Zeventig gemeenten missen zorgdeadline

Er heerst onrust onder patiënten met een persoonsgebonden budget die nog niet zijn geïnformeerd over de zorgvergoedingen voor dit jaar.

Een belangrijke deadline voor de uitbetaling van zorgverleners voor mensen met een persoonsgebonden budget is niet gehaald door circa 70 van de 393 gemeenten. Dit heeft de Sociale Verzekeringsbank (SVB), die sinds 1 januari een groot deel van de budgetten uitkeert, gisteren bekendgemaakt.

Afgelopen vrijdag hadden alle gemeenten een ‘toekenningsbericht’ naar de SVB moeten sturen. Dat is de melding dat de gemeente akkoord is met de aangevraagde zorg van een patiënt. Voor de SVB is dat het signaal om geld uit te keren aan de zorgverleners die de patiënt heeft ingehuurd. Zonder dit bericht van de gemeente moet de SVB zelf nagaan of degene die zorg vergoed wil krijgen, daar ook recht op heeft. Dat kost veel extra tijd, waardoor het mogelijk is dat zorgverleners te laat worden uitbetaald.

Voor mensen met een persoonsgebonden budget is er veel veranderd sinds 1 januari, als onderdeel van drie zorgdecentralisaties. Belangrijkste wijziging: geld voor zelf ingekochte zorg wordt niet meer bijgeschreven op de rekening van de pgb-houder, maar gaat rechtstreeks naar de zorgverlener. Mensen met een persoonsgebonden budget vragen zelf de zorg aan die ze denken nodig te hebben.

Elke gemeente beoordeelt sinds dit jaar of de aanvrager recht heeft op zorg en op welk bedrag. De SVB keert vervolgens op basis van ingestuurde bonnetjes door de patiënt geld uit aan de zorgverleners die de zieke zelf heeft gecontracteerd. Dit heet het ‘trekkingsrecht’. Er vallen 140.000 budgethouders onder die regeling. Het gaat om begeleiding voor kinderen en volwassenen. Nog eens 55.000 mensen die persoonlijke verzorging en verpleging inkopen via het persoonsgebonden budget, vallen buiten het trekkingsrecht; hun hulpverleners worden betaald door de zorgverzekeraars.

Nog deze week moet de SVB de eerste zorgverleners geld gaan uitkeren, maar „veel werk moet nog worden verzet”. Duizend mensen zijn bezig aanvragen te verwerken, twee keer zoveel als normaal. Naar 90.000 budgetaanvragers is de aanvraag teruggestuurd, omdat gegevens – zoals een bankrekeningnummer – ontbreken.

Dat veel gemeenten nog geen toekenningsbericht hebben gestuurd, brengt de SVB in de problemen. Een woordvoerder: „Ook zonder dit bericht kunnen we zorgverleners gaan betalen, maar dit kost ons heel veel extra tijd.”

De onzekerheid over de uitbetaling van zorgverleners zorgt voor grote onrust onder pgb-houders. Ze zijn bang in de problemen te komen als door hen ingekochte hulp niet op tijd wordt betaald. Komen die hulpverleners dan, bijvoorbeeld, nog wel het gehandicapte kind ondersteunen? Een woordvoerder van Per Saldo, een belangenvereniging met 25.000 leden die gebruikmaken van een pgb: „Dat gemeenten de deadline voor het toekenningsbericht niet hebben gehaald, baart ons grote zorgen. Het is nog te vroeg om te zeggen dat de uitbetalingen daardoor te laat zullen komen, maar het worden spannende weken.”

Doel van het rechtstreeks uitkeren aan zorgverleners is het voorkomen van fraude. In het verleden zijn tientallen mensen veroordeeld voor het verduisteren van geld via valse pgb-aanvragen. Zo was er een tweetal dat pgb aanvroeg voor hulp aan kinderen met autisme en ADHD, maar van het geld zelf dure reizen maakte.