Ik maak kunst uit wetenschap, beeld is mijn passie

(Boven) „Indigo 2 – lengtedoorsnede van darmweefsel.” (Midden) „In het lab, in 2011.” (Onder)„Dreamflight, bloedcellen, enChrystal Blue, een nieuwimmono-artifact.”
(Boven) „Indigo 2 – lengtedoorsnede van darmweefsel.” (Midden) „In het lab, in 2011.” (Onder)„Dreamflight, bloedcellen, enChrystal Blue, een nieuwimmono-artifact.”

„Vijfendertig jaar heb ik in een laboratorium gewerkt. Zo’n twintig jaar daarvan heb ik doorgebracht in een donkere kamer. Ik heb microscopisch onderzoek gedaan, weefsel onderzocht, studie gemaakt van het menselijk afweersysteem, met name van de afweer tegen kankercellen.

„Met digitale fluorescentie-technieken maakte ik foto's, waarmee je cellen en weefsels aan de hand van kleuren bestudeert. Regelmatig kreeg ik beelden onder ogen waarvan ik dacht: tjonge, dat is mooi! Dan zette ik een grote pijl en noteerde het woord ‘galerie’ erbij.

„Zo groeide het idee om later, na mijn pensionering, iets te gaan doen met de artistieke waarde van deze weefselopnamen. Wat precies? – dat wist ik toen nog niet.

„In de laatste fase van mijn dienstverband had ik gaandeweg meer management- taken gekregen, waardoor ik me minder met de inhoud van onderzoek kon bezighouden. Zo omstreeks mijn zestigste kwam ik voor de keuze te staan: als ik me weer op research wilde concentreren, moest ik nog zeker vier jaar doorgaan met werken. Toen dacht ik: nee, ik kies voor iets anders, ik ga kunst uit wetenschap maken.

„Ik ben me gaan toeleggen op de artistieke waarde van mijn onderzoeksmateriaal. Beelden zijn nu mijn passie.

„Bij mijn afscheid, eind 2011, heb ik een eerste expositie samengesteld van de mooiste ‘fluorescentie-beelden’ die op aluminium platen zijn geprint. Daarna ging het snel. Ik kreeg al direct een aanbieding om elders te exposeren, in mei 2012. Het stimuleerde mij om flink aan de slag te gaan. Hoe bouw ik een collectie op? Hoe kom ik aan een website? Hoe breng ik mijn werk aan de man, voor welke prijs? Hoe noem ik mijn werk? Ben ik nu opeens een kunstenaar?

„Een naam voor dit nieuwe, artistieke genre had ik snel bedacht: immuno-art. Als wetenschapper was ik gewend systematisch, methodisch, projectmatig te werken. Zo heb ik ook mijn nieuwe werk opgepakt, als een ondernemende kunstenaar.

„Ik heb een businessplan gemaakt, met drie doelen: ik wil de schoonheid van cellen en weefsels tonen aan een breed publiek; ik wil bijdragen aan educatie, aan kennisoverdracht over de werking van het menselijk afweersysteem, met name bij kanker; en ik wil fondsen werven voor onderzoek op het terrein van immunotherapie – behandelingen die de afweer versterken.

„Het oprichten van een aparte stichting was niet nodig. Er bestaat al een fonds, de AVL Foundation, dat gelden werft voor kankeronderzoek. Mijn immono-art is daarvan nu een onderdeel. Alle opbrengsten gaan via mijn website naar dit fonds.

„Inmiddels heb ik op meer dan twintig plekken geëxposeerd: in een gezondheidscentrum, een bibliotheek, een gemeentehuis, in een museum, op donatiemiddagen, bij jubilea, op de Huisarts Beurs in Utrecht.

„Mijn collectie omvat 43 immuno-kunstwerken. De oplage is tien stuks. Wie wil, kan een uniek exemplaar kopen. In het afgelopen jaar ben ik begonnen met een tweede serie werken, die ik immuno- artifacts noem: dat zijn beelden die ik verder heb bewerkt en gestileerd met een digitaal programma. Deze reeks omvat inmiddels 25 werken.

„Door dit werk kom ik op plekken, ontmoet ik mensen, voer ik gesprekken die mijn horizon verbreden. Dit leidt tot bijzondere, onverwachte gebeurtenissen.

„Een tijdje geleden kwam ik thuis drie oude bontjassen tegen. Die waren ooit van mijn moeder en een tante geweest. Ik dacht: wat moet ik ermee, ik draag zulke jassen niet. Ik heb de Modeacademie in Amsterdam gebeld; die wilde ze wel voor de opleiding hebben. Ik ging de jassen brengen en zag grote, witte muren in het gebouw. Tegenwoordig denk ik dan meteen: kijk, expositieruimte!

„Zo raakte ik in gesprek, wat meteen een hele leuke wending nam. Het resultaat is dat mijn werk nu ook op textiel wordt geprint en dat een studente een kledinglijn ontwerpt die ze komend voorjaar presenteert – immuno-fashion. En naast een modeshow mag ik deze zomer ook drie maanden exposeren in The Amsterdam Fashion Hotel.

„Ik heb inmiddels een hele reeks plannen gemaakt om mijn werk onder de aandacht te brengen. Ik houd lezingen en heb een video over immuno-art. Ook zou ik lessen willen geven op middelbare scholen, bij biologie, over afweer, in ruil voor de verkoop van kunstwerken die leerlingen met sponsoracties financieren. Ik kan met de immuno-art nog jaren vooruit – en daar verheug ik me op.