Wie zijn de slachtoffers van de aanslag op Charlie Hebdo?

“Aan een spotprent of een film is nog nooit iemand doodgegaan”, zei de hoofdredacteur van Charlie Hebdo in 2012. Hij kwam gisteren samen met elf anderen om het leven bij de aanslag op het satirische weekblad. Korte profieltjes van de slachtoffers.

V.l.n.r. Charb, Cabu, Wolinski en Michel Renaud.
V.l.n.r. Charb, Cabu, Wolinski en Michel Renaud. Foto AFP

“Aan een spotprent of een film is nog nooit iemand doodgegaan”, zei de hoofdredacteur van Charlie Hebdo in 2012. Hij kwam gisteren samen met elf anderen om het leven bij de aanslag op het satirische weekblad. Korte profieltjes van de slachtoffers.

Charb (47), pseudoniem van hoofdredacteur Stéphane Charbonnier

“Aan een spotprent of een film is nog nooit iemand doodgegaan”, zei Charb in 2012 in NRC Handelsblad nadat ophef was ontstaan over publicatie van spotprenten van de profeet Mohammed.

“Daarbij: ik maak een blad in Frankrijk, niet in Tunesië, Libië of Pakistan. Het enige waar ik rekening mee te houden heb, is de Franse wet. Eenieder die zich geschoffeerd voelt staat het vrij naar de rechter te stappen.”

“Wij maken een blad waarin we de actualiteit becommentariëren. Als de moslimwereld in brand staat vanwege één of andere schijtfilm, is dat nieuws dat we niet kunnen negeren. We doen dit werk al meer dan twintig jaar, we kunnen onszelf niet verloochenen. Onze lezers zouden dat ook niet pikken.”

Twitter avatar Charlie_Hebdo_ Charlie Hebdo #EspritDeNoël La polémique sur les crèches dans les lieux publics est à la une de Charlie de ce mercredi http://t.co/SRWhmuYrUf

Charb werd in 1967 geboren als Stéphane Charbonnier in de Parijse voorstad Conflans Sainte Honorine. Hij tekende voor tal van bladen, waaronder al jaren voor Charlie Hebdo, voordat hij daar in 2009 de leiding nam. Behalve hoofdredacteur was hij een van de vijf eigenaren, van wie er nu vier zijn overleden. Charb bracht meer tekeningen in het blad, de teksten werden onder zijn leiding korter, maar er verscheen ook onderzoeksjournalistiek in de krant.

Cabu (75), pseudoniem van Jean Cabut

Hij tekende Sarkozy steevast met duivelse hoorntjes. En hij werd bekend door de symbolische cover waarmee hij in Charlie Hebdo in 2006 reageerde op de rellen rond de Deense cartoonist Kurt Westergaard, die Mohammed niet mocht afbeelden: Mohammed in de greep van conservatieven, luidt de tekst, en we zien de profeet met de handen voor de ogen die zegt: “Het is moeilijk om door stomkoppen geliefd te worden.”

Jean Cabut, bekend als Cabu, werd van een relatief milde cartoonist een steeds scherpere en politiek azijnige. Cabu volgde een tekenopleiding in Parijs toen hij eind jaren vijftig voor ruim twee jaar in dienst moest, naar de oorlog in Algerije: daar werd hij militant antimilitarist en anarchist. Hij begon te tekenen voor het legerblad en Paris Match. Terug in Frankrijk vond hij al snel onderdak bij Hara Kiri en Charlie Hebdo. Voor de laatste maakte hij fenomenale getekende reportages. Zijn zoon was de Franse popmuzikant Mano Solo.

Twitter avatar Charlie_Hebdo_ Charlie Hebdo À la une cette semaine, il parait qu’on a tout essayé… http://t.co/7lgRCnfb7B

Tignous (57), pseudoniem van Bernard Verlhac

Tignous, eigenlijk Bernard Verlhac, was een relatieve nieuwkomer in het kamp van Charlie Hebdo. Hij tekende sinds 1980, en was behalve cartoonist ook striptekenaar, van onder meer Panda’s dans le brume. Spotprenten maken vond hij moeilijker dan strips tekenen: “Want dan moet je alles in een plaatje samenballen.” Hij had een losse stijl waarmee hij felle antiklerikale en kritische politieke tekeningen maakte. Tignous was een tekenaar van na de heroprichting van Charlie Hebdo – anders dan Wolinski en Cabu heeft hij de begintijd in de jaren zestig niet meegemaakt. Hij werd omstreeks die tijd geboren, in Parijs. Zijn artiestennaam is een eerbetoon aan zijn Zuid-Franse oma, die hem tignous noemde, Zuid-Frans voor petite teigne, aldus Le Monde: zoiets als kleine spinnekop.

Twitter avatar Charlie_Hebdo_ Charlie Hebdo Et voici la une de Charlie demain! http://t.co/WDdwGjyKjt

Wolinski (80), pseudoniem van Georges Wolinski

Georges Wolinski was vooral de tekenaar van de seksuele revolutie. Hij kon met een paar rake stiftstreken mannetjes en vrouwtjes neerzetten die in de eeuwige strijd der seksen verwikkeld waren, en die in een soms lange, maar zeer leesbaar geblokletterde tekst elkaar de verschrikkelijkste verwensingen konden doen.

Wolinski kwam als provocerende cartoonist op stoom in de revolte van mei 1968 in Parijs. Van een scherp politiek tekenaar die de autoriteiten belachelijk maakte, ontwikkelde hij zich tot een mildere, erotische en humoristisch-provocerende commentator van de mensheid, Franse zeden en de strijd der seksen. Hij was van 1970 tot 1981 chef van Charlie Hebdo. Hij kreeg in 2005 de grote Franse striptekenprijs van Angouleme. In 2011 verscheen een groot overzichtsboek getiteld Sexualité des Français de De Gaulle à Sarkozy.

Honoré, pseudoniem van Philippe Honoré (73)

De laatste officiële tweet van de redactie van Charlie Hebdo – gisteren om 11.28 uur – was een cartoon van Philippe Honoré. In die cartoon wenste baas van IS, Abu Bakr al-Baghdadi, iedereen “een goede gezondheid”.

Twitter avatar Charlie_Hebdo_ Charlie Hebdo Meilleurs vœux, au fait. http://t.co/a2JOhqJZJM

Honoré publiceerde voor het eerst op 16-jarige leeftijd in de regionale krant Sud-Ouest. Daarna werkte hij voor onder meer Le Monde en Libération. Sinds 1992 was hij werkzaam voor Charlie Hebdo.

Ahmed Merabet (42)

Als de daders na de schietpartij willen wegrijden, worden ze klemgereden door een politieauto. Agent Ahmed Merabet stapt uit de auto en rent naar ze toe. Dan wordt hij geraakt door de schutters. Op videobeelden is te zien hoe de twee daders naar de agent toelopen terwijl hij op de grond ligt. Hij steekt zijn hand omhoog en vraagt: “Willen jullie mij doden?” Een van de mannen rent naar hem toe en antwoordt: “Dat is goed, baas”, en schiet hem door het hoofd.

Merabet, een Franse Arabier, was getrouwd en had geen kinderen.

Bernard Maris (68)

Bernard Maris was journalist en econoom. In Charlie Hebdo had hij de column ‘Ome Bernard’. Behalve voor dit blad schreef hij voor kwaliteitskranten als Le Nouvel Observateur, Le Figaro en Le Monde. Maris gaf economie aan een Parijse universiteit en was bovendien lid van de raad van toezicht van de Franse centrale bank. Hij schreef meerdere boeken: zowel fictie als non-fictie. Zijn bekendste roman ‘L’enfant qui voulait être muet’ (‘Het kind dat stom wilde zijn’) werd bekroond. Hij was politiek actief voor de Groenen.

Michel Renaud

Michel Renaud was een voormalig journalist en festivaldirecteur die het kantoor van Charlie Hebdo bezocht. Eerder werkte hij op het kantoor van de burgemeester in Clermont-Ferrand. Hij kwam op bezoek bij Camu, omdat hij tekeningen van hem had geleend voor een biënnalefestival dat hij organiseerde. Hij kwam de tekeningen terugbrengen en was uitgenodigd voor de redactievergadering. Hij werd vergezeld door een collega uit Clermont-Ferrand. Die is niet vermoord, omdat hij op de grond was gaan liggen tijdens de schietpartij.

Moustapha Ourrad

Moustapha Ourrad, van oorsprong Algerijns, was eindredacteur van het blad. Op zijn twintigste kwam hij naar Frankrijk. Zijn ouders overleden vroeg. Hij was een autodidact, die veel indruk maakte op zijn omgeving met zijn kennis over cultuur en filosofie. Met name over Nietzsche wist hij veel. Voordat hij bij Charlie Habdo aan de slag ging, deed hij eindredactiewerk voor onder meer een uitgeverij en verschillende kranten.

Zijn vrienden zeggen tegenover Le Monde dat ze kapot zijn van het verlies van hun vriend en dat hij zeer geliefd was.

Elsa Cayat

Elsa Cayat was een psycho-analiste. Ze had een tweewekelijks rubriek, ‘Charlie Divan’, in Charlie Hebdo. Ze schreef meerdere essays, onder meer met als thema liefdesrelaties. Ze is de enige vrouw die werd gedood.

Frédéric Boisseau (42)

Frédéric Boisseau was conciërge in het redactiegebouw. Op het moment van de aanslag zat hij bij de receptie en werd hij als eerste gedood. Boisseau was getrouwd en vader van twee kinderen.

Franck Brinsolaro (49)

Franck Brinsolaro was agent en de bewaker van hoofdredacteur Charb. Eerder bewaakte hij al andere bekende Fransen. Hij was getrouwd en vader van twee kinderen.

Met bijdragen van Paul Steenhuis en René Moerland.