Emigratie? Polen is ook immigratieland

Langzaam maar onmiskenbaar wordt Polen een immigratieland. Vooral bij Oekraïners is werken in Warschau populair.

Oekraïners helpen Poolse boeren bij de oogst in Piaseczno, niet ver van Warschau. De populariteit van Polen als bestemming voor arbeidsmigranten stijgt jaar na jaar.
Oekraïners helpen Poolse boeren bij de oogst in Piaseczno, niet ver van Warschau. De populariteit van Polen als bestemming voor arbeidsmigranten stijgt jaar na jaar. Foto WITOLD KRASSOWSKI/CZARNY KOT

Nikolaj Savtsjenko (21) stapt naar buiten door de gietijzeren deuren van de Oekraïense Grieks-katholieke kerk in de statige Honingstraat. Hij wil roken. Het keurig witgekalkte gebedshuis puilt uit tot aan de trapjes, maar Savtsjenko heeft geen aandacht voor de priester onder de gladgeboende luchter in klatergoud. Hij is hier om te netwerken en geld te verdienen. De kerk is een van de voornaamste pleisterplaatsen voor het groeiende contingent Oekraïners in Warschau. In het voorportaal heeft hij zijn krantenstalletje. Ertegenover hangt een prikbord vol advertenties: poetsvrouwen en klusjesmannen gezocht.

Oekraïners, Wit-Russen en Moldaviërs. Al geruime tijd komen de oostelijke buren in groten getale naar Polen om te doen wat Polen in West-Europa doen: de banen oppikken die de lokale inwoners schuwen.

Polen is nog steeds een emigratieland – vertrekkers zijn veel talrijker dan permanente nieuwkomers. Maar de populariteit van het land als bestemming voor arbeidsmigranten stijgt jaar na jaar. Eind 2013 kregen 172.000 Oekraïners, de grootste groep immigranten, een eerste verblijfsvergunning . Bijna de helft meer dan in 2012. De uitbraak van het conflict in het oosten afgelopen jaar belooft die trend te versterken.

Savtsjenko kwam recent uit Slavjansk, in de regio Donetsk. Hij werkt door de week als bouwvakker. Zijn mening over Polen? „Geen goed land.” De lonen zijn laag in vergelijking met West-Europa en de VS. Veel warmer dan thuis is het hier ook al niet en hij woont in een slecht pension. „Maar het is wel het EU-land dat het makkelijkst visa verleent aan Oekraïners.” Sinds 2009 krijgen inwoners van de post-Sovjetstaten van het zogeheten Oostelijk Partnerschap met de EU zonder veel formaliteiten de mogelijkheid zes maanden te werken in Polen.

Gemene blikken

„Polen noemen ons broeders”, lacht Savtsjenko. Een nauw aanleunende geschiedenis, taal en tradities maken het contact makkelijk. Bovendien zijn Oekraïners moeilijk te onderscheiden van autochtonen. „Soms krijgen we op een bus wel gemene blikken als we Oekraïens praten”, zegt Galina Moroz (45) in de kelder van de kerk, waar de parochianen na de mis koffiedrinken en taart eten. „Of de kaartjesknipper vraagt onmiddellijk ook onze paspoorten.” Maar de ervaringen van werkster Moroz zijn na meer dan een decennium in Polen vooral positief. Toen ze kanker kreeg, liet haar huisbaas haar twee jaar gratis wonen. Het advocatenkantoor waar ze poetste had voor een goeie verzekering gezorgd, regelde een inreisvisum voor haar man en stopte haar extra geld toe. „Polen gaf me een tweede leven.”

Maar, zegt haar vriendin Oksana Vovk (40): „Er zijn er ook velen die geen respect hebben voor Oekraïners. Ze willen dat je twaalf uur aan één stuk poetst en geven je zelfs geen glas water.”

„Gecultiveerde Polen geven het niet graag toe, maar veel mensen kijken neer op Oekraïense poetsvrouwen”, zegt Agnieszka Lokaj (42), een Poolse lerares Engels. Zelf is ze gaandeweg vrienden geworden met enkelen van haar Oekraïense werksters. „Uiteindelijk denk ik wel dat dit een gemeenschap is die gemakkelijk met de samenleving versmelt.”

Toch: naarmate de aantallen stijgen, ligt ook populisme op de loer, vreest demograaf Maciej Duszczyk, voorzitter van de raad die de president adviseert inzake migratie. „Het debat over buitenlanders die onze banen stelen, is er nog niet in Polen. Maar ik weet zeker dat het zal opduiken, dit jaar of volgend jaar.” In een enquête uit 2013 antwoordde 67 procent van de ondervraagden dat migranten uit Afrika, Azië en Oost-Europa geen aanmoediging moeten krijgen om zich in Polen te vestigen.

Toch kan Polen, met zijn sterk krimpende bevolking, juist meer migranten gebruiken. De hoge emigratie en het op een na laagste geboortecijfer van de EU bedreigen de economie en de sociale zekerheid. Duszczyk en zijn collega’s overdenken in alle stilte het versoepelen van de strenge Poolse migratieregels. Zo zouden buitenlanders na een jaar werken een verblijfsvergunning voor vijf jaar moeten kunnen krijgen, oppert hij.

Maar hij wil wel dat Polen het anders aanpakt dan West-Europese landen, die zonder ontwikkeld integratiebeleid migranten ontvingen uit voormalige kolonies en Noord-Afrikaanse en Turkse gastarbeiders aantrokken voor zieltogende industrietakken. „Wij wensen te leren van de fouten in landen als Nederland. Groepen van duizenden immigranten aan de rand van de samenleving willen we niet”, zegt Duszczyk. „Wij willen het omgekeerd aanpakken. Niet velen laten binnenkomen en dan integreren, maar eerst een integratieplan uitwerken, dan een aantal migranten uitnodigen en daar weer uit leren.”

Vietnamese diaspora

Echte veelkleurigheid lijkt in Polen, een van de etnisch homogeenste staten van Europa, nog veraf. Voor migratie uit andere regio's dan het Nabije Oosten of het rijke Westen is de appetijt beperkt. Uitzondering is een Vietnamese diaspora met wortels in communistische tijden. Andere groepen blijven een merkwaardige, soms onwelkome verschijning. Het land van meer dan 38 miljoen inwoners beloofde tot nog toe slechts honderd Syrische vluchtelingen op te nemen.

En, zegt Asier Rios, een Spaanse twintiger die voor Google in Wroclaw werkt: „Zelf heb ik niets dan goede woorden voor deze stad, maar zwarte vrienden van me krijgen racistisch commentaar en een van hen werd aangevallen in een discotheek.”

Racisme is een woord dat John Godson, een van de twee volksvertegenwoordigers van Afrikaanse afkomst in het parlement, liever vermijdt. „Ik zou het liever lage interculturele competentie noemen”, zegt de goedlachse ex-predikant. „Veel Polen hebben nooit contact gehad met mensen uit andere culturen. Daarom waren ze eerder argwanend, maar dat verandert sinds de EU-toetreding.”

Aanvaarden Polen straks dan ook meer moslims in hun midden? Godson: „Dat zal moeilijk zijn.” De huidige gemeenschap van slechts 20 tot 40.000 mensen heeft het lastig. „Racisme is overal”, zegt imam Sami Kandil van het Islamitische Cultuurcentrum, een omgebouwd huis langs een drukke stadssnelweg in Zuid-Warschau. „Sommige Polen komen hier demonstreren, anderen vallen moslims en moskeeën aan.” In 2013 werd in het noordelijke Gdansk een moskee in brand gestoken. Een Poolse Facebook-pagina „tegen de islamisering van Europa” haalt bijna 192.000 likes.

De vrees voor confrontatie tussen verschillende gemeenschappen in een toekomstig multicultureler Polen, noopt volgens demograaf Duszczyk tot extreme voorzichtigheid. „Ik kan me wel voorstellen dat we meer Vietnamezen of Indiërs uitnodigen, maar ik denk dat we ons zullen concentreren op het Oostelijk Partnerschap. En indien we meer immigranten willen uitnodigen, moeten we heel erg goed voorbereid zijn.”