De surfer en de zee

Van vliegtuigbouwkundige naar investeringsbankier naar filmmaker is misschien niet het meest voor de hand liggende carrièrepad. Daarom kun je regisseur Jan-Willem van Ewijk misschien ook maar beter gewoon surfer noemen. Want alleen iemand die zoveel weet van de zee en de golven, de wind en de wolken, kan een film maken als Atlantic, waarin een Marokkaanse surfer door verboden wateren de tocht naar Europa waagt.

Door de meanderende, Terence Malick-achtige montage met voice-over weet je nooit of Fettah nou onderweg is, nog moet vertrekken, gestrand is of weer teruggekeerd. Het is een film met onder- en bovenstromen, gevaarlijke muistromen en getijden. De hoofdrol is voor de Marokkaanse Fettah Lamara, een windsurfer die deels zichzelf speelt. Bij de wereldpremière in Toronto omschreef hij Atlantic zowel als een avonturenfilm, een windsurffilm als een zoektocht naar de heilige graal. „Wat dat dan ook is: een beter leven in Europa, het recht op vrije doorgang, de liefde. De film heette eerst Land. Het is ook een ode aan de aarde, aan vaste grond onder je voeten, wat misschien vreemd klinkt uit de mond van een windsurfer.”

De draaiperiode was behoorlijk heftig: „We waren vaak dagen op zee. Soms werd zelfs ik zeeziek. Want de regisseur wilde ver uit de kust draaien, omdat de zee daar anders is. Het voelt alsof ik die tocht echt heb gemaakt.”