De watersnoodramp, die verkoopt

Alweer gaat een Nederlands bedrijf dijken ontwerpen in het buitenland. Royal Haskoning DHV begint binnenkort in Bangladesh. Nederland is koploper in de waterbouw.

illustratie tomas schats
illustratie tomas schats

Het weerbericht voorspelde weinig goeds op 31 januari 1953. De storm duurde 23 uur en verwoestte grote delen van Zeeland, Zuid-Holland en Noord-Brabant, omdat de dijken het niet hielden. Een watersnoodramp zou Nederland geen tweede keer overkomen. „Sindsdien zijn we drie belangrijke takken van sport in de waterbouwkunde gaan beheersen: uitdenken, ontwerpen en bouwen”, zegt TU Delft professor Bas Jonkman.

Het bedrijfsleven lift aardig mee op die reputatie. Ingenieursbureau Royal Haskoning DHV bleek deze week een contract te hebben getekend voor ruim 10 miljoen euro om honderden kilometers dijken te ontwerpen in Bangladesh. Eerder was het bedrijf betrokken bij herstelwerkzaamheden in New Orleans na orkaan Katrina en een overstroming bij Canal del Dique in Colombia, die anderhalf miljoen mensen trof. „We werken wereldwijd. We zijn het oudste Nederlandse bedrijf in waterbouwkunde en buitenlandse overheden en bedrijven weten ons te vinden”, zegt projectleider Roelof Moll.

Haskoning is niet de enige. Ook waterbouwers Boskalis en Van Oord, ingenieursbureaus Witteveen + Bos en Arcadis zijn belangrijke spelers. De laatste tekende onlangs een contract om de metrolijn in New York te beschermen tegen wateroverlast. De Amerikaanse openbaar vervoerdienst Metropolitan Transportation Authority trekt daar 26 miljoen euro voor uit.

In het bijzonder in de waterbouw zet Nederland internationaal de toon: 40 procent van de wereldwijde, vrij toegankelijke waterbouwmarkt is in Nederlandse handen, blijkt uit cijfers van bemiddelingsinstelling Netherlands Water Partnership (NWP). „En er zijn veel groeimogelijkheden”, zegt directeur Lennart Silvis. Hij noemt onder anderen architecten die steeds vaker betrokken worden bij projecten in bijvoorbeeld New York en Jakarta, waar problemen met de waterveiligheid om een oplossing in een stedelijke omgeving vragen.

Met de bedrijfsactiviteiten in het buitenland is ruim 7 miljard euro per jaar gemoeid, een getal dat ondanks de crisis 62 procent is toegenomen sinds 2001, volgens het NWP.

TU Delft-hoogleraar Jonkman nuanceert: het is ook marketing. Nederland beschikt over veel kennis en blijft zichzelf ontwikkelen, het investeert jaarlijks een miljard euro op het gebied van waterveiligheid. „Maar het verhaal met de koppeling naar de watersnoodramp is ook een mooie verkooptruc. Landen zoals Frankrijk en Engeland doen het ook goed.”