Met whisky en joint de laagte in

De Eindhovense zangeres Kovacs, alias ‘de wolflady’, brak vorig jaar door met duistere, filmische pop. Haar markante lage stem heeft veel te verduren van haar destructieve levensstijl. „Als ik een joint rook kan ik dieper gaan.”

Zangeres Kovacs
Zangeres Kovacs Foto Andreas Terlaak

Het was altijd prettig schuilen in haar grote bontmuts. Dan werd zangeres Kovacs rustig en kon ze de wereld even buiten haar door laten razen. Nu is het omgekeerd, en wordt de ‘wolflady’ juist door haar markante muts met de oortjes herkend en aangesproken. De kap moet af om even alleen te zijn.

Met lichte verwondering overdenkt Sharon Kovacs haar spectaculaire doorbraakjaar. De 24-jarige zangeres uit Eindhoven bracht de EP My Love uit, kreeg een platendeal bij Warner Music in Duitsland, zong in De Wereld Draait Door en gaf shows op grote festivals als North Sea Jazz, Lowlands, Into The Great Wide Open en Songbird. Ook was ze eind vorig jaar te zien in de documentaire Wolflady op het IDFA-festival. Grappig, ziet ze. „Eerst kan het je niet snel genoeg gaan. Gebeurt het eindelijk allemaal, dan houd je het nauwelijks bij.”

Haar debuutalbum wordt uitgebracht in april. Eerst gaat Kovacs op tournee langs Nederlandse podia, dan volgen boekingen in Duitsland, Griekenland en Turkije. Ze vertelt erover in de platenwinkel die ze sinds een paar maanden runt met haar vriend en gitarist in haar band, Ruud de Groot. Achterin een grote hippe tweedehandswinkel in Eindhoven, met een lunchroom, een kapsalon, overal kleding, banken en stoelen, vrolijke lampenkappen, Perzische tapijten en hutkoffers vol vinyl, groeit hun verzameling tweedehands vinyl gestaag. Fans weten de shop al goed te vinden. Op het kleine podium, zegt Kovacs-bassiste Sabine, doen ze regelmatig een akoestische sessie.

In deze clubhuissfeer voelt Kovacs zich thuis. Het geeft haar een basis. Met haar grote heldere ogen en kortgeschoren haar oogt ze kwetsbaar. Lief en getroebleerd. Zingend straalt ze juist kracht uit, met een gruizige, soms als door de duivel bezeten stem. In haar huiveringwekkend duistere, filmische pop zijn flinters ter herkennen van de ruigheid van Janis Joplin, de onvoorspelbare timing van Nina Simone, de vocale klasse van Shirley Bassey en de ongenaakbare zelfspot van Grace Jones. De muziek van zangeres Amy Winehouse was voor Kovacs „haar opening naar de oude muziek”.

In de documentaire Wolflady – ‘op weg naar de doorbraak’ – is te zien hoe Kovacs worstelt met stress bij nieuwe situaties. Struikelend zoekt ze naar een klik met de juiste mensen voor de fundering van haar carrière. Met haar intense, opstandige en labiele persoonlijkheid kent Kovacs haar grenzen. Ze vertelt er openhartig over: de Ritalin-medicatie, de ADD-stoornis. Het moeilijke kind dat van pleeggezin naar internaat trok door de ingewikkelde relatie met haar ouders. Hoe onbegrepen ze zich altijd voelde, hoe destructief ze nog kan zijn. „Mijn leven was lang uitzichtloos en doelloos. Ik dronk veel en gebruikte regelmatig drugs. Daar ging ik best verstandig mee om, maar ik haalde ook gerust een heel weekend door, waardoor het op mijn opleiding niet lekker liep.”

Eindhoven kent haar wel, grinnikt ze. Ze zong op straat en in de kroegjes, en heeft nog ‘geoccupied’. Bij een auditie zong ze Proud Mary van Tina Turner en zo werd ze aangenomen bij het Rock City Institute in Eindhoven. Maar door haar andere manier van communiceren en haar autoriteitsprobleem, zegt ze, kwam ze steeds in problemen. Ze was lastig, maar ze kon zich zó in opstand voelen komen in een les waar covers gezongen werden in de originele stijl. „Het gaat toch om míjn emotie? Dan sta ik iemand na te doen, wat leer ik dan? Ik wilde mijn ding, een eigen kant op. En dat werd niet door school gestimuleerd, eerder afgebroken. Dan klap ik dicht.”

Och, met die markante lage stem was ze altijd anders dan de anderen. Lekker kapot, dat doorleefde, dat vindt ze mooi. Met whisky en een joint kan ze nog rafeliger de laagte in. Soms geeft ze de woorden nog een extra knauw. Dan trilt het nog een beetje na in haar mond.

Maar haar zanglerares was altijd bezorgd. Kovacs werd naar de KNO-arts gestuurd uit vrees voor poliepen. Niets aan de hand, zo bleek. En is zo’n leefwijze vol te houden? „Natuurlijk moet ik mijn stem in de gaten houden, ik weet tot hoever ik kan gaan. Als ik op tournee ga, moet ik wat gas terugnemen, en wat bewuster en gezonder leven. Als ik niet rook wordt mijn stem helderder. Neem ik daar Ritalin bij dan word ik heel scherp. Rook ik een joint dan kan ik weer veel dieper gaan.”

De werkrelatie die ze heeft met haar producer Oscar Holleman, die eerder muziek produceerde van Within Temptation en Krezip trekt de aandacht in de film. Hij haalde haar „uit het donker”, als een vaderfiguur, een gelijkgestemde vriend die weet wat ze kan doormaken – ook hij heeft zijn stemmingswisselingen. In Hollemans bijna verduisterde studio met kaarsen namen ze de nummers van het nieuwe album op. Bewust in afzondering, zonder prikkels van buiten.

Als ze zingt komt ze in een soort trance, vertelt Kovacs. „Dan pas voel ik dat ik communiceer. Zingen is voor mij makkelijker dan gewoon te praten. Ik kan er alles in leggen. Wat ik op dat moment voel, dat is steeds weer anders.”

Bewust zoekt ze naar tegenstellingen in haar liedjes. Naar hoe donkere, zwaar aangezette muziek een positieve boodschap kan bevatten of melancholische, romantische muziek juist rauwe teksten krijgt. „Die tegenstelling ben ik. Van uiterst vrolijk tot depressief. Hoe ik me ook voel, ik kan dan altijd iets in het liedje vinden. Anders kan ik het niet zingen.”

Ze maakte opnames in Cuba en er waren op advies van haar label georganiseerde schrijfsessies in New York. Het resultaat was echter weinig bevredigend. „Ik deed op advies concessies om liedjes aantrekkelijker en commerciëler te maken”, legt ze uit. „De sfeer was gewoon blij-blij, zonder extra laag in de liedjes. Dat was zekerheid, maar niet écht. Het was mainstream, had geen magie en ik voelde er weinig bij. Toen hakte ik de knop door. Ik kan dit zelf en het moet thuis. Met Oscar.”

Kovacs leest geen noten, en doet alles op gehoor en gevoel. Met strijkers en blazers, maar ook een instrumentarium van theremin, sitar en Chinese viool kleurt de zangeres haar sound melancholisch in. Met Kyteman schreef ze het stemmige lied Sound of the Underground. Met de eigenzinnige bandleider en trompettist, die ook op Lowlands even met haar show meespeelde, voelt ze enige verwantschap. Want : „Zijn weg is ook compleet eigen.”

Maar met haar vrijgevochten jeugd en haar onmiskenbare talent doet Kovacs ook denken aan een jonge Anouk. „Dat hoor ik vaker. En ja, met haar zou ik best eens willen praten over dit intense leven voor de muziek.”