Nooit gebeurde er wat bij benzinepomp: tot vrijdag

Een dag lang was een dorp bij Parijs in de ban van de klopjacht op de meest gezochte moslimterroristen. „Hoe kwamen ze in godsnaam hier?”

In de Total naast Dammartin-en-Goële wordt de spanning weggelachen met grapjes. Over dat het zo wel erg moeilijk wordt om thuis te komen, met dat gijzelingsdrama om de hoek. Over de twijfelachtige roem van dit dorp van 10.000 inwoners nu ‘de moordenaars van Charlie Hebdo’ hebben besloten zich juist hier in te graven. Over dat het wel Bagdad lijkt, met al die helikopters. „Er gebeurt hier echt nooit wat”, zegt Noemi, terwijl ze een hamburger in de snackbar van de Total omdraait.

Het lachen verstomt als buiten een auto komt aanrijden. Een bebaarde moslim stapt uit, trekt zijn lange gewaad recht en begint te tanken. Tientallen priemende ogen prikken in zijn rug. Uit de tv in het benzinestation schalt het nieuws dat ook in Parijs zelf nu een gijzelingsdrama in volle gang is. De man hangt de slang terug, zegt wat tegen zijn gesluierde vrouw, komt binnen, rekent af en vertrekt weer. In de Total zijn de klanten opgelucht.

Frankrijk staat onder hoogspanning door de gebeurtenissen van afgelopen dagen. Iedereen is bang, iedereen is verdacht. „We worden nagewezen”, zegt Naila Atyah, een Franse onderwijsambtenaar met Tunesische wortels. „Ik noem me helemaal niet Tunesisch, maar Frans. Ik ben hier geboren, onderschrijf de republikeinse waarden. Maar die jongens hebben met hun acties nu complete bevolkingsgroepen gegijzeld. Het is verschrikkelijk.”

Met rode ogen staat Atyah vlakbij het bedrijventerrein van Dammartin-en-Goële waar de twee terroristen zich hebben verschanst met een gijzelaar. Haar 20-jarige broer werkt in een groot distributiecentrum naast het beletteringsbedrijfje dat door de politie is belegerd. En niemand mag weg uit wat formeel tot militaire zone is uitgeroepen. „Hij is net jarig geweest en is als een zoon voor me.” De Marokkaanse man van Atyah is er ook. Hij is ontzettend boos. „Frankrijk is veel te slap. Dit tuig moet je keihard aanpakken: tachtig jaar opsluiten. Dan snappen ze het wel.” Even kan Atyah bellen met haar broer. Hij probeert haar gerust te stellen, vertelt dat er sluipschutters op het dak van het distributiecentrum zijn en dat hij en zijn 150 collega’s veilig in het grote magazijn zitten. Om de tijd te doden zijn ze weer aan de slag gegaan: met de steekkarretjes en de pallets. „Ze zullen in ieder geval niet omkomen van de honger”, zegt Atyah met een wrang lachje. „Maar ik ben er niet gerust op: bij dat magazijn staan de gasflessen hoog opgestapeld.”

Dammartin-en-Goële is een typisch slaapstadje vlakbij luchthaven Paris Charles De Gaulle. Behalve het bedrijventerrein is hier weinig economische activiteit. De gebroeders Chérif en Saïd Kouachi doken hier gisterochtend in de buurt op, nadat ze donderdagavond even van de radar verdwenen leken te zijn. Na een achtervolging en een schotenwisseling verscholen ze zich in een klein beletteringsbedrijf, waar vier of vijf werknemers stickers en visitekaartjes maken.

„Hoe zijn ze hier in godsnaam terechtgekomen”, vraagt Steven Grandpierre, die met vrienden voor een pizzeria het nieuws bespreekt. „Gisteren werden de twee hier nog ver vandaan gespot, zijn ze dan komen lopen?” „Het zou mij niet verbazen”, zegt Teddy Tesson, zijn maat. „Volgens mij wilden ze terug naar Parijs, om daar nog meer dood en verderf te zaaien. De stad is hier maar 35 kilometer vandaan en ons dorp ligt op de route.”

Bastien werkt voor een aannemer op het terrein. Vanochtend werd hij opgeschrikt door de schoten. Binnen de kortste keren stonden er politieagenten voor zijn neus. „Ze riepen: wegwezen, oprotten, het is hier niet veilig. De helikopters scheerden in steeds kleinere cirkels over het terrein.” Samen met wat collega’s wist hij weg te komen. Nu staat hij al zes uur te wachten in de kou. „Ik woon hier vlakbij, maar ik kan niet naar huis. Mijn sleutels liggen daar nog.” Uiteindelijk mogen hij en enkele andere werknemers onder politiebegeleiding sleutels en auto’s ophalen.

Even later komen ook bussen voorbij, met kinderen. Scholen in de buurt van het terrein mochten de hele dag niet worden geëvacueerd, in overeenstemming met de hier geldende noodverordening. Maar aan het einde van de middag worden ze dan toch met loeiende sirenes weggevoerd. Een teken dat het nog lang gaat duren? Of is dit juist de stilte voor de storm? Rond vijf uur klinken opnieuw geweerschoten in Dammartin-en-Goële. De terroristen worden gedood, de gijzelaar wordt gered. En Dammartin-en-Goële wil weer snel worden vergeten.