Je suis Charlie – dat geldt ook als de mening slecht bevalt

Zijn we ‘Charlie’ uit principe of alleen als ons dat goed uitkomt? Gunnen we iedereen de vrijheid van meningsuiting of zijn we selectief? Te vrezen valt dat menigeen die na de aanslagen in Parijs zijn solidariteit met de vermoorde cartoonisten en journalisten van het blad Charlie Hebdo tot uitdrukking bracht met de tekst Je suis Charlie, minder standvastig is als de meningsuiting niet bevalt. Dit geldt in elk geval voor regeringen, voor veel regeringen.

Neem Saoedi-Arabië, afgelopen zondag op diplomatiek niveau vertegenwoordigd in de protestmars van miljoenen in Parijs, onder wie heel veel ‘Charlies’. In dat land had blogger Raif Badawi het gewaagd rigide, door de Saoedische staat opgelegde islamitische opvattingen in zijn land te bekritiseren. Hij is veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf, een boete van 191.000 euro en duizend stokslagen. Of kijk naar Turkije. Premier Davutoglu liep mee in Parijs, op de voorste rij. De premier dus van het land waar vorige maand tientallen journalisten werden gearresteerd en waar het vertonen van de deze week verschenen cover van Charlie Hebdo strafbaar is.

In het vrije Westen zijn ze ook niet wars van censuur en repressie als het gaat om onwelgevallige meningsuitingen. Recent en extra pijnlijk is de vervolging in Frankrijk van cabaretier – en provocateur – Dieudonné M’bala M’bala. Hij werd woensdag aangehouden nadat hij op Facebook enkele ironische teksten had geschreven die hij afsloot met „Ik voel me Charlie Coulibaly” (Coulibaly is de achternaam van man die de gijzelingsactie in de kosjere supermarkt uitvoerde). Een multi-interpretabele tekst – inmiddels van de bewuste pagina verwijderd. Een jaar geleden verbood de Franse rechter een theatervoorstelling van Dieudonné wegens vermeend racisme en antisemitisme.

Ook niet om te vergeten: Nederland. Hier werden op 30 april 2013 twee demonstranten gearresteerd omdat ze borden droegen waarop „Ik ben geen onderdaan” en „Geen monarchie maar democratie” was te lezen. Dat gebeurde op de Dam in Amsterdam – waar premier Rutte vorige week donderdag zo bevlogen sprak: „Vrijheid is er ook voor vlijmscherpe en onwelgevallige kritiek.”

Die vrijheid is niet onbegrensd, ook niet in Nederland. De wet stelt beperkingen en ook (Europese) rechters hebben dat gedaan. Oproepen tot geweld of haat zaaien – dat is met recht verboden.

Maar die wettelijke en juridische grens ligt ver buiten het incasseringsvermogen van regeringen en gezagsdragers in autocratieën, oligarchieën en dus soms ook in democratieën. Als de geuite mening niet bevalt en daarom wordt gesmoord. Als Je suis Charlie voor hen dus een loze kreet blijkt te zijn.