Geopolitiek voorspellen kun je aan mensen leren

Inlichtingenwerk, zoals spionage, is goed te trainen. Zeker in teams.
Inlichtingenwerk, zoals spionage, is goed te trainen. Zeker in teams. Thinkstock

Gaat Noord-Korea dit jaar nog een kernwapen testen? Zal er dit jaar een nieuwe ebola-uitbraak plaatsvinden, of zelfs twee of drie? En blijft Bashar al-Assad tot het eind van het jaar president van Syrië? Sommige mensen zijn beter in zulke geopolitieke voorspellingen dan anderen, bijvoorbeeld doordat ze simpelweg intelligenter zijn. Maar mensen kunnen ook getraind worden in de manier van denken en werken die bijvoorbeeld goed van pas komt bij het werken bij een veiligheids- of inlichtingendienst. Dat laten Amerikaanse psychologen zien in een van de eerste onderzoeken ooit naar de vraag wat iemand nu een goede geopolitieke analist maakt (Journal of General Psychology: Applied, 12 januari).

De onderzoekers gebruikten de gegevens van 743 mannen (76 procent Amerikanen, 83 procent mannen, gemiddeld 36 jaar oud) die meededen aan een geopolitieke voorspellingswedstrijd van de IARPA (Intelligence Advanced Research Projects Activity, het Amerikaanse onderzoeksinstituut voor inlichtingen). Na wat gepuzzel met trainingsvormen en groepsindelingen deed de helft uiteindelijk individueel mee en de helft in groepjes van zo’n 15 man. Die teams kregen speciale training in onder meer informatie uitwisselen, constructief kritiek geven en het vermijden van groepsdenkfouten (allemaal één kant op denken, groepsdruk).

De helft van de individuen en de helft van de groepjes kregen een training in onder meer probabilistisch redeneren, extrapoleren van historische trends en vermijden van bekende denkfouten (zoals louter zoeken naar informatie die je ideeën bevestigt). De deelnemers beantwoordden meer dan honderd vragen, waarvan binnen de onderzoeksperiode duidelijk werd wat het goede antwoord was.

Naarmate mensen intelligenter waren en meer politieke kennis hadden, scoorden ze beter, en ook als ze bereid waren om van gedachten te veranderen bij nieuwe informatie. Naarmate mensen meer vragen probeerden te beantwoorden (ze waren vrij in het aantal), deden ze het ook beter. Oefening hielp. De trends- en denkfoutentraining hielp eveneens. En mensen in de speciaal getrainde teams deden het beter dan solitaire voorspellers.