Naar Israël of toch maar blijven?

De terreur in de kosjere winkel versterkt de angst bij Franse Joden. Het aantal dat naar Israël emigreert groeit. „Helaas worden we gedwongen.”

Mensen houden in Parijs borden en foto’s omhoog met de namen van de slachtoffers bij terreuractie in de kosjere supermarkt in Vincennes, een dag eerder.
Mensen houden in Parijs borden en foto’s omhoog met de namen van de slachtoffers bij terreuractie in de kosjere supermarkt in Vincennes, een dag eerder. Foto’s EPA, AFP

De ongekende terreur van afgelopen week heeft Frankrijk niet alleen geraakt als land van het vrije woord, maar stelt ook op een andere manier zijn identiteit op de proef: Frankrijk heeft de grootste Joodse gemeenschap van Europa. De gijzeling in de kosjere supermarkt Hyper Cacher in Vincennes, net buiten de gemeente Parijs aan de périphérique, waarbij vier Franse Joden werden vermoord door terrorist Amedy Coulibaly, lijkt een trend te versnellen: Joden willen weg uit Frankrijk.

Een dag na het drama van vrijdag verzamelen zich tientallen mensen, voornamelijk Joden maar ook autochtone Fransen en moslims, bij de supermarkt. Er wordt gehuild. Mensen leggen bloemen neer. ‘Ik ben Jood’, staat op papieren die aan de afzettingshekken zijn geplakt, naast ‘Ik ben Charlie’ en ‘Ik ben Frans’.

„Dit is erger dan het ergste. Ik wil niet zeggen dat dit erger is dan de aanslag op Charlie Hebdo en de dood van de politieagenten. Maar hier zijn mensen niet vanwege hun beroep vermoord, maar omdat ze iets zijn – omdat ze Jood zijn”, zegt Franck (41), een Joodse medewerker van een arbeidsbureau. De meeste aanwezigen willen alleen hun voornaam geven.

In het telefoongesprek dat Coulibaly met tv-zender BFM voerde bij de gijzeling, liet hij daarover geen misverstand bestaan. Hij wilde ‘Joden’ doden.

„Ik ga weg. Ik denk er al een paar jaar over na. Maar nu is het echt afgelopen”, zegt de gepensioneerde Lola Kerszner. „De Franse regering is niet in staat haar burgers te beschermen.” Ze was al bij het Joods Agentschap, dat emigratieadvies geeft.

Het gevoel van onveiligheid onder Joden in Frankrijk groeit al jaren. In 2006 werd de 23-jarige Ilan Halimi ontvoerd, gemarteld en vermoord door een bende van twintig jongeren in de Parijse banlieue. In 2012 liquideerde Mohamed Merah, een moslim en crimineel die in de cel was geradicaliseerd, drie kinderen en een rabbijn bij een joodse school in Toulouse. Daar komen incidenten bij als de aanval van pro-Palestina-demonstranten op een synagoge in de Parijse voorstad Sarcelles deze zomer.

Bij de Hyper Cacher rouwt Jonathan Cohen (30) in stilte. Zijn vrouw, die eigenlijk wil dat hij zijn naam niet geeft, staat naast hem. „Helaas worden we gedwongen Frankrijk te verlaten”, zegt Cohen. „Dat is helemaal niet makkelijk, want ik ben de eigenaar van tien kledingwinkels.” „Wat wilt u dat we doen?”, vult zijn vrouw aan. „Ik durf mijn kinderen al drie dagen niet meer naar school te sturen.” Minister Bernard Cazaneuve kondigde intussen aan dat 5.000 politiemensen worden ingezet om 717 joodse scholen te beschermen. Vanaf morgen gaan 10.000 militairen „gevoelige plekken” bewaken.

In 2014 emigreerden 7.000 Franse Joden naar Israël – een verdubbeling ten opzichte van het jaar ervoor, aldus het Joods Agentschap in Parijs onlangs. Het aantal Franse Joden ligt tussen de 500.000 en 600.000. Na Israël en de VS is Frankrijk het land met de meeste Joden. De Israëlische premier Benjamin Netanyahu, één van de leiders die gisteren deelnamen aan de protestmars in Parijs, wendde zich zaterdag tot de Franse Joden met de woorden: „Israël is uw veilige haven”. Hij wil de emigratie uit Frankrijk en de rest van Europa actiever gaan aanmoedigen.

Maar de Franse premier Manuel Valls reageerde daarop sterk afwijzend. „Frankrijk, zonder de Joden van Frankrijk, dat is Frankrijk niet meer.” De Joodse gemeenschap heeft „zoveel bijgedragen aan de Republiek”, zei Valls. Joden spelen van oudsher een grote rol in politiek, maatschappij en cultuur – van oud-premier Léon Blum tot de huidige minister van Buitenlandse Zaken Laurent Fabius en van schilder Marc Chagall tot autobouwer André Citroën. Tegelijk heeft het land een sterke traditie van antisemitisme: het Vichy-regime in de Tweede Wereldoorlog, en nu Jean-Marie Le Pen en komiek Dieudonné, die volgens eigen zeggen gisteren meeliep.

In z’n eentje staat Maxim (18) te kijken bij Hyper Cacher, leunend op zijn fiets. De scholier wil medicijnen gaan studeren. „Mijn vader werkt bij die supermarkt – alleen nooit op vrijdag. Dus hij had het zomaar kunnen zijn. Mij is nooit iets gebeurd, maar van vrienden hoor ik dat ze op straat zijn lastiggevallen: ‘Vuile Jood.’ In mijn familie spreken we regelmatig over emigratie. Mijn vader zegt tegen me: op straat geen keppel dragen.”

Zeker niet iedereen vindt emigratie een oplossing. De 17-jarige Noah Fetoussi, een jongen met petje en oorbel, zegt: „Wij zijn bang, maar we moeten stérker zijn dan de fanatici. Wat gebeurt er met Frankrijk als er opeens geen Joden meer zijn? Frankrijk moet wakker worden.” De gepensioneerde Bernard Touati zegt: „Ik blijf. Dit is mijn land. Mijn kinderen zijn hier.”

Bij de supermarkt ontspint zich een emotionele discussie: wel naar Israël of blijven? Zij die willen blijven worden gesterkt door een appèl van imam Hassen Chalghoumi, die opeens en onder grote media-aandacht arriveert bij de supermarkt om zijn eer te bewijzen aan de slachtoffers. Nadat de imam van Drancy bloemen heeft neergelegd en gebeden, roept hij de aanwezigen toe: „Ga niet weg, blijf hier! Het is aan hén [ de terroristen] om te vertrekken.” Er klinkt luid applaus. Mensen roepen spontaan: „tous ensemble, tous ensemble” (allemaal samen).

Imam Chalghoumi wordt zwaar beveiligd vanwege eerdere bedreigingen, die naar verluidt te maken hebben met zijn goede relaties met de Joodse gemeenschap. Hij loopt van de supermarkt naar de synagoge van Saint-Maindé. Buiten het zicht van de pers ontmoet hij, op deze sabbat, de rabbijn van de synagoge.

Het toont hoe velen in Frankrijk, ondanks de grote spanningen, nu hun uiterste best doen om de eenheid van de Republiek te bewaren. De Joden in Vincennes benadrukken opvallend vaak dat ze „ook moslimvrienden” hebben en niks tegen de islam hebben – of ze nu weg willen of niet. Eric Gozlan, een synagogemedewerker die imam Ghalghoumi begeleidt, hoopt dat de Joodse uittocht „over een jaar of twee” wel weer tot staan komt „als de rust is weergekeerd”. Hij hoort ook verhalen van Joden die weer terugkomen naar Frankrijk. „Israël blijkt toch een heel ander land te zijn, zonder sociaal vangnet bijvoorbeeld.”