Goede preventie halveert suïcidepogingen

Een preventieprogramma om pubers van zelfdoding te weerhouden, dringt het aantal suïcidepogingen sterk terug.

Praat met pubers in de klas over zelfdoding en geestelijke gezondheid. Speel er rollenspelen over op school. En geef kinderen een boekje mee met informatie over depressie, angst, stress en suïcidale gedachten, en informatie over wat die dingen erger maakt en wat juist helpt als het het leven tegenzit. Een jaar later denken die pubers dan minder vaak over zelfdoding en hebben ze minder vaak zelfmoordpogingen gedaan (zeggen ze in elk geval) dan pubers op scholen die andere, of helemaal geen preventiemaatregelen namen.

Dat blijkt uit onderzoek onder meer dan tienduizend schoolkinderen in tien Europese landen, donderdag online gepubliceerd in het medisch-wetenschappelijke tijdschrift The Lancet. Zelfdoding is een belangrijke doodsoorzaak onder jongeren (zie inzet). Daarom is het goed om interventies op jonge mensen te richten.

Zelfmoordpogingen

Op elke duizend scholieren rapporteerden er vijf een zelfmoordpoging nadat ze het zogenoemde Youth Aware of Mental Health Programme hadden doorlopen – tegenover elf in de controlegroep, schrijven de 28 auteurs uit verschillende landen. Tijdens het onderzoek pleegde overigens geen van de scholieren zelfmoord.

De onderzoekers benaderden in totaal 232 scholen; daarvan deden er 168 mee aan het onderzoek, met al hun klassen waarin overwegend 15-jarigen zaten. De leerlingen vulden aan het begin en eind van het onderzoek vragenlijsten over geestelijke gezondheid, gedachten aan zelfdoding en suïcidepogingen in. Wie direct hulp nodig leek te hebben, werd doorverwezen en wie al eens een poging zei te hebben gedaan, werd buiten dit onderzoek gehouden.

Praten en rollenspelen

De scholen werden in vier groepen verdeeld. Bij de controlegroep hingen alleen voorlichtingsposters in de klaslokalen – dat was op alle deelnemende scholen het geval. Bij de tweede groep werden docenten en schoolpersoneel getraind om suïciderisico’s bij pubers te herkennen en er met die pubers over te praten.

Bij de derde groep werden de scholieren die op basis van de eerste vragenlijst risico leken te lopen uitgenodigd voor een gesprek. En bij de vierde groep doorliepen de scholieren het programma van praten, rollenspelen en informatie dat uiteindelijk zo succesvol bleek – de andere twee groepen verschilden niet significant van de controlegroep.

Misschien kunnen pubers het goed verborgen houden als ze aan zelfdoding denken, suggereren de onderzoekers, zelfs tegenover volwassenen die getraind zijn om de tekenen te herkennen. En pubers accepteren een interventie vast makkelijker als ze er zelf actief bij betrokken worden dan als volwassenen het initiatief nemen.