Schutter: ‘Wil je ons doden?’

Minder dan tien minuten duurde de aanval op Charlie Hebdo. Die begon met een vergissing.

Een gewonde wordt naar de ambulance gebracht, na de aanval op de redactie van satirisch tijdschrift Charlie Hebdo in Parijs gisteren.
Een gewonde wordt naar de ambulance gebracht, na de aanval op de redactie van satirisch tijdschrift Charlie Hebdo in Parijs gisteren. Foto AP

Rond 11.25 uur: Twee in het zwart geklede mannen met bivakmutsen op, bewapend met kalasjnikovs, komen aan bij het pand aan de Rue Nicolas Appert 6, in het 11de arrondissement van Parijs. „Is dit Charlie Hebdo?”, schreeuwen ze. Ze vergissen zich, in het pand bevinden zich de archieven van het nabijgelegen weekblad. Yve Cresson, een audiovisuele producer die in een kantoor ernaast werkt, twittert dat de aanvallers mee naar binnen glipten met de postbode. „Ze vertrokken na twee keer te hebben geschoten.”

Rond 11.30 uur: Op nummer 10, het gebouw van Charlie Hebdo, zien ze bij de gesloten deur illustrator Corinne Rey (Coco), die haar dochtertje van de overblijf heeft opgehaald. De mannen dwingen haar hen naar binnen te laten. „Twee gemaskerde en bewapende mannen bedreigden ons met geweld. Ze wilden naar binnen, omhoog. Ik heb de toegangscode ingetoetst”, zegt ze later tegen dagblad L’Humanité. In de receptie wordt geschoten. Receptionist Frédéric Boisseau wordt gedood.

De mannen gaan naar de redactieruimte op de tweede verdieping. Daar zijn redacteuren en cartoonisten bijeen voor de wekelijkse redactievergadering, de eerste van het nieuwe jaar. Tegen l’Humanité zegt Rey: „Ze hebben op Wolinski, Cabu geschoten, dat heeft vijf minuten geduurd. Ik had me verstopt onder een bureau. Ze spraken perfect Frans. Ze deden zich voor als Al-Qaeda”. De krant Le Parisien schrijft dat de schutters hun slachtoffers bij de voornaam noemden voordat ze hen executeerden. De daders handelden „in koelen bloede”, beschrijft een rechercheur. Een politieauto die altijd voor het gebouw stond, was er de laatste weken niet meer te zien, zegt journalist Martin Boudot.

Journalist Martin Boudot zoekt een veilig heenkomen op het platte dak. Hij werkt voor een ander bedrijf in hetzelfde gebouw. Met anderen maakt hij daar met een mobieltje videobeelden waarop drie of vier schoten zijn te horen. „Ze zijn meteen de redactie binnengegaan en hebben het vuur geopend. Ik heb twee gemaskerde mannen in het zwart gezien, die bij het weggaan ‘Allah akbar’ riepen en naar de lucht wezen, en ze hebben op de politie die buiten op hun post stonden geschoten”, vertelt Boudot op televisie.

Rond 11.40 uur: De politie is er snel met versterking. De aanvallers stappen in een zwarte Citroën C3 en komen bij het wegrijden tegenover een politieauto te staan. Ze vuren een tiental keer op de voorruit. De inzittenden worden niet geraakt. Er volgt een schotenwisseling met de politie.

Even verderop op de Boulevard Richard-Lenoir wordt agent Ahmed Merabet getroffen. Op videobeelden is te zien hoe de twee daders uit hun auto stappen en naar de agent toelopen die op de grond ligt. Een schutter vraagt: „Wil je ons doden?” Merabet, die zijn hand omhooghoudt, antwoordt: „Nee. Het is goed, chef.” De aanvaller schiet hem dan in het voorbijgaan door het hoofd en rent verder.

Rond 11.50 uur: De twee aanvallers keren rustig terug naar hun auto. Op video is te horen dat ze roepen „We hebben de profeet Mohammed gewroken” en „We hebben Charlie Hebdo gedood”. Ooggetuigen zeggen dat ze ook zeiden: „Zeg maar tegen de media dat we van Al-Qaeda Jemen zijn”. Een van de mannen pakt een schoen van de grond voordat hij weer instapt.

12.15 uur: De Franse premier Manuel Valls bezoekt het kantoor van Charlie Hebdo.

Even later op de Rue de Meaux botsen de mannen met hun auto op een andere auto. Ze laten hun auto achter op de kruising met de Rue Sadi Lecointe. In de richting van het metrostation Porte de Pantin in het 19de arrondissement stappen ze over in een witte Renault Clio. Sommige getuigen zeggen dat ze de bestuurder daarvan vriendelijk benaderden. De politie raakt het spoor kwijt; in de achtergelaten auto ligt wel een identiteitsbewijs.

12.30 uur: President François Hollande arriveert bij het gebouw van Charlie Hebdo en spreekt van „een uitzonderlijke barbaarse terreuraanslag”.

13.50 uur: Militairen gaan de straat op.

14.00 uur: De regering kondigt de hoogste staat van paraatheid af, met verscherpte bewaking bij stations, vliegvelden, religieuze gebouwen, krantenkantoren en ministeries. Er wordt rekening gehouden met meer aanslagen.

14.14 uur: Op sociale media gebruiken mensen de hashtag ‘#JeSuisCharlie’ (Ik ben Charlie) om medeleven te betuigen.

14.29 uur: De Franse minister van Binnenlandse Zaken, Bernard Cazeneuve, zegt dat er niet twee maar drie daders betrokken zijn bij de aanslag. De ‘derde’ man bestuurde mogelijk een vluchtwagen.

14.47 uur: De voorzitter van de Franse moslimraad en rector van de grote moskee in Parijs, Dalil Boubakeur, veroordeelt de aanslag in scherpe bewoordingen. „De gemeenschap is onthutst. We zijn geschokt door de brutaliteit en wreedheid.”

15.21 uur: Bij een synagoge in een voorstad van Parijs is een auto uitgebrand. Het is onduidelijk of er een verband is met de aanslag.

19.30 uur: Politie doorzoekt twee appartementen in Parijs.

20.00 uur: President Hollande spreekt op televisie. „Er zijn maatregelen genomen om de verantwoordelijken te vinden, ze zullen net zolang worden nagejaagd als nodig is om hen te pakken en voor de rechter te brengen.” Hij roept donderdag (vandaag) uit tot dag van nationale rouw.

20.50 uur: Op Place de la République, vlak bij het kantoor van Charlie Hebdo, zijn tienduizenden mensen samengekomen. Velen houden pennen in de lucht. Ook in andere Franse steden gaan duizenden mensen spontaan de straat op.

21.10 uur: Franse media melden dat de identiteit van de drie verdachten is vastgesteld. De jongste, van 18, zou uit Reims komen; de twee anderen uit Pantin, in het noordoosten van Parijs.

21.45 uur: Het Franse weekblad Le Point schrijft dat de 32-jarige en de 34-jarige verdachten – broers van Frans-Algerijnse afkomst – vorig voorjaar zijn teruggekeerd uit Syrië.

23.00 uur: De 18-jarige Hamyd Mourad meldt zich bij de politie in Charleville-Mézières. Hij zou hebben geholpen bij de aanslag, maar klasgenoten zeggen dat hij op dat moment op school zat.

23.27 uur: Politie doet inval in Reims. Volgens Le Monde verbleven de verdachten daar de laatste weken.

02.50, donderdag: De politie verspreidt foto’s van de twee verdachten, de broers Cherif en Saïd Kouachi. Ze zijn „gewapend en gevaarlijk”.

09.05 uur: In de Parijse voorstad Mont-rouge opent een man het vuur met een automatisch wapen. Een agente overlijdt. Er lijkt geen verband met Charlie Hebdo.

11.00 uur: De twee daders zouden in hun auto zijn gezien op de autoweg bij Villers-Cotterêts, richting Reims.

Naschrift (9 januari 2014): In een eerdere versie van dit artikel  is de conversatie direct voorafgaande aan de moord op politieagent Ahmed Merabet verkeerd weergegeven: niet Merabet, maar de schutter vroeg: "Wil je ons doden?" Merabet antwoordt dan: "Nee. Het is goed, chef", waarop de aanvaller hem door hett hoofd schiet. In de tekst hierboven is de fout gecorrigeerd [red.].