Met hulp aan Oekraïne verdedigt EU zichzelf

Vijftig miljard euro zou Europa de Oekraïners er weer bovenop moeten kunnen helpen. Tot wederzijds economisch voordeel en voor de defensie van Europa tegen Rusland dat allang geen strategische partner meer is, maar een gevaarlijke rivaal, meent George Soros.

De sancties tegen Rusland van de VS en Europa werkten sneller en harder dan verwacht. Dat is vooral te wijten aan de val van de olieprijs. Met de sancties stortte die Rusland in een crisis, enigszins vergelijkbaar met die van 1998. Ik bepleit voor het eerste kwartaal van 2015 een tweeledige aanpak, waarbij de sancties tegen Rusland in evenwicht zijn met grootschaliger hulp aan Oekraïne.

Sancties zijn een noodzakelijk kwaad. De EU en de VS willen geen oorlog met Rusland riskeren en economische sancties blijven als enige mogelijkheid over om de Russische agressie te weerstaan. Ze zijn een kwaad omdat ze niet alleen het land schaden waaraan ze worden opgelegd, maar ook de landen die ze opleggen.

Maar alle gevolgen van hulp aan Oekraïne zijn positief. Door Oekraïne in staat te stellen om zich te verdedigen, verdedigt Europa indirect ook zichzelf. Een injectie van hulp stabiliseert de Oekraïense economie en prikkelt indirect de Europese economie door extra export naar en investeringen in Oekraïne.

Helaas lijken Europeanen en hun leiders ongevoelig voor deze overwegingen. Europa lijkt gevaarlijk blind voor rechtstreekse militaire dreiging en blijft doen of er niets aan de hand is. Het behandelt Oekraïne als elk ander land dat financiële hulp nodig heeft en niet eens als een land dat belangrijk is voor de stabiliteit van de euro, zoals Griekenland of Ierland.

Oekraïne heeft internationale hulp nodig omdat het schokken heeft ondergaan die een financiële crisis teweeg brachten. Die schokken gaan voorbij. Zodra Oekraïne zich herstelt, zou het zijn schuldeisers moeten kunnen terugbetalen. Dit verklaart waarom het IMF is belast met de financiële hulpverlening aan Oekraïne.

Omdat Oekraïne een slechte staat van dienst had bij eerdere IMF-programma’s, drongen officiële kredietverstrekkers erop aan dat Oekraïne alleen hulp krijgt als beloning voor een bewijs van structurele hervormingen, niet als aansporing om hervormingen door te voeren.

Uit dit conventionele perspectief bezien, zijn het geslaagde verzet op het Maidan-plein tegen de gewezen regering-Janoekovitsj en de latere Russische inlijving van de Krim en vorming van separatistische enclaves in Oost-Oekraïne slechts bijkomstige, tijdelijke externe schokken.

Toch zijn het ontstaan van een nieuw Oekraïne en de Russische agressie niet zomaar tijdelijke schokken, maar historische gebeurtenissen. De EU heeft niet meer te maken met de resten van een stervende Sovjet-Unie, maar met een oplevend Rusland dat van strategische partner in strategische rivaal is veranderd. Ter vervanging van het communisme ontwikkelde Poetin een nationalistische ideologie die berust op etnische gronden, sociaal conservatisme en godsdienstige overtuiging – de broederschap van het Slavische ras, homofobie en het heilige Rusland. Zijn ambitie om een nieuw Russisch rijk te scheppen leidde onbedoeld tot het ontstaan van een nieuw Oekraïne dat zich afzet tegen Rusland en het tegendeel wil worden van het oude Oekraïne, met zijn endemische corruptie en ondoelmatige bestuur. Een politiek betrokken maatschappelijk middenveld is de beste garantie tegen een terugkeer van dat oude Oekraïne.

Met financiële en technische hulp kunnen de Europese autoriteiten de Oekraïense regering zo beïnvloeden dat ze tot radicale hervormingen overgaat. Helaas wordt Europa gehinderd door de begrotingsregels voor de lidstaten. De onderhandelingen moeten dus van het ambtelijke naar het politieke niveau gaan. De Europese bureaucratieën hebben al moeite om de 15 miljard dollar bij elkaar te krijgen die het IMF als absoluut minimum beschouwt.

Europese leiders moeten het onbenutte leenvermogen van de EU aanboren en andere ongebruikelijk bronnen zoeken om Oekraïne een groter financieel pakket te kunnen bieden dan dat wat op het ogenblik wordt overwogen. Dat stelt de Oekraïense regering in staat tot ingrijpende hervormingen. Hieronder een aantal:

1. De Betalingsbalansfaciliteit (gebruikt voor Hongarije en Roemenië) heeft 47,5 miljard dollar en het Europees Financieel Stabilisatiemechanisme (voor Portugal en Ierland) heeft ongeveer 15,8 miljard dollar aan ongebruikte middelen.

2. Extra kredietverlening aan Oekraïne van 13 miljard euro door grotere matchingfondsen van de EU.

3. Obligaties voor projecten van de Europese Investeringsbank kunnen minstens 10 miljard dollar opleveren.

4. Vijf miljard uit langetermijnfinanciering door de Wereldbank en de Europese Ontwikkelingsbank om de bankensector te herstructureren.

5. Ruim vier miljard extra deviezenreserves door herstructurering van de Oekraïense staatsschuld.

Misschien zijn niet al deze bronnen aan te wenden, maar waar een politieke wil is, is een weg. Merkel, die zich ten aanzien van Rusland en Oekraïne een Europees leider heeft betoond, bezit de sleutel. Deze aanvullende financieringsbronnen moeten minstens 50 miljard dollar opleveren.

Europa moet wakker worden, beseffen dat ze wordt bedreigd. EU-landen dienen de hulp aan Oekraïne ook als defensie-uitgaven te zien. De sancties moeten worden gehandhaafd tot Poetin ophoudt Oekraïne te destabiliseren. Door hulp aan Oekraïne hervindt de EU misschien de waarden en beginselen waarop ze is gegrondvest.