Die haat, die ongelooflijke haat

Woede door spiritueel gemis. Democratische consumptiemaatschappij heeft zijn beste tijd gehad, vreest René Leijtens.

Illustratie Siegfried Woldhek

Dinsdag las ik het boek Disgrace van J. M. Coetzee ademloos uit. Nog geen dag later plegen radicale moslims een bloedige aanslag in Parijs. Westerse regeringen struikelen over hun woorden om verontwaardiging over de daad en solidariteit met de Franse regering te uiten. Straten vullen zich met boze burgers. Aan de tafel van programma De Wereld Draait Door veel verbaal geweld tegen het extremisme en de angsthazerij. Tot diep in onze ziel zijn wij, westerlingen, geraakt.

Zij, de extremisten, zijn trots. Vanuit heel Frankrijk – en ik neem aan vanuit heel de wereld – applaudisseren zij. Net als bij 9/11 dansen ze in gedachten op de straten die zich nu vullen met hun tegenstanders: wij. Waar komt die haat, die ongelofelijke haat, tegen de Westerse normen en waarden vandaan? Wat is er mis met onze waarden?

Daarnet klikte ik het filmpje aan van de aanslag. Tot mijn stomme verbazing startte eerst een reclamefilmpje van L’Oréeal. Direct na het nieuws dat volledig overheerst werd door de aanslag in Parijs kondigde Frits Sissing, geflankeerd door een paar vrolijke musicalsterretjes, de Musical Awards aan. Twee dagen geleden vond NRC het nodig om de middenpagina te vullen met een man die in de jaren zestig vrijwillig een gaatje in zijn voorhoofd boorde.

Terwijl de Gazastrook in brand staat, Joodse kolonisten in rap tempo de Westerse Jordaanoever opeisen, Syrië al jaren aan zijn lot overgelaten wordt, lokale – al dan niet geradicaliseerde – Afghaanse en Pakistaanse krijgsheren de ene wereldmacht na de andere van zich af hebben moeten slaan en Wilders en de zijnen Marokkanen ongestraft – vooralsnog – wegzetten als een minderwaardige bevolkingsgroep.

Kan het zijn dat er een hele bevolkingsgroep in het Westen zich niet meer kan vereenzelvigen met die ooit zo geïdealiseerde Westerse normen? Dat ze tot hun schrik merken dat hun emigratie naar dat beloofde land misschien wel een vooruitgang betekende in materiële zin, maar een achteruitgang in spirituele?

In Disgrace schetst Coetzee hoe de sociale verhoudingen in Zuid-Afrika na de afschaffing van de apartheid zijn verschoven. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat ook wij in een overgangsperiode zitten. Onze democratische consumptiemaatschappij heeft zijn beste tijd gehad. De belangrijkste uitgangspunten zoals vrijheid van meningsuiting, godsdienstvrijheid, scheiding van rechtelijke en bestuurlijke macht, nog stammend uit de Verlichting, worden opnieuw op hun bestaansrecht getoetst. En hoe.

De hoofdpersoon uit Disgrace kan zijn woede niet beheersen, tiert, scheldt, slaat en schopt erop los, maar staat volkomen machteloos tegenover de veranderingen. Zijn dochter past zich aan, maar tegen welke prijs?

Hoe we ook reageren op de aanslag in Parijs, of we de weg van de vader kiezen of die van de dochter: iets zal er veranderen.