet immers boven de commerciële belangen van financiële partijen staan en het algemeen belang zo effectief mogelijk behartigen.

De tweede conclusie is dat de voorstellen en maatregelen er nu kennelijk om spannen. Dijsselbloem heeft met zijn waarschuwende woorden en maatregelen nog steeds de geschiedenis aan zijn kant. De bankencrisis van 2008, die zijn oorsprong vond in uitbundige kredietverlening en tekortschietende risicobeheersing, heeft desastreuze schade aangericht. De minister maakt bovendien de goede opmerkingen over de noodzaak dat ook de verzekeraars hun financiële positie drastisch moeten versterken. Nederland én Europa moeten niet doorslaan naar maatregelen waarin de financiële sector wordt afgeknepen, maar zo ver is het nog niet.

De derde conclusie is dat alle overheidsmaatregelen samen ertoe moeten leiden dat de financiële wereld toekomstige schokken op eigen kracht kan en zal opvangen. Maar het kan ook economisch pijn doen. De noodzaak van hogere buffers voor financiële bedrijven, de voortzetting van de huiver om risico’s te nemen én de limitering van woningkredieten kunnen nadelig uitpakken voor de economische groei. Dat is dan de prijs die Nederland betaalt. Daarvoor moet Dijsselbloem ook durven waarschuwen.