Lachen om het regenboogparadijs

Hoewel Dear White People al sinds december in voorpremières in de bioscopen draait, beleeft hij pas deze week officieel z’n Nederlandse première. De film werd eind vorig jaar vervroegd uitgebracht door de opschudding rondom het niet schuldig verklaren van de politieman die in augustus in het plaatsje Ferguson de zwarte tiener Michael Brown doodschoot. Maar de snappy en slimme satire over de illusie dat we in het westen in een postraciale, postideologische samenleving leven blijft actueel.

Vermomd als een campuskomedie, een film die zich op een universiteitscampus afspeelt, steekt debutant Justin Simien de draak met alle vormen van wit en zwart racisme op een fictieve Ivy League-universiteit. Opgezet als een mix tussen Spike Lee’s militante klassieker Do the Right Thing (1989) en een film van Wes Anderson (door z’n strakke stijlbewustzijn) volgen we radiomaakster Samantha die in haar programma Dear White People tekeergaat tegen de hypocrisie van kleurenblindheid en positieve discriminatie – tot ze het zelf ook niet meer weet. Om haar heen dwarrelt de gebruikelijke poppenkraam aan omgekeerde stereotypen rond, maar eigenlijk doet de plot er niet toe. Het gaat om de hoge grapdichtheid, en de verwarring die dat teweegbrengt. Inderdaad: als alle heilige huisjes zijn omgeschopt en met elkaars stenen weer zijn opgebouwd, wat krijg je dan? Nou? Nog steeds niet dat regenboogparadijs waar we van dromen.