Shell betaalt bewoners Nigerdelta 70 miljoen

De bewoners van Bodo in de Nigerdelta krijgen 70 miljoen euro van Shell. De partijen zijn na jaren juridische strijd tot een schikking gekomen.

Bodo in de Nigerdelta
Bodo in de Nigerdelta

Na jaren van juridisch touwtrekken, krijgt de Bodo-gemeenschap in de Nigerdelta eindelijk geld te zien. Vanochtend is bekendgemaakt dat de Nigeriaanse dochter van Shell (SPDC) – in een procedure voor de Britse rechter – een schikking heeft getroffen van 70 miljoen euro ter compensatie van twee olielekken in 2008.

Het grootste deel van het geld, 45 miljoen euro, wordt rechtstreeks overgeschreven op de rekeningen van ruim 15.000 getroffen bewoners van het gebied. Zij krijgen ongeveer 3.000 euro per persoon. De rest, 25 miljoen euro, wordt gebruikt voor gemeenschapsprojecten, als ziekenhuizen en scholen.

Hoewel aanzienlijk minder dan aanvankelijk geëist, is het qua omvang de grootste schikking ooit voor olielekken in de Nigerdelta.

De twee olielekken ontstonden kort na elkaar in 2008, in de Bomy-Bonny-pijpleiding in Bodo. Deze leiding is een onderdeel van de Trans Niger pijleiding die dagelijks 180.000 vaten olie vervoert naar de Bonny terminal aan de kust.

‘Bedrijfsfouten’

Het eerste lek ontstond in oktober van dat jaar, duurde zes weken en zou tot een verspilling geleid hebben van ongeveer 2.000 vaten per dag. Daardoor raakte een gebied van twintig vierkante kilometer vervuild.

Het tweede lek ontstond in december 2008, duurde drie maanden en leidde tot een verlies van enkele tienduizenden vaten. Eerder berekende deze krant dat de schade minstens een kwart miljard euro bedroeg. Inkomstenderving van de plaatselijke vissers en schoonmaakkosten inbegrepen.

Shell erkende in 2011 dat de lekken het gevolg waren van „bedrijfsfouten” en beloofde compensatie te betalen. In eerste instantie zou de oliemaatschappij een bedrag van in totaal net 5.000 euro hebben geboden.

Waarop vertegenwoordigers van de Bodo-gemeenschap advocatenkantoor in Londen in de arm namen. De advocaten van het Britse kantoor Leigh Day & Co die de inwoners van Bodo vertegenwoordigen tegenover Shell, betoogden dat er in totaal 500.000 vaten olie de delta in waren gestroomd en 600.000 hectare moerasland was vervuild, waardoor er niet meer gevist kon worden.

Shell noemt de aanvankelijke eis van bijna 400 miljoen euro door Leigh Day & Co in een reactie op de uitspraak „exorbitant hoog”. „Wij wilden degenen die werkelijk door de lekkages getroffen zijn compenseren, maar niet zodanig dat ook valse claims zouden worden beloond”.

De oliemaatschappij heeft zich altijd op het standpunt gesteld dat een belangrijk deel van de vervuiling in het gebied het gevolg is van sabotage door illegale aftapping en niet door nalatigheid van Shell. „Wij hebben nu een schikking getroffen die zowel voor onszelf als voor de gemeenschap aanvaardbaar is”, aldus het bedrijf.

Ook het schoonmaken van het gebied maakt deel uit van de schikking. Dat zal gebeuren onder toezicht van de voormalige Nederlandse ambassadeur in Nigeria, Bert Ronhaar. Onbekend is wat daarvoor opzij is gezet.

Topman Sunmonu van Shell Nigeria waarschuwt echter dat schoonmaken weinig zin heeft als er geen einde komt aan het illegale aftappen en raffineren. „Gebieden die zijn schoongemaakt, zullen anders onmiddellijk weer vervuilen”, aldus Sunmonu.

In Nederland loopt er ook nog een zaak tegen Shell, aangespannen door inwoners van het Nigeriaanse dorp Goi, samen met Milieudefensie. Zij eisen inzage in documenten van Shell die ook daar mogelijke nalatigheid zouden kunnen aantonen.