Schandaal in Turkije? Mediaverbod

Om de haverklap dwingen Turkse rechters journalisten tot zwijgen. Vijf recente voorbeelden hoe de pers er wordt gemuilkorfd.

Hoofdredacteur Ekrem Dumanli van de grote Turkse krantZaman wordt toegejuicht door collega’s en lezers als hij zich op 14 december door de politie laat afvoeren. Hij is inmiddels weer vrij.
Hoofdredacteur Ekrem Dumanli van de grote Turkse krantZaman wordt toegejuicht door collega’s en lezers als hij zich op 14 december door de politie laat afvoeren. Hij is inmiddels weer vrij. Foto AFP

Nieuwslezer Sedef Kabas werd op 30 december opgepakt. Ze had op 19 november een tweet verstuurd. „Vergeet nooit de naam van aanklager Hadi Salihoglu die besloot niet te vervolgen in het 17 december-corruptieonderzoek.”

‘17 december’ refereert aan een groot corruptieschandaal in Turkije, waarbij onder anderen ministers betrokken lijken te zijn. Het schandaal tast de reputatie van regeringspartij AKP ernstig aan. Turkse media mogen niet berichten over het parlementair onderzoek naar de zaak. Het is een van de opvallendste onderwerpen waarover de afgelopen tijd een rechtbank een mediaverbod heeft uitgesproken.

De persvrijheid en vrijheid van meningsuiting in Turkije zijn een juridisch mijnenveld. Het lijkt vooral erop gericht om journalisten te ontmoedigen over gevoelige onderwerpen te berichten en autoriteiten kritisch te volgen. Om de haverklap besluit een rechter, meestal op verzoek van een betrokkene of minister, dat media ergens stil over moeten zijn.

De afgelopen vier jaar gebeurde dat bij zo’n 150 onderwerpen, blijkt uit het antwoord op Kamervragen door de oppositie. De verboden gaan van verkrachtingszaken waarbij politieagenten betrokken zouden zijn tot details over het afluisteren van het kantoor van de premier en het tonen van de lichamen van militairen die zijn gedood door de Koerdische terreurorganisatie PKK. Media die zich er niet aan houden kunnen een geldboete krijgen en de journalisten een gevangenisstraf.

„Mediaverboden zijn onderdeel van het groeiende arsenaal beperkingen op de persvrijheid in Turkije”, zegt onderzoeker Alev Yaman van PEN International, een organisatie voor de vrijheid van meningsuiting. Het gaat meestal om onderwerpen waarbij het volgens Yaman juist in het publiek belang is erover te berichten. „Uiteindelijk blijken dit soort verboden vaak ondoelmatig doordat afwijkende stemmen in online media er dan juist over gaan berichten.”

Sedef Kabas werd na een paar uur weer vrijgelaten. Haar tweet viel onder de vrijheid van meningsuiting, besloot een rechter. Ze had geluk. Een paar dagen eerder werd een zestienjarige scholier in de stad Konya opgepakt omdat hij president Recep Tayyip Erdogan zou hebben beledigd. Hij kwam na twee dagen vrij, maar is in afwachting van zijn proces. Hij zou vier jaar cel kunnen krijgen. De bekende cartoonist Musa Kart werd in oktober vrijgesproken van belediging van Erdogan. De president gaat in hoger beroep.

Een top-5 van recente, opvallende mediaverboden in Turkije:

1 Corruptieaffaire rond Erdogan

Op 17 december 2013 en in de weken daarna werden tientallen hooggeplaatsten opgepakt op verdenking van corruptie. Onder de verdachten waren onder meer de zonen van ministers en mensen die dicht bij Erdogan staan. Turkse media mogen niet berichten over het parlementair onderzoek naar deze zaak. De grote corruptieaffaire is niettemin al een jaar voortdurend in het nieuws. Meerdere journalisten hebben gevangenisstraffen van vijf maanden gekregen voor hun berichtgeving hierover.

2 Geheim wapentransport

Vandaag moeten dertien militairen in Adana voor de rechter komen in een zaak die alle trekken heeft van een grote doofpot. Een jaar geleden hielden ze een aantal vrachtwagens aan die op weg waren naar Syrië. De Turkse geheime dienst (MIT) probeerde te voorkomen dat de lading werd doorzocht. Het bleek een wapentransport te zijn. De soldaten worden beschuldigd van spionage. Het is verboden om over de zaak te berichten. Zelfs de advocaten mogen journalisten niet vertellen wat er in de rechtszaal gebeurt. De doofpot draait om de vraag of Turkije wapens levert aan de oppositie in Syrië en of Turkije zo ook Islamitische Staat (IS) heeft bewapend.

3 Gijzeling door IS

Turkse pers werd deze zomer bevolen een mediastilte in acht te nemen zolang 46 Turken werden gegijzeld door IS in Irak. Berichtgeving kon de pogingen hen vrij te krijgen schaden, zei de regering. De meeste Turkse media hielden zich aan het verbod. Niemand wilde ervan beschuldigd worden het leven van de gegijzelden in gevaar te brengen Berichten verschenen alleen in buitenlandse media.

4 Aanslag in Reyhanli

Op 11 mei 2013 is in de stad Reyhanli op de grens van Turkije met Syrië een grote aanslag gepleegd met twee autobommen: 52 mensen kwamen om en 146 raakten gewond. De aanslag leidde tot paniek en de angst dat de oorlog in Syrië oversloeg naar Turkije. Er waren speculaties dat de Syrische geheime dienst erachter zat. Volgens anderen was het het werk van Al Qaeda-bondgenoten. Een lokale rechtbank verbood alle berichtgeving over de nasleep. Het verbod werd later door een andere rechtbank ongedaan gemaakt. Over de exacte toedracht wordt nog altijd gespeculeerd.

5 Luchtaanval op ‘smokkelaars’

Op 28 december 2011 werd een luchtaanval uitgevoerd met F16’s van het Turkse leger op een groep mannen in de bergen van het district Uludere, op de grens met Irak: 34 Burgers kwamen om. Turkse radio en tv-stations werden door de regering gemaand het stil te houden. Pas toen er een officiële verklaring was bedacht, waarin de doden werden afgeschilderd als smokkelaars die daar helemaal niet hadden mogen zijn, werd die gepubliceerd. Een gerechtelijk verbod kwam er niet, maar dit werkte ook. De meeste media gehoorzaamden braaf.