Vingerhoedskruid doodde de ‘hond’

De plotselinge dood van de Dante-beschermer Cangrande della Scala was bijna 700 jaar een mysterie. Maar onderzoek van zijn mummie loste het op: het was gifmoord.

Foto JAS

Cangrande della Scala, Heer van Verona, stierf plotseling op 22 juli 1329, vier dagen nadat hij een triomfantelijke intocht had gemaakt in Treviso, de stad die hij zojuist had ingenomen. Hij was pas 38. Het historische raadsel van zijn dood is nu opgelost. Een team Italiaanse forensische experts en biochemici heeft het lichaam van Della Scala onderzocht en vastgesteld dat hij is vergiftigd met een extract van Digitalis (vingerhoedskruid). De bevindingen staan in het februarinummer van de Journal of Archaeological Science.

Cangrande (‘grote hond’) was zijn bijnaam. Hij was in 1291 gedoopt als Can Francesco della Scala, lid van het geslacht Scaliger dat de Noord-Italiaanse stadstaat Verona meer dan een eeuw heeft bestuurd.

De Scaligeri waren exponenten van de vroege Renaissance. Zij behoorden tot een nieuw type edelen dat zijn macht niet ontleende aan inkomsten uit agrarische domeinen, maar aan de bloeiende handel van steden in Noord- en Midden-Italië. Ze waren zelfbewust, machtsbelust en durfden zich te verzetten tegen de paus van Rome. Ze wierpen zich ook op als beschermers van de schone kunsten. Zo waren de dichters Dante Alighieri en Petrarca protégés van Cangrande.

Toen zijn oudere broer Alboino in 1311 stierf, werd Cangrande, 20 jaar jong, alleenheerser van Verona. Hij ontpopte zich als een succesvol veldheer, die driemaal – en uiteindelijk met succes – ten strijde trok tegen het naburige Padua. In juli 1329 veroverde Cangrande Treviso, aan de grens van de Republiek Venetië.

Meteen nadat hij in triomf de stad was binnengetrokken werd hij ziek en binnen vier dagen was hij dood. Tijdgenoten schreven zijn plotselinge overlijden toe aan het drinken van vervuild bronwater. Volgens 14de-eeuwse kronieken is Cangrandes lijfarts beschuldigd van vergiftiging en na berechting opgehangen. Maar bewijs voor gifmoord was er niet.

In 2004 is de sarcofaag van Della Scala boven de kerkdeur van Santa Maria Antiqua in Verona geopend voor forensisch onderzoek. Het lichaam bleek op een natuurlijke manier gemummificeerd. Het was zó goed geconserveerd dat organen als lever en endeldarm konden worden onderzocht om de doodsoorzaak vast te stellen.

De onderzoekers vonden stuifmeelkorrels van vingerhoedskruid in de endeldarm, samen met resten kamille en braambes. In de lever en in de ontlasting in de endeldarm werden dodelijke doses van de giftige bestanddelen van vingerhoedskruid aangetroffen. De analyses wezen op vergiftiging als gevolg van orale toediening van een drank bereid uit blad en bloemen van digitalis. Dit strookt met de beschrijvingen die tijdgenoten gaven van Cangrandes laatste uren: hij moest overgeven, had hevige diarree en hoge koorts – allemaal symptomen van een digitalisvergiftiging.

De onderzoekers achten het onwaarschijnlijk dat Cangrandes dood een medische vergissing was. De medicinale werking van digitalis in lage doses werd pas bekend in de zeventiende eeuw, en tegelijk gold vingerhoedskruid al in de veertiende eeuw als uiterst giftig. Gifmoord dus.

Maar door wie? Vijanden had de Heer van Verona genoeg. Niet in de laatste plaats zijn buren, de hertog van Milaan en de doge van Venetië. Maar de onderzoekers sluiten ook niet uit dat zijn neef Mastino, die hem met diens broer Alberto opvolgde als heer van Verona, erachter zat.