Het gelijk van de dichter-organisator

Een politiek adviseur van de dissidente schrijver die in 1989 president van Tsjechoslowakije werd, schreef een biografie van zijn baas. Opmerkelijk daarin is dat hij het vaak niet eens was met diens beleid.

Een fan van oud-president Václav Havel van Tsjechoslowakije die pleit in 2013 voor een naar hem genoemde straat in Brno, Tsjechië
Een fan van oud-president Václav Havel van Tsjechoslowakije die pleit in 2013 voor een naar hem genoemde straat in Brno, Tsjechië Foto Tomas Hajek/Demotix/Corbis

Terwijl de wereld deze zomer in beslag werd genomen door Poetins ontmanteling van Oekraïne en de trek van jonge jihadi’s naar Syrië, zette de Tsjechische republiek het internationale mensenrechtenbeleid over boord. Het gaat in Praag niet langer om de rechten van de Dalai Lama, maar om zakendoen met Beijing. Niet langer om de dissidenten op Cuba maar om handelsbetrekkingen. ‘Het oude beleid was verkeerd’, zei staatssecretaris Petr Drulák eind mei in de krant Lidové noviny, doelend op het internationale mensenrechtenbeleid van oud-president Havel. ‘Het is een verkeerde gedachte dat we anderen ons idee van een ideale samenleving moeten opleggen.’

Vijfentwintig jaar na de Fluwelen Revolutie die een einde maakte aan veertig jaar communistische dictatuur en een herstel betekende van de democratie, zijn de rechten van de mens in Praag naar het tweede plan verwezen.

Het werd nauwelijks opgemerkt. De EU-lidstaat Tsjechië is allang geen nieuws meer. De persbureaus hebben zich na de roerige jaren negentig grotendeels teruggetrokken. Als het land al in het nieuws komt is het met sport, of als de huidige president Milos Zeman zich weer eens misdragen heeft. Ook mensenrechten zijn veertig jaar na de Akkoorden van Helsinki – waarin Oost en West onder meer vastlegden dat ze elkaar mochten aanspreken op het respecteren van de rechten van de mens – geen nieuws meer. Het contrast met het tijdperk van Václav Havel, zoals beschreven door Michael Zantovsky, kan bijna niet groter.

Zantovsky is niet de eerste die het onwaarschijnlijke leven van de Tsjechische toneelschrijver, dissident en president Václav Havel heeft vastgelegd. Al in 1999 deed de Australiër John Keane een poging met Václav Havel: A political tragedy in six acts. Zelf kwam Havel in 2007 met To the castle and back. Veel episodes uit het wonderbaarlijke verhaal van de schrijver/dissident die na jaren gevangenisstraf onder het communisme de eerste president werd van het vrije Tsjechoslowakije, zijn daarom al bekend.

Zantovsky schrijft van binnenuit. In 1989 was de klinisch psycholoog – die tevens werkte voor persbureau Reuters – één van de dissidenten die zich aansloot bij het Burgerforum, door Havel opgericht als tegenpool van het wankelende communistische bewind.

Woordvoerder

Toen Havel eind december van dat jaar door het parlement van Tsjechoslowakije gekozen werd tot president, werd Zantovsky zijn woordvoerder en adviseur. Die rol vervulde hij ruim twee jaar tot het begon te schuren tussen de twee mannen. Zantovsky vond dat Havel zijn aanhang politiek moest organiseren, in een politieke partij. Maar Havel stond een moreel presidentschap voor ogen, dat boven de partijen stond. Hij weigerde de politieke arena te betreden. Zantovsky werd ambassadeur. Eerst in de VS, toen in Israël en later in Groot-Brittannië.

Zantovsky’s boek begint en eindigt met de dood van Havel op 18 december 2011, op 75-jarige leeftijd. Het leven begint in 1936 in een welvarend gezin in Praag. Upper middle class. De jonge staat Tsjechoslowakije is booming. We volgen de jongeling Václav na de oorlog, de communistische overname, de eerste literaire stappen, de eerste vrouw: Olga, die – ondanks een schare van vriendinnen en minnaressen – bij hem zou blijven tot ze in 1996 aan kanker overleed.

Midden jaren zestig komen de eerste successen als toneelschrijver met absurdistische stukken als Het tuinfeest en Het memorandum. Ook in het buitenland. Na het einde van de Praagse Lente zullen de internationale rechten van die stukken de steeds verder in het nauw rakende dissident van een stabiele stroom deviezen blijven voorzien, schrijft Zantovsky.

Charta 77 is het begin van het einde geworden van de communistische staat. Al kwam dat definitieve einde pas twaalf jaar en vele verhoren en gevangenisstraffen later. Zantovsky schetst Havel als de grote organisator van het dissidente verzet. Volgens Zantovsky is Havel een van de belangrijkste auteurs geweest van het document dat een rechtstreekse reactie was op de Akkoorden van Helsinki die Oost en West in 1975 met elkaar hadden gesloten. Het dissidente document eiste de naleving van de mede door Tsjechoslowakije ondertekende akkoorden. Inclusief de mensenrechten en burgerlijke vrijheden.

In een van de mooiste passages van het boek beschrijft Zantovsky de moeizame totstandkoming van het document. De morele afwegingen, de tegenstellingen tussen de hervormingsgezinde communisten van 1968 die nu ook deel uitmaakten van de dissidenten, en liberale denkers als Havel zelf. Rokerige bijeenkomsten in kleine flats, achtervolgingen door de geheime dienst, lange filosofische debatten. Begin 1977 is het document af, een persattaché van de West-Duitse ambassade smokkelt het naar het buitenland. Alle grote westerse kranten brengen het document.

In 1989 ontpopt Havel zich opnieuw als de grote organisator, schrijft Zantovsky. Waar de Fluwelen Revolutie voor de buitenwereld uit het niets lijkt te komen, beschrijft Zantovsky een strakke regie van Havel. Praktisch, maar vooral ook filosofisch en moralistisch. En dat laatste krijgt volgens de oud-woordvoerder die steeds meer moeite lijkt te krijgen met de morele superioriteit van zijn held, de overhand.

Held

Zantovsky weet niet helemaal raad met zijn positie. Wat hij overigens in het voorwoord zelf toegeeft. Hij noemt zichzelf een vriend van Havel, maar laat tegelijkertijd doorschemeren dat hij het vaak niet eens was met de held van de Fluwelen Revolutie. Hij kan het niet nalaten om hier en daar zijn eigen rol in de adviezen aan Havel te benadrukken. Ook als psycholoog is Zantovsky soms wat vermoeiend als hij Havels schaamte voor zijn rijke jeugd telkens weer als motief opvoert om iets wel of juist niet te doen. In de beschrijving van gebeurtenissen die hij zelf heeft meegemaakt, is Zantovsky op zijn best. Zoals in zijn verhaal over de revolutie van 1989 en het aantreden van Havel. Hij weet de spanning, humor en de vindingrijkheid van de dissidente wereld en de overgang naar de democratie feilloos te raken.