Samengepakt als vee aan dood ontsnapt

Mensensmokkelaars nemen steeds grotere risico’s met mensenlevens om steeds meer geld te verdienen. Gebruikten ze eerst kleine boten, nu persen ze honderden vluchtelingen samen in grote vrachtschepen. Het is wachten op een nieuwe, grote tragedie.

Aan boord van de Ezadeen zaten 370 Syrische vluchtelingen opeengepakt. Foto AFP
Aan boord van de Ezadeen zaten 370 Syrische vluchtelingen opeengepakt. Foto AFP

„Wij gaan ons als Italianen soms te buiten aan grote woorden. Dat hoort nu eenmaal bij ons. Maar in dit geval is het echt niet overdreven om te zeggen dat een ware tragedie is voorkomen.’’

Commandante Francesco Perrotti, die de leiding heeft over de haven van de Zuid-Italiaanse stad Corigliano Calabro, krijgt een verbeten trek om zijn mond als hij ophaalt wat er rond de jaarwisseling is gebeurd. Twee schepen met ieder vele honderden vluchtelingen aan boord zijn in zwaar weer aan hun lot overgelaten, niet ver van de rotskust van Zuid-Italië. „De wereld moet de ogen openen voor wat deze criminelen aan het doen zijn. Als mensen van de kustwacht er niet in waren geslaagd de controle over deze schepen over te nemen, was het moord met voorbedachten rade geweest.”

Aan kade nummer 4, achter een hoog hek, ligt de Ezadeen, een wat gehavend vrachtschip, vijftig jaar oud. De hoge schotten langs het dek getuigen van het veevervoer dat met dit schip werd gedaan. Maar nu was het schip een paar dagen voor Kerst uit Turkije vertrokken met 370 vluchtelingen, bijna allemaal uit Syrië.

Ook in de jaren negentig gebruikten mensensmokkelaars soms grotere vrachtschepen met honderden vluchtelingen en migranten. Maar de afgelopen jaren werden vooral kleinere schepen ingezet. „De Ezadeen is zeventig meter lang’’, zegt Perrotti. „Tot voor kort zagen we vooral oude vissersboten komen, van op zijn hoogst dertig meter en vaak kleiner. Er is iets wezenlijks aan het veranderen in de mensensmokkel.’’

Gewetenloze vorm van chantage

De afgelopen maanden is het zeker twee keer eerder gebeurd dat een vrachtschip vol vluchtelingen in de problemen verkeerde en, met een beroep op het internationale zeerecht, hulp inriep van nabije koopvaardijschepen. Na vorige week is duidelijk dat dit geen incidenten waren, maar een gewetenloze vorm van chantage.

De UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, legt een direct verband met de manier waarop op zee wordt gepatrouilleerd. Tot november kende Italië de operatie Mare Nostrum. Met patrouilles, op zee en in de lucht, werd gecontroleerd of er bootvluchtelingen in de problemen verkeerden. De bedoeling van de Italianen was nieuwe rampen op zee te voorkomen. Maar voor mensensmokkelaars was dit een cadeautje. Die hadden meer zekerheid dat hun ‘klanten’ veilig zouden aankomen.

„De oversteek vanuit Libië naar Italië is veel gevaarlijker geworden omdat de Italiaanse marine die bootjes niet meer oppikt’’, zegt Carlotta Sami telefonisch, woordvoerder van de Italiaanse afdeling van UNHCR. In november heeft Frontex, de instantie die verantwoordelijk is voor de bewaking van de buitengrenzen van de EU, het stokje overgenomen. Maar met veel minder middelen. Mare nostrum kostte Italië ongeveer negen miljoen euro per maand. Triton, zoals de Frontex-actie heet, kost ongeveer drie miljoen euro. Bovendien, vertelt Sami, is het gebied waarin wordt gepatrouilleerd kleiner. „Er is minder controle in internationale wateren.’’

Zowel Sami als Perrotti wijzen erop hoe lucratief het is om met grotere, oude vrachtschepen te werken. Je bent ze kwijt na aankomst . Daar staat een enorme winst tegenover. Perrotti rekent voor: „Stel dat je zo’n oud schip kunt kopen voor vijftigduizend dollar. We horen van deze vluchtelingen dat ze vijf- tot zevenduizend dollar hebben betaald. Als je er dan vijfhonderd op een schip hebt, haal je zeker 2,5 miljoen dollar op. Ook als je daar de kosten van het schip en andere uitgaven van afhaalt, boeken deze criminelen nog een enorme winst.”

Zevenduizend dollar per persoon

Op de vraag wat je daartegen kunt doen, antwoordt hij ontwijkend. Dat is een politiek probleem. Marco Lombardi, expert in internationale veiligheidsvraagstukken, is minder voorzichtig. We moeten „de misdadige mensenhandelaars aanpakken in hun territoriale context’’, schrijft hij op een blog voor de krant Il Fatto Quotidiano. Concreter: voorkomen dat andere EU-landen (lees vooral: Griekenland) de andere kant opkijken als zo’n schip vol vluchtelingen langsvaart. En afspraken maken met Turkije dat ze de mensenhandel vanuit Turks grondgebied aanpakken. Hadden Syriërs die op het andere ‘spookschip’ van vorige week in Italië zijn gekomen, de Blue Sky, niet verteld dat ze per persoon zevenduizend dollar aan „de Turkse maffia’’ hadden betaald?

De volwassen Syriërs die vrijdagnacht in Corigliano aan land gingen, zaten een paar uur later al weer in bussen naar opvangcentra elders in Italië. Maar in het kerkelijke opvangcentrum voor probleemkinderen Maria Ausiliatrice zijn acht minderjarigen ondergebracht die zonder ouders of familielid op de boot zaten. Ze zijn tussen de dertien en zeventien jaar. Mohammed heten ze, Bashar, Sami en Maya.

In opdracht van de prefect worden journalisten die met hen willen praten, weggejaagd. Maar Mustafa Hamid, een Egyptenaar die al veertien jaar in Italië woont en voor de jongens heeft getolkt, wil wel samenvatten wat ze de Italiaanse autoriteiten hebben verteld. Dat ze twaalf dagen op de boot hebben gezeten, waarvan de laatste vier dagen zonder eten en drinken. Dat ze door hun ouders op de boot zijn gezet, in de hoop op een betere toekomst – Maya, 13 jaar, wil arts worden. Een van de twee Mohammeds droomt van een carrière als voetballer.

Hamid zegt dat ze bij zijn weten niet zijn getraumatiseerd door de lange, vermoeiende en gevaarlijke reis. Hij wijst hoe ze redelijk onbekommerd op een bankje een sinaasappel zitten te eten. Op het veldje voor hen zijn leeftijdgenoten aan het voetballen. De zon schijnt warm en vriendelijk, met licht besneeuwde bergtoppen op de achtergrond. „Die kinderen zijn tevreden. Hier zijn ze veilig, ver weg van de oorlog en de bommen.”