‘Een Grexit is nog erger dan bezuinigen’

Griekenland moet de helft van zijn staatsschuld kwijt om te groeien, zegt de topeconoom.

John Milios is een van de topeconomen van Syriza, de socialistische partij die naar verwachting op 25 januari de grootste van Griekenland wordt. De vrolijke zestiger fluistert partijleider Alexis Tsipras in wat hij het beste kan zeggen over moeilijke thema’s zoals kwijtschelding van de staatsschuld en de toekomstige rol van de Europese Centrale Bank (ECB). Beleggers en Europese regeringen luisteren gespannen mee wat de marxist te vertellen heeft. Een politieke omwenteling in Griekenland zou gevolgen kunnen hebben voor de hele eurozone en de politici van de ‘coalitie van radicaal links’ – zoals Syriza heet – zijn de grote onbekenden.

Gelooft u in kapitalisme?

„De meesten van ons – en ik persoonlijk ook – willen dit systeem omzetten in socialisme. Maar zoiets moet vanuit de bevolking komen. Het gaat erom dat je behoeften van mensen op de eerste plaats zet, niet winst of het belang van de enkeling.”

Wat betekent dat als Syriza aan de macht komt, wat over een week zou kunnen gebeuren?

„Eerst bestrijden we de humanitaire crisis. Binnen een paar jaar zijn we een kwart van ons bruto binnenlands product (bbp) kwijtgeraakt. Iedereen heeft daaronder geleden, maar een aantal kwetsbare groepen met name. Er zijn mensen die nu geen toegang hebben tot voedsel en totaal afhankelijk zijn van de solidariteit van anderen. Mensen die geen huur of elektriciteit kunnen betalen. Al die mensen zullen een minimum aan elektriciteit krijgen, voedselbonnen en een gratis kaart voor het ov. “

Wie zou bang voor jullie moeten zijn, omdat ze het in hun portemonnee gaan voelen?

„Zij die doorgaan met praktijken waarvoor hier en in heel Europa geen plaats is. Zoals de smokkel van brandstof en tabak. En de oligarchie die cliëntelistische relaties heeft met de top van de staat. Er wordt altijd gezegd dat de Griekse staat corrupt is, but it takes two to tango. Wij zijn de enige grote politieke partij die geen deel uitmaakt van de elites die dit land sinds het einde van de junta in 1974 hebben geregeerd.

„De wetten in dit land moeten worden gerespecteerd. Dat geldt ook voor de arbeidsmarkt. We hebben een hele grote zwarte markt. Mensen die daarin werken zijn volledig onbeschermd. De werkloosheid is gestegen van tien naar 26 procent. Het zijn ziekten van de bezuinigingspolitiek. We zullen het minimumloon verhogen tot het niveau van 2011. Dat is 750 euro per maand (van 586 euro nu, red.) Dat zal ook de economie stabiliseren, want we moeten ook aan de vraag denken, niet alleen aan het aanbod.”

Wat jullie willen kost geld. 11 miljard euro, hebt u uitgerekend. Waar halen jullie dat vandaan?

„We gaan belastingontduiking aanpakken. Daarnaast zijn burgers en bedrijven de Griekse staat nog honderd miljard euro schuldig aan belastingen en sociale premies. Daarvan kunnen we in zeven jaar tijd zeker twintig miljard innen, waarvan drie miljard euro in het eerste jaar.

„We zetten een nieuwe overheidsinstantie op die berekent wat het besteedbaar inkomen is van mensen die een schuldenregeling willen. De idee is dat mensen gaan betalen wat ze kunnen en dat niemand meer dan dertig procent van zijn inkomen kwijt is aan het aflossen van schulden aan de staat.

„De rest wordt bevroren tot de persoon of het kleine bedrijf in staat is te betalen. Zo kunnen mensen weer gaan deelnemen aan het economisch leven en help je ook de economie op gang.”

Vorige regeringen probeerden toch ook belastingontduiking aan te pakken?

„Nee, totaal niet.”

Zullen Nederlandse belastingbetalers het ook merken? Bijvoorbeeld doordat jullie kwijtschelding van de staatsschuld willen?

„We kunnen niet door blijven gaan met bezuinigen om rente en aflossing te betalen. We vragen een kwijtschelding van zeker vijftig procent en willen het terugbetalen van de rest afhankelijk maken van de mate van economische groei. Dat is de oplossing die Duitsland ook kreeg in 1953. Zo hielp ook Griekenland het Duits economisch wonder mogelijk maken.

„Er zijn ook andere technische oplossingen denkbaar. Waarbij de ECB een actieve rol speelt en de rentebetalingen voor zijn rekening neemt, terwijl we een paar decennia uitstel van aflossing krijgen waarin de economie kan groeien. De schuld wordt dan in verhouding tot het BBP veel kleiner.

„In ieder geval moet ons gezamenlijk financieel instituut, de ECB, een heel andere rol gaan spelen. Die moet landen helpen en geld scheppen. Zodat belastingbetalers in Europa niets betalen en geen geld van het ene aan het andere land overmaken.”

Dat klinkt als een toverformule.

„Het is geen magie. Ik baseer dit op oplossingen voor andere landen in het verleden. En dit is niet alleen toepasbaar op Griekenland, maar op de hele Eurozone. Dat is ook goed voor Nederland en Duitsland. Die krijgen dan ook meer bestedingsruimte. Ik heb daar samen met twee andere economen een studie over gepubliceerd.”

Gaan jullie meer ambtenaren aannemen?

„Op sommige afdelingen wel. We hebben hier een lijst van 55.000 mensen die meer dan 100.000 euro het land uit hebben gesluisd in de crisisjaren. Van 24.000 van hen correspondeert dat niet met het vermogen of inkomen dat ze opgeven bij de belastingdienst. Maar in twee jaar zijn maar 417 van die zaken onderzocht. Als we meer belastinginspecteurs aannemen geven we geld uit, maar daar halen we meer mee binnen.”

Wat is het alternatief in Europa, als er niet voor wordt gekozen de ECB te gebruiken om groei te financieren?

„Bezuinigen is een politieke strategie waarmee de Europese economische en politieke elite het karakter van onze samenlevingen wil veranderen. Ze willen de verzorgingsstaat ontmantelen. Zo willen ze de ‘witte Aziatische arbeider’ in Europa creëren. Een arbeidersklasse met weinig rechten, die werkt onder hele elastische arbeidsvoorwaarden en tegen lage lonen. Dat is een verandering van de sociale verhoudingen die we niet moeten toestaan.

Houdt u een ‘Grexit’ voor mogelijk?

„Nee, nee, nee! Dan valt de hele eurozone uit elkaar. En Griekse burgers zouden hun koopkracht verliezen. Meer nog dan nu al gebeurt door deze bezuinigingspolitiek.”