Na ‘Parijs’ zit Europarlement in verdomhoek

Al jaren wacht een EU-passagiers- register op het fiat van het Europees Parlement. Na de terreur staat vooral die kwestie op scherp.

Het Europees Parlement zit na de aanslagen in Frankrijk in het verdomhoekje. Want waarom talmt het zo met maatregelen die kunnen helpen bij opsporing van terroristen? Een wetsvoorstel voor een EU-register voor vliegtuigpassagiers (PNR) wacht al jaren op goedkeuring. Europees ‘president’ Donald Tusk wil Europarlementariërs deze week in Straatsburg oproepen om haast te maken. „We moeten meer doen.”

Sophie in ’t Veld (D66) wil dat best, maar vindt de suggestie dat PNR (Passenger Name Record), waarmee ongewoon gedrag van vliegpassagiers kan worden herkend, het bloedbad van vorige week had kunnen voorkomen „onsmakelijk”. „We zijn niet tegen een register, maar we willen wel dat het strookt met de wet”, zegt ze. „Het moet noodzakelijk en proportioneel zijn. Dat is nog maar de vraag: lidstaten weten eigenlijk al alles over passagiers. Probleem is dat ze die informatie niet goed delen met elkaar.”

De Europarlementariër constateert dat ook over de terroristen die toesloegen in Parijs schrikbarend veel bekend was. „De eerste reactie is altijd: nog meer informatie verzamelen. Maar bij alle grote aanslagen sinds 9/11 waren de daders al lang en breed bij de diensten bekend.” Het Europarlement vindt dat extra bevoegdheden voor inlichtingendiensten hand in hand moeten gaan met betere wettelijke databescherming, zodat benadeelde burgers verhaal kunnen halen. Maar daar voelen lidstaten weer weinig voor.

Hoe dan ook: het eeuwige conflict tussen nationale veiligheid en burgervrijheden wordt weer scherper. Tusk heeft besloten dat de EU-top van regeringschefs volgende maand geheel in het teken zal staan van terrorismebestrijding. De richting is duidelijk: vliegregister en herinvoering van paspoortcontroles voor vliegen binnen de EU. Spanje, Duitsland en Frankrijk zouden daar al vóór zijn. Ook wordt er nagedacht over strengere controle op internet.

Het EU-vliegregister is een sterke Amerikaanse wens: voor veel EU-lidstaten geldt een Amerikaanse visumvrijstelling en Washington vreest misbruik. Maar het register betekent dat de data van miljoenen Europeanen, van creditcarddata tot maaltijdvoorkeur, jaren worden opgeslagen.

De strijd tegen terrorisme is in de EU in principe een nationale competentie, niet in de laatste plaats omdat lidstaten niet graag inzicht geven in de wijze waarop hun geheime diensten opereren. Maar Brussel zit niet stil. In 2011 zette de Europese Commissie RAN (Radicalisation Awareness Network) op, een informatienetwerk van mensen die in hun dagelijkse werk met radicaliserende jongeren te maken hebben: sociaal werkers, politieagenten, leraren. Ook heeft de EU een akkoord met de VS over traceren van terroristische geldstromen. Dit TFTP-verdrag (Terrorism Finance Tracking Program) geeft de VS toegang tot SWIFT-gegevens van banken.

Al voor de aanslagen werkte de Europese Commissie aan een Europese Agenda voor Veiligheid voor 2015-2020. Die wordt komende maanden gepresenteerd. Voor de herinvoering van paspoortcontroles voelt zij weinig. Zij pleit wel voor verbetering van SIS, het informatiesysteem van het Schengengebied, en „stringentere, geïnformeerde, gerichte controles”. Maar bovenal wil Brussel meer coördinatie en „maximale benutten van bestaande regels”. Het strafrecht van verschillende landen moet beter op elkaar worden afgestemd en data, zoals over vuurwapens of vermeende verdachten, moeten snel gedeeld.