Brieven

Verkiezing is niet nationaal

In NRC van 3 januari beweert minister-president Mark Rutte over de aanstaande Provinciale Statenverkiezingen: „dit zijn landelijke verkiezingen”. De leden van Provinciale Staten kiezen in mei weliswaar de Eerste Kamer en daarbij staat voor zijn kabinet veel op het spel, maar dat betekent nog niet dat de premier die verkiezingen zomaar kan kapen. Er kunnen vele vragen gesteld worden over die getrapte verkiezing van de Eerste Kamer, maar het punt is: op 18 maart zijn het provinciale verkiezingen! Het gaat dan in de allereerste plaats om de keuzes die op provinciaal niveau gemaakt worden: waar komt natuur, hoe organiseren we mobiliteit, hoeveel ruimte bieden we aan duurzame energie, welke culturele voorzieningen houden we overeind, enzovoort. Stuk voor stuk belangrijke keuzes waar iedereen zijn of haar stem moet kunnen bepalen zonder de bemoeienis van een premier die zijn kabinet overeind hoopt te houden.

De premier kondigt ook aan „waarschijnlijk een paar debatten zelf te gaan doen”. Ik ben heel blij met zijn plotselinge belangstelling voor de provinciale politiek en ik daag hem graag uit voor een debat over wat er op 18 maart op het spel staat voor de provincie Utrecht.

, fractievoorzitter GroenLinks Provincie Utrecht

Oudheid

Gif was wel degelijk moord

In zijn lezersbrief reageert D.F. Rijkels (NRC, O&D, 3 jan.) op de verbazing die Pieter Steinz in zijn recensie van mijn boek Keizers van het Colosseum (NRC, Boeken,19 dec.) uitsprak over ‘terroristen’ in Rome die met vergiftigde naalden willekeurige mensen doodden. Ik noemde dit een haast modern verschijnsel, maar bedoelde niet terrorisme, maar het optreden van stekers en prikkers dat zich van tijd tot tijd in massale wereldsteden voordoet.

Rijkels beweert nu dat het niet om terrorisme ging, maar om preventieve vaccinatie (variolatie) tegen pokken. Hij beroept zich op twee passages bij Cassius Dio. Daarin is echter sprake van boeven (andres kakourgoi) die willekeurig vergiftigde naalden in hun slachtoffers staken zonder dat die het merkten. Velen stierven eraan. Dit is toch wel wat bizar voor een inentingscampagne.

Anton van Hooff, classicus

Generatievloek

Groei moet nu stoppen

Herman Vuijsje treedt met zijn artikel over het dilemma tussen het behoud van onze eigen welvaart en de solidariteit met verre volkeren en toekomstige generaties in de voetsporen van de Belgische filosoof Etienne Vermeersch, die in zijn boek De Ogen van de Panda dit dilemma beschrijft (NRC, O&D, 5 januari).

Jammer dat Vuijsje nog niet de ultieme maatregelen durft te benoemen die op korte termijn nodig zullen zijn om de keuze voor solidariteit te laten prevaleren. Deze ultieme maatregelen bestaan uit de beëindiging van de groei van de wereldeconomie en de wereldbevolking, zoals ik al eerder in mijn boekje met de titel Stop Growth Now!! heb betoogd. Inkrimping van de economie moet daarbij voor rekening komen van de rijke landen, opdat de economieën van de arme landen nog wat kunnen groeien. De arme landen zullen als tegenprestatie hun bijdrage moeten leveren door via geboortebeperking hun bevolkingsaantallen te reduceren.

Arie Kamphorst

Vuurwerk

Verbod is disproportioneel

Nog voordat de cijfers over het aantal vuurwerkslachtoffers werden gepresenteerd , laaide de discussie over het al dan niet verbieden van vuurwerk weer op. Gelukkig is de minister zo pragmatisch om in te zien dat de illegaliteit van alle vuurwerk averechts zal werken. Maar er zijn ook andere redenen om tegen zo’n verbod te pleiten.

Onze samenleving dreigt te verworden tot een op control gerichte, steriele omgeving waarin het uitbannen van elk risico en elk gevaar tot norm verheven wordt. Elke afwijking van dat ideaal wordt gemarginaliseerd en gecriminaliseerd.

De zin van dit soort gedrag ontgaat de samenleving terwijl de maatschappelijke kosten ervan zeer hoog zijn. Een verbod op vuurwerk lijkt in dat opzicht gelegitimeerd.

Maar spelen met vuur heeft ook iets magisch. De meesten van ons herinneren zich nog wel het gevoel van macht wanneer jouw sigaret of aansteker een enorme donderslag veroorzaakte of de donkere hemel voor een moment in vuur en vlam zette. Het risico van het aansteken maakt deel uit van de magie van het spelen met vuur. Een eerste reden om tegen een verbod op consumentenvuurwerk te zijn, is dat het geen recht doet aan de magische werking die het afsteken van vuurwerk heeft voor miljoenen kinderen en hun vaders, jongeren en volwassenen.

Ten tweede is een vuurwerkverbod disproportioneel. Natuurlijk zijn er grenzen aan de risico’s die we als samenleving willen lopen. De vraag is waar die grens precies moet liggen. De samenleving accepteert grotere aantallen slachtoffers op andere terreinen die eenvoudig kunnen worden voorkomen – zoals verkeersslachtoffers door de verplichtstelling van een fietshelm. Waarom vuurwerk dan verbieden? Risico’s en gevaren laten zich nooit geheel uitbannen. Dat zullen we moeten accepteren.

De derde reden om tegen een verbod op vuurwerk te zijn is dan ook dat de oerdriften van de mens niet uitgebannen kunnen worden, dit kan je als overheid hooguit kanaliseren. Verboden vuurwerk is minder beheersbaar dan legaal vuurwerk.

Laat ons daarom gewoon Oud en Nieuw vieren zoals we al honderden jaren in Nederland doen, met vuurwerk. Wie de magie van vuurwerk wil proeven kiest dan de straat, en wie de risico’s te groot acht mag dan thuisblijven en het vuurwerk op televisie aanschouwen. Dat scheidt de schapen van de bokken!

Vincent Blok en Petra de Winter

Banken

Bankier heeft niets geleerd

Caroline Princen van ABN Amro stelt vast dat we in Nederland wel lang blijven hangen in klagen (NRC, E2, 3 januari). De media zouden wat haar betreft „wat objectiever” mogen zijn. Maar wat moet de pers dan anders met de niet aflatende stroom berichten waaruit blijkt dat de bankiers helemaal niets hebben geleerd van de crisis? Nota bene haar eigen bestuursvoorzitter Gerrit Zalm maakte het afgelopen jaar wel heel erg bont door de vaste salarissen van de managers met 20 procent te verhogen, dit als tegenmaatregel op de nieuwe wetgeving waarbij de variabele bonussen werden aangepakt. Daarmee stak Zalm een dikke vinger op naar de samenleving, en gaf er duidelijk blijk van geen enkele boodschap te hebben aan de democratisch tot stand gekomen besluitvorming.

De timing leek aanvankelijk wel briljant, zo met het wereldkampioenschap voetbal en de grote vakantie voor de deur. Toen de maatschappelijke storm van verontwaardiging echter toch niet ging liggen mocht Zalm vervolgens in diverse tv-programma’s komen uitleggen dat we het allemaal verkeerd hadden begrepen en dat er per saldo sprake was van een „versobering van de salariëring”. Dat is alleen het geval wanneer in de oude situatie die bonussen steeds werden uitgekeerd. Je kunt je dan afvragen aan welke criteria voldaan moet worden om in aanmerking te komen voor zo’n bonus, als die standaard wordt uitgekeerd.

Uit dit soort arrogantie blijkt een stuitend en beschamend gebrek aan respect voor de samenleving. De maatschappelijke verontwaardiging hierover is nog altijd terecht. Het is een goede zaak dat de pers deze wantoestanden nog steeds aan de kaak stelt en op de voet volgt.

F. de Camp, hoofddocent financiën en marketing (Fontys Hogescholen)

Dumas

‘Mooi’ niet altijd hoge kunst

Wat een merkwaardige redenatie van Sandra Smallenburg in haar artikel over Dumas (NRC, CS, 31 december). Als de bezoekersaantallen bewijzen dat Dumas een groot kunstenares is, dan kunnen vanaf heden Boer zoekt vrouw en de musicals van Joop van den Ende ook tot hogere kunst verheven worden. Juist omdat het grote publiek zich van alles laat aansmeren is een deel van het kunstaanbod verworden tot spektakel en entertainment, waarmee zelfs gerenommeerde kunstenaars als bijvoorbeeld Damien Hirst (die bewezen prachtig kan schilderen) de draak steken. By the way: het identificeren van een inktvlek als een gezicht is niet moeilijk. Neem de proef op de som: projecteer een foto en schilder hem vele malen over. Er zit gegarandeerd iets tussen wat in Dumas termen „prachtig” is – maar professioneel geschilderd is het niet.

Esther Schnerr- Houwelingen