‘Imitation Game’ bespeelt de kijker in beste Britse traditie

Hebben we in The Imitation Game met artificiële intelligentie of met menselijke emoties te doen? De toeschouwer wordt bespeeld in de beste Britse traditie.

Een belangrijke rol bij de rehabilitatie van Alan Turing speelde die andere wetenschapper die later deze maand in een speelfilm te zien is: Stephen Hawking, de hoofdpersoon van The Theory of Everything. Exacte wetenschap is momenteel ‘hot’ in Hollywood. Zowel Eddie Redmayne, die in de huid van Hawking kroop, als Benedict Cumberbatch die Turing speelt, geldt als sterke kandidaat voor de Oscarnominaties die later deze maand bekend zullen worden gemaakt.

Regisseur Morten Tyldum baseerde zich voor The Imitation Game op dezelfde biografie van Andrew Hodges als de tv-film die al in 1996 met Derek Jacobi werd gemaakt over Turing, de pionier van het computertijdperk, godfather van de artificiële intelligentie en degene die tijdens WO II de Duitse Enigmacode kraakte.

Maar hij is niet alleen geïnteresseerd in een reconstructie van de oorlogsjaren in Bletchley Park waar Turing voor de geheime dienst als codekraker werkte. Door z’n flashbackstructuur heeft de film bij tijd en wijle ook iets van een paranoiathriller. Niet alleen de Duitse vijand moet worden verslagen, maar ook de Britse geheime dienst zelf die in Turing, om zijn seksuele geaardheid en halsstarrige karakter, waarschijnlijk al vanaf het begin een potentieel veiligheidsrisico zag.

Niet dat die suggesties van complottheorieën worden waargemaakt. Daar is de film uiteindelijk toch te degelijk voor. Maar ze geven The Imitation Game daardoor wel het juiste gevoel van geheimzinnigheid en spanning mee, dat wonderwel bij het supergeheime decodeerwerk past, en ook bij het clandestiene leven van Turing zelf, in een tijd waarin homoseksualiteit illegaal was. En het zegt iets over ons, toeschouwers, over het gevoel van mysterie en sensatie dat we kennelijk altijd nodig hebben om ons in het leven van anderen te verdiepen.

In dat opzicht is de film eigenlijk zijn eigen Turingtest, of imitatiespel: Turings benaming voor zijn theoretische ideeën hoe het onderscheid tussen computerintelligentie en menselijke intelligentie valt te onderscheiden. Hebben we in The Imitation Game met artificiële intelligentie of met menselijke emoties te doen? De toeschouwer wordt bespeeld in de beste Britse traditie.