NVM bereid tot schikking over failliet softwarebedrijf

De NVM moet 2,3 miljoen euro vergoeden, omdat het een softwarebedrijf onrechtmatig weg heeft geconcurreerd.

FOTO THINKSTOCK

De NVM heeft een akkoord bereikt over het betalen van een schadevergoeding van 2,3 miljoen euro. De grootste makelaarsvereniging van Nederland (bijna 4.000 leden) wil zo schikken in de slepende affaire rond het faillissement van het concurrerende softwarebedrijf HPC in 2004. Dat blijkt uit interne stukken die in het bezit zijn van deze krant.

De Hoge Raad, de hoogste rechter van Nederland, concludeerde vorig jaar dat de NVM onrechtmatig heeft gehandeld door HPC destijds uit de markt te drukken. Met de schikking voorkomt de makelaarsvereniging een jarenlange procedure om de exacte schade vast te stellen.

Op 2 januari is de NVM een schadevergoeding overeengekomen. Het gaat om 2.347.636 euro, bevestigt curator Ton Veerman van HPC. Veerman wil verder geen commentaar geven over de schikking wegens een geheimhoudingsafspraak. „Ik ga er helemaal niets over zeggen”, reageert ook de woordvoerder van de NVM.

Affaire

Het bestuur onder leiding van Ger Hukker, sinds 2007 voorzitter, heeft de claim van HPC acht jaar lang juridisch aangevochten. Naar de buitenwereld en ook naar de leden toe is het bestuur lange tijd terughoudend geweest over de affaire. De schadevergoeding is niet in de begroting opgenomen. De schikking gaat mogelijk ten koste van het eigen vermogen of wordt betaald met het dividend van de eigen ondernemingen, zoals huizensite Funda. Hoe hoog het eigen vermogen nu is, wil de NVM niet zeggen. Eind 2013 had de holding 3,4 miljoen euro eigen vermogen en het dividend van de ondernemingen was 4,5 miljoen euro, volgens het jaarverslag.

HPC Hard & Software Services verkocht vanaf de jaren tachtig speciale software voor makelaars om vraag en aanbod van woningen onderling uit te wisselen. Eind jaren ’90 had de onderneming 120 klanten in de regio Den Haag, waaronder de Haagse Makelaarsbeurs, een subvereniging van de NVM met 100 kantoren. Maar de NVM verplichtte haar leden om gebruik te maken van haar eigen software. De leden kregen het advies terughoudend tot „achterdochtig” te zijn naar andere leveranciers, concludeerde de Hoge Raad vorig jaar. HPC kreeg zijn producten niet meer verkocht en ging begin 2004 failliet.

HPC heeft daarvoor jarenlang gevraagd om technische aansluiting op het uitwisselingssysteem van de NVM te krijgen, maar werd „aan het lijntje” gehouden, lichtte curator Veerman vorig jaar desgevraagd toe. Pas rond het faillissement van HPC gooide de NVM de markt voor makelaarssoftware open. De vereniging had met andere ondernemers inmiddels het bedrijf Realworks opgericht als vaste leverancier van software.

Door HPC geen technische aansluiting te geven op het NVM-systeem, heeft de makelaarsvereniging zich schuldig gemaakt aan „leveringsweigering”, oordeelden zowel het gerechtshof Amsterdam als later de Hoge Raad. De NVM heeft de Nederlandse markt voor kantoorautomatiseringssoftware zo „verhinderd, beperkt of vervalst”, concludeerde het hof.

Tijdens de procedure schatte curator Veerman de totale schade van het faillissement ooit op 5,6 miljoen euro plus rente. Maar omdat de rechtzaken zich al jarenlang voortsleepten, zei hij vorig jaar tegen deze krant liever snel te willen schikken.

De schikking van 2,3 miljoen euro is desondanks ruim voldoende om alle crediteuren van HPC, enkele tientallen, tien jaar na dato toch te kunnen betalen. Veerman: „Zeer uitzonderlijk. Dat gebeurt vrijwel nooit. Feitelijk gezien is HPC dan ook niet meer failliet”. De curator wil na de betaling een ‘rehabilitatieprocedure’ opstarten om het faillissement met terugwerkende kracht ongedaan te maken.

Veerman schat dat er maximaal 1,3 miljoen euro nodig is om alle crediteuren volledig af te betalen. De curator draagt de vennootschap vervolgens weer over aan de voormalige bestuurders/aandeelhouders van HPC, inclusief het resterende miljoen van de schadevergoeding.

De schikking moet nog worden goedgekeurd door de ledenraad van de NVM. Eind deze maand heeft de vereniging hiervoor een extra vergadering ingelast. Als de ledenraad niet akkoord gaat, volgt alsnog een ‘schadestaatprocedure’ om de schade precies te bepalen. De uitkomst hiervan is ongewis , maar de vergoeding zou hoger kunnen uitvallen.

Los van de HPC-affaire heeft de NVM al jaren onenigheid met haar dochterbedrijf Realworks, de joint-venture die in 2004 werd opgericht om software te leveren. Marktleider Realworks (ruim 6 miljoen euro omzet in 2013) vroeg de Ondernemingskamer in 2013 om onderzoek te doen. De NVM zou zich teveel op het werkterrein van het dochterbedrijf begeven door eigen software te ontwikkelen, vond Realworks. De Ondernemingskamer zag echter geen reden om aan een „juist beleid” van de NVM te twijfelen. Sindsdien zijn beide partijen in mediation.