Ze moesten en zouden Submission uitzenden

De film Submission leidde tot de moord op Theo van Gogh. Zomergasten zond de film destijds uit. Daar hadden de regisseur én presentator Joost Zwagerman spijt van, blijkt nu. Nu is er ruzie.

Tien jaar na de uitzending is de woede opgelaaid bij enkele betrokkenen van Submission, de anti-islamfilm van Ayaan Hirsi Ali die in 2004 leidde tot de moord op Theo van Gogh. Schrijver Joost Zwagerman, destijds presentator van het tv-programma Zomergasten, waarin Submission werd vertoond, en regisseur George Schouten stellen dat zij vooraf onvoldoende zijn ingelicht door de VPRO over de uitzending, zodat zij geen goede risico-overweging voor zichzelf konden maken.

Waren zij beter op de hoogte gebracht, onder meer over elkaars bezwaren, dan was volgens Zwagerman de uitzending niet doorgegaan. Van Ingen ontkent dat hij de presentator informatie onthield: „Zwagerman was volledig op de hoogte van alles.”

Zwagerman dacht altijd dat hij een van de weinigen was die tegen uitzending was. Uit de reconstructie van Nieuwsuur eind vorig jaar leerde hij pas dat regisseur George Schouten ook tegen was. Nadat hij donderdag in De Wereld Draait Door Schouten ervan beschuldigde stiekem zijn naam van de titelrol te hebben laten halen, hebben zij hun verhalen naast elkaar gelegd.

Zwagerman wist wel vooraf van de film, hij vond het een ‘aanstootgevende provocatie’: „Eindredacteur Peter van Ingen wilde per se dat het doorging en sprak mij aan op mijn civil courage.” Van Ingen: „Het klopt dat Zwagerman tegen het filmpje was. Maar ik vond: we moesten niet wijken voor terroristen.”

Schouten en de opnamecrew wisten vooraf van niets. George Schouten, regisseur van 63 afleveringen van Zomergasten: „ Wij moesten een dag eerder in NRC lezen dat die film eraan kwam. Ik was woedend. Waarom zouden we de crew van twintig mensen hiervoor in gevaar brengen?” Pas op de dag van de uitzending informeerde Van Ingen de opnamecrew en bood ze de mogelijkheid om hun naam van de aftiteling te halen. Schouten en zeven andere betrokkenen hebben dit inderdaad gedaan omdat ze voor hun veiligheid en die van hun gezinnen vreesden. En omdat Schouten de première van een „provocerende islamfilm” niet in Zomergasten vond passen. Eén cameraman, van Marokkaanse afkomst, besloot helemaal niet aan de uitzending mee te werken – al vóór hij van Submission wist – omdat hij niet in één ruimte wilde verkeren met Hirsi Ali. Zwagerman wist dit allemaal niet: „Ik was natuurlijk niet gaan presenteren als ik had geweten dat de mensen die mij in beeld brachten het te gevaarlijk vonden om hun naam te verbinden aan de uitzending. En die medewerkers waren allemaal niet in beeld. Ik wel.”

Waarom lichtte Van Ingen de crew niet eerder in? Van Ingen: „We wilden het binnen de redactie houden, om geen publiciteit vooraf te genereren. Dat doen we trouwens altijd zo. George Schouten is beeldregisseur, die bemoeit zich niet met de inhoud.” Schouten tekende zijn versie overigens in 2010 al op in zijn boek De achterkant van Zomergasten. Maar het betreffende hoofdstuk had Zwagerman – die een lovende flaptekst schreef – niet gelezen.

Wat Schouten en Zwagerman ook niet van elkaar wisten, was dat ze er allebei voor hebben gepleit om de uitzending vooraf op te nemen. Een opname eerder en elders was veiliger dan een hele avond live met de bedreigde Hirsi Ali midden in Amsterdam. Van Ingen weigerde: ‘semi-live’ zou het karakter van Zomergasten aantasten. Maar in 1994, toen Van Ingen nog zelf presenteerde, werd het programma ook twee keer vooraf opgenomen. Dat blijkt uit de call sheets van de toenmalige producent Eva Beata Hendriksen. Van Ingen ontkent wederom: „Ik heb nooit semi-live opgenomen.”