Zeven jeugdzorginstellingen overleven alleen met steun rijk

Zeker zeven jeugdzorginstellingen kunnen dit jaar alleen met rijkssteun aan faillissement ontkomen. Dat zegt voorzitter Marjanne Sint van de Transitie Autoriteit Jeugd (TAJ).

Het gaat om bureaus jeugdzorg en grotere, landelijke jeugdzorginstellingen die samen een „dwarsdoorsnee” vormen van de sector – van pleegzorg tot opvoedhulp en psychische zorg. Namen van instellingen maakt de TAJ niet bekend, noch precieze aantallen, betrokken medewerkers en kinderen. Aannemelijk is dat de behandeling van honderden kinderen in het geding is.

De TAJ adviseert over een fonds van 200 miljoen euro dat het ministerie van VWS beschikbaar stelt voor instellingen die door de overheveling van jeugdzorg naar gemeenten zoveel frictiekosten hebben dat ze in acute geldproblemen raken. Die kosten behelzen vooral lonen van medewerkers die overtollig zijn geworden door bezuinigingen. Instellingen hebben hen nog niet kunnen ontslaan omdat het gros van de contracten met gemeenten pas in november is gesloten. Pas daarna konden instellingen personeel laten afvloeien. Dat kost tijd: tot aan de zomer betalen zij veel salarissen door van personeel zonder werk.

Voor de zeven instellingen die hun hand nu ophouden, is het „menens”, zegt Sint. „Die hebben zulke hoge frictiekosten dat ze zonder overbruggingssteun zouden omvallen.” De TAJ wil dat VWS hen geld uitkeert; hoeveel is nog onderwerp van onderzoek. „Anders gaat er jeugdzorg verloren die je overeind wilt houden.”

Het aantal meldingen bij de TAJ van dreigende problemen ligt vele malen hoger, aldus Sint. Van de circa 400 jeugdzorginstellingen waarover zij gaat, hebben 190 zich sinds april vorig jaar gemeld. Wegens financiële zorgen, maar ook vanwege moeizame contractonderhandeling met gemeenten. Negentig keer heeft de TAJ bemiddeld bij die onderhandelingen.

Dat tot dusver niet meer dan zeven instellingen de TAJ om geld hebben gevraagd, komt doordat in 2015 ‘continuïteit van zorg’ geldt: kinderen die vorig jaar zorg kregen van instelling Y, krijgen die ook dit jaar van Y. Sint: „De meeste instellingen zullen daardoor 2015 kunnen uitzingen. In 2016 zullen we zien hoe zij er echt voor staan.”