16 dansers van vlees en bloed

Een beetje gespannen was de sfeer wel in de Amsterdamse Stadsschouwburg. Beveiliging heeft de Batsheva Dance Company altijd nodig – ‘want’ Israëlisch – maar nu stond ook politie bij de ingangen, mede met het oog op de pro-Palestijnse actiegroep die het gezelschap beschouwt als „ambassadeurs van de Israëlische apartheidspolitiek”.

Als het nu vijftigjarig Batsheva ergens ambassadeur van is, dan toch vooral van dans. Sadeh21, van de gevierde choreograaf en artistiek leider Ohad Naharin, biedt een eindeloos gevarieerd beeld van de mens in beweging. Solo, in duet, trio, samen alleen, verbonden in een kring, keurig in het gelid, individueel dwarrelend door de ruimte. Een scala aan bewegingskwaliteiten (zwiepend, zwevend, buigend, knakkend, krachtig, elastisch, snel, vertraagd, ruimte bestormend, gedetailleerd, elegant, rauw) lijkt spontaan op te borrelen, volgens de ‘regels’ van Naharins bevrijdende trainingsstijl Gaga.

Sadeh21 verwijst naar het Hebreeuwse woord voor (onderzoeks-)veld, en zo ziet de kale, door witte wanden omzoomde dansvloer er ook uit: als bewegingslaboratorium. Ergens halverwege dreigt dat onderzoek iets in te zakken, en er gaat een lacherige zucht van verlichting door de zaal als velden 7 tot en met 18 tot één brok worden samengevoegd. De associaties die zich steeds meer opdringen lijken een geabstraheerd (kritisch) commentaar op de Israëlische politiek, maar overwegend zijn het beelden van alledaagse interacties, speels en vindingrijk. En menselijk. Want dat zijn ze, die zestien dansers. Stoer en sterk, dansers van vlees en bloed.