‘Schoonmaak gaat nog meer kosten’

De compensatie voor de Bodo-gemeenschap is geregeld, nu de schoonmaak nog.

Olievervuiling in Bodo, in zuidoosten van de Nigerdelta.
Olievervuiling in Bodo, in zuidoosten van de Nigerdelta. Foto AFP

Plotseling was er deze week de schikking tussen Shell en de bewoners van het Bodo-gebied in de Nigerdelta. De Nigeriaanse dochter SPDC waarvan Shell voor 30 procent eigenaar is en waarin de Nigeriaanse overheid een meerderheidsbelang heeft van 55 procent (naast Total 10 procent en Eni 5 procent) betaalt 70 miljoen euro aan inwoners van Bodo ter compensatie van schade door twee ollielekkages in 2008.

Nog nooit werd er door de olie-industrie zo’n hoog bedrag op tafel gelegd wegens de vervuiling van de Nigerdelta. De advocaten van het Britse kantoor Leigh Day juichten, en volgens de advocaten stonden ook de bewoners van Bodo te juichen.

Zeker diegenen die zich door de advocaten van Leigh Day hebben laten vertegenwoordigen, ruim 15.000 van de in totaal bijna 70.000 inwoners. Zij krijgen, na aftrek van de advocatenkosten die ongeveer 15 miljoen euro zullen bedragen, allemaal een paar duizend euro op hun rekening bijgeschreven ter compensatie van gederfde inkomsten.

Maar ook wie niet met de dure Britse advocaten in zee is gegaan, heeft baat bij de schikking. Een deel van het bedrag komt ten goede aan de hele gemeenschap, om bijvoorbeeld de gezondheidszorg op poten te zetten.

„Op dit moment hebben de inwoners van het gebied geen enkele medische zorg”, zegt oud-ambassadeur Bert Ronhaar die nu in het gebied optreedt als speciale vertegenwoordiger van de Nederlandse regering. „Er is niet één arts in het gebied. Kinderen sterven aan astma en volwassenen aan kanker bezwijken of brandwonden.”

Ronhaar is niet direct bij de schikking betrokken, wel indirect. Samen met de Nigeriaan Inemo Samiama heeft hij de basis weten te leggen voor een dialoog in het gebied tussen alle betrokken partijen: Shell, de Nigeriaanse overheid, de Bodo-gemeenschap en onafhankelijke milieuorganisaties. Ronhaar is nu samen met Samiama verantwoordelijk voor het oplossen van dat deel van het drama dat niet onder de schikking tussen Shell en de Bodo-gemeenschap valt: het opruimen en schoonmaken van een enorme plak oliedrap.

Toen Ronhaar in 2010 als ambassadeur naar Nigeria kwam, had hij zich van alle kanten laten voorlichten over het drama in de Nigerdelta. Hij was gewaarschuwd dat wat hij aan zou treffen „schandalig” was . Kort na aankomst vloog hij per helikopter boven het Bodo-gebied, in het zuidoosten van de Nigerdelta.

Wat trof u daar aan?

„Een gebied van ongeveer twaalf vierkante kilometer dat helemaal zwart is van de olie. Werkelijk verschrikkelijk. Het is een mangrovegebied, moerasachtig. Vanuit de lucht zie je dat de bomen dood zijn en dat er een dikke zwarte koek ligt. Er is geen visserij meer, het drinkwater is vervuild.”

Wat was uw reactie?

„Dit kan niet en dit mag niet. Schandalig gewoon dat daar sinds de olielekkages van 2008 niks aan gedaan is. Ik ben ik naar Shell gestapt – in Nigeria maar ook in Nederland – en heb gevraagd waarom doen jullie daar niks aan?”

En wat was het antwoord?

„Ja, dat wilden ze wel maar er waren allerlei problemen. Waar het op neer kwam was dat de bevolking totaal geen vertrouwen meer had in Shell en Shell niet in de bevolking. Ik ben toen met alle partijen gaan praten. Maar dat was moeilijk omdat de Bodo-gemeenschap aanvankelijk dacht dat ik onder één hoedje speelde met Shell. Bovendien was die gemeenschap onderling verdeeld.”

Hoe heeft u ze kunnen overtuigen?

„Ze kenden onze ambassade. We hadden daar verschillende projecten lopen op het gebied van mensenrechten en milieubescherming. Ik ben met iedereen gaan praten, tot aan president Goodluck Jonathan toe. Intussen was er in 2011 het vernietigende rapport van de Verenigde Naties over de vervuiling van de Nigerdelta. De druk nam toe op Shell om iets te doen. Op een gegeven moment kwam alles samen: Shell had er belang bij om een regeling te treffen, de Bodo-gemeenschap dat er snel iets zou gebeuren. Toen is het plan ontstaan om de compensatie los te koppelen van de schoonmaak. Dat eerste is nu afgesloten en ik denk dat die schikking niet mogelijk was geweest als we de partijen niet met elkaar in gesprek hadden kunnen brengen. Dus er is wel een indirect verband, maar niet direct.”

En nu begint de schoonmaak, waarover u samen met meneer Samiama de regie voert. Hoeveel gaat dat kosten?

„Dat vind ik moeilijk te zeggen, maar het zal een veelvoud zijn van de 70 miljoen waarvoor nu geschikt is. Shell betaalt voor alles wat nodig is om op te ruimen en schoon te maken.”

Ook als de vervuiling het gevolg is van diefstal en illegale raffinage?

„Daar zijn ze volgens de Nigeriaanse wet aan gehouden.”

En wanneer is het Bodo-gebied weer schoon?

„Dat kan over een jaar of vier zijn. Maar daarna moeten er nog weer mangrovebossen worden aangeplant. En de visstand moet worden hersteld. En dan hebben we het alleen nog maar over het Bodo-gebied, een heel klein stukje van de Nigerdelta. Er zijn plaatsen die nog veel erger zijn vervuild. Maar als dit straks goed loopt dan zullen andere oliemaatschappijen misschien volgen. Shell is misschien de grootste, maar zeker niet de enige oliemaatschappij die actief is in het gebied.”