Madame X

Schrijfster Pia de Jong verhuisde met haar gezin van Amsterdam naar Princeton, in de Verenigde Staten. Ze schrijft over wat haar opvalt.

Illustratie Eliane Gerrits
Illustratie Eliane Gerrits

Madame X. Qua profiel schijn ik op haar te lijken. Nu ben ik zelf niet zo verguld met mijn profiel, dus met enige aarzeling ga ik op zoek naar het beroemde portret van John Singer Sargent in The Metropolitan Museum of Art in New York. Ik loop door een zaal vol geschilderde societydames uit de negentiende eeuw. Matrones van de Gilded Age, de een nog chiquer dan de ander. Zijden jurken getooid met parels, voile en kant. Kapsels vol linten en strikken. De uitgestreken portretten doen me weinig tot niets.

Dan opeens sta ik tegenover haar: Madame X. Now there was a woman! zou F. Scott Fitzgerald zeggen. Ze is weliswaar van verf en hangt in een brokaten lijst, maar ze is zo levensecht dat ik een stap naar achteren zet, alsof haar parfum te opdringend is.

Ze kijkt me niet aan, maar staart hooghartig opzij. Daarmee komt haar „markante profiel” maximaal tot zijn recht. Haar neus is volgens elke standaard van schoonheid te lang. Maar ze is er trots op en wie daar anders over denkt, moet dat vooral zelf weten.

Het is gênant om haar uitvoerig te bekijken, zo echt is ze. Maar omdat ze van me wegkijkt, durf ik dat wel. Haar borsten, gehuld in zwart fluweel, kijken me overigens wel aan, brutaal en onverschrokken. Ze vallen des te meer op vanwege haar hals die bleker dan bleek is, paarsig zelfs. Haar kleine rode oor suggereert opwinding, haar rossige opgestoken haar eigenzinnigheid. Wat het geheel erotisch maakt, is dat ze niets onder haar jurk lijkt te dragen. Hij lijkt zo van haar zandloperfiguur af te kunnen vallen. Je hoeft alleen maar het schouderbandje opzij te trekken.

Madame X heette eigenlijk Virginie Amélie Avegno Gautreau. Net als Sargent was ze een Amerikaan in Parijs. Toen haar vader, een kolonel uit New Orleans, sneuvelde in de Burgeroorlog, vluchtte zij met haar moeder naar Frankrijk, trouwde een rijke bankier en leidde een leven van operapremières en societypagina’s. Ze benadrukte haar exotische schoonheid met extravagante jurken, lavendelblauw gezichtspoeder, roodgeverfde haren en oren – de Kim Kardashian van haar tijd. Voor de beginnende schilder Sargent was deze „unpaintable beauty” het perfecte model om zijn reputatie te vestigen in de Parijse Salon van 1884.

Maar het schilderij veroorzaakte meteen al bij de opening een enorm schandaal. Ook al hing Madame X tussen weelderige naakten, het afzakkende schouderbandje ging zelfs het verlichte Parijse publiek een stap te ver. Hier was geen Griekse godin of bijbels figuur geportretteerd, maar een van hen, nog wel zonder ondergoed. Ze was haar chemise vergeten, zeiden de societydames.

Haar dochter was voor schut gezet, vond haar moeder. Ze stond erop dat het schilderij onmiddellijk verwijderd werd. Sargent nam het zelf mee naar huis en, in een knieval naar het publiek, schilderde hij het schouderbandje over zodat het netjes op zijn plek zat. Maar zijn naam was besmeurd. Hij week uit naar Londen, met het schilderij, en madame Gautreau werd een kluizenaar.

Maar wat een schilderij! Het beste wat hij heeft gemaakt, vond Sargent zelf toen hij het in 1916 aan The Met verkocht. Wat is het geheim? Is het de blauw-witte huid, de fluweelzwarte jurk, het gewaagde decolleté? Nee, het is het markante profiel. Die scherpe neus, nog eens extra sterk door de schilder aangezet. Die prikt alle ballonnen van preutse schijnheiligheid door. Ze haalt hem op, voor iedereen en alles.

Vol energie loop ik het museum uit. Met opgeheven hoofd.