Weg met de zuipende kameraden

‘Nee, nee, geen foto’s maken van deze lunch, ik wil geen moeilijkheden”, riep mevrouw Li van het Provinciale Tumor Ziekenhuis in Changsha bezorgd. Als hoge partijfunctionaris in het grootste hospitaal van de provincie Hunan weet zij heel goed dat kiekjes op sociale media van een lunch met alle lokale heerlijkheden wel eens een hele verkeerde indruk zouden kunnen maken.

„Waarom maak je foto’s, het is toch eenvoudige maaltijd zonder drank en wijn?”, voegde zij eraan toe, terwijl zij uit beeld liep. De enige reden dat ik naar irritant Chinees gebruik de gerechten fotografeerde, was dat het om Mao Zedongs lievelingseten ging. Mijn gastvrouw, hoofd van de propaganda-afdeling en plaatsvervangend partijsecretaris, stond erop dat de beelden werden gewist. Ach ja, waarom niet?

Het was, medio vorig jaar, het moment waarop mij duidelijk werd dat de anticorruptiecampagne van partijleider Xi Jinping geen propagandastunt was en dat de jaren van de nieuwe soberheid waren aangebroken. Opeens droogden de uitnodigingen voor lange lunches, uitputtende diners en extravagante banketten met haaienvinnensoep op. Grote nieuwjaarsrecepties werden afgelast en nu in de aanloop naar het Chinese Nieuwjaarsfeest is de spoeling dun.

Bij de Chinese kameraden (de aanspreekvorm is in ere hersteld) zit de angst voor de discipline-inspecteurs er inmiddels diep in. Ruim 100.000 partijfunctionarissen, onder wie politieke en militaire toppers, sneuvelden. En er zullen dit jaar nog vele „hedonisten” volgen in de snoeiharde zuiveringscampagne van roerganger Xi.

Klagen over de nieuwe soberheid is natuurlijk ongepast, want die drankgelagen zijn geen gemis. Xi’s jacht op corrupte tijgers en vliegen is bovendien een bron van smakelijke en veelzeggende verhalen over de mores in de Communistische Partij en over generaals met kelders vol goud en bejaarde Politbureauleden met schares aan vriendinnen. Bovendien, lunchen in de kantines van de staatsbedrijven is geen straf, en de restaurants van overheidsorganen zijn uitstekend.

Toch doet de nieuwe soberheid ook wat kaal aan. Aan tafel, zuipend en stevig rokend, zijn de meeste Chinese kameraden allergezelligst en soms zelfs openhartig. Vooral ouderen met hogere rangen ontpoppen zich dan als interessante gesprekspartners over de donkere bladzijden in de recente Chinese geschiedenis, natuurlijk na uitvoerig de verdiensten van Mao en Deng te hebben geprezen.

Eén provincie leek zich weinig aan te trekken van de nieuwe soberheid en dat was het spectaculair groeiende Binnen-Mongolië, de provincie met zeldzamemetalenmijnen, melkfabrieken en uitgestrekte graslanden. Binnen-Mongoolse autoriteiten houden niet van journalistieke pottekijkers, die over de keerzijde van de zwaar vervuilende groei of het lot van de verstoten herders willen berichten. Een buitenlandse journalist aanhouden is geen prettige optie, arresteren van diens bronnen en het opwerpen van wegversperringen natuurlijk wel. En als dat niet help, kan het ultieme wapen worden ingezet: de Binnen-Mongoolse twaalfgangenlunch met zes variëteiten lamsvlees en een sloot aan Mongoolse baijiu, een soort jenever.

Straalbezopen journalisten stellen geen vragen en kijken niet meer rond, was blijkbaar de hoop. Op straffe van eeuwige vijandschap heb ik toen tegen alle plaatselijke en eigen gewoontes in geen druppel gedronken. De les was in ieder geval duidelijk: „hedonistische extravagantie” (dixit Xi Jinping) is alleen gepermitteerd als vermeend landsbelang in het geding is.