Nieuwe wetjes, nieuwe regeltjes

De lijst met kabinetsmaatregelen die dit jaar ingaan, is lang. Wat leveren ze op in je portemonnee?

Vier inkomens omhoog of omlaag?
Vier inkomens omhoog of omlaag?

Tijdelijk werk

Heb je een tijdelijk contract? Dan is er nu een minister die voor je opkomt – al is het lang niet zeker dat dat lukt. Lodewijk Asscher (Sociale Zaken, PvdA) wil dat je beter wordt beschermd en sneller in vaste dienst komt. Mochten werkgevers je eerst drie jaar lang laten werken op drie losse contracten met een tussenperiode van minder dan drie maanden, vanaf aanstaande zomer mag dat maar twee jaar en daarna is de tussenperiode zes maanden. Het zou dus kunnen dat je na twee jaar al een vast contract krijgt. Of dat je na twee jaar je flexibele baan kwijt bent. Als je een contract krijgt van zes maanden, mag daar vanaf nu al geen proeftijd meer in zitten en bij een langer los contract (van maximaal twee jaar) geldt een opzegtermijn van een maand.

Ontslagrecht

Tot nu toe kreeg je bij ontslag om bedrijfseconomische redenen niet vanzelfsprekend een ontslagvergoeding. Vanaf 1 juli 2015 wel. Iedereen die langer dan twee jaar in dienst is geweest, krijgt een ‘transitievergoeding’: een derde tot een half maandsalaris per gewerkt dienstjaar tot maximaal 75.000 euro of een jaarsalaris, als je meer dan 75.000 euro per jaar verdiende. Dat geld is bedoeld om – via bij- of omscholing – snel aan ander werk te komen. In de WW worden er strengere eisen aan je gesteld: al na een half jaar geldt elke baan als ‘passend’ en moet je die accepteren. Maar als je gedeeltelijk werkt naast je uitkering, houd je daar nu meer aan over.

Zorgtoeslag

Wie meer verdient dan het minimumloon krijgt vanaf 1 januari minder zorgtoeslag. Hoe hoger je inkomen, hoe groter de daling. Alleenstaanden raken maximaal 17 euro per maand kwijt, bij gezinnen kan het oplopen tot ruim 40 euro. Het Nibud berekende al eerder dat bijvoorbeeld oudere echtparen met een aanvullend pensioen van 10.000 tot 15.000 euro per jaar er flink op achteruit gaan: zij kregen eerder nog zorgtoeslag van bijna 50 euro per maand en nu niets meer. Als je het minimumloon verdient of minder, gaat je zorgtoeslag juist omhoog – met zo’n 7 euro per maand voor een alleenstaande en 12 euro per maand voor gezinnen.

Bijstand

Alleenstaande ouders in de bijstand verliezen de toeslag van 20 procent op hun uitkering (3.200 euro per jaar). In plaats daarvan krijgen ze extra geld uit het zogenoemde ‘kindgebonden budget’ (3.050 euro per jaar) en voor een tweede kind krijgen ze extra geld – in hun koopkracht gaan ze er vanaf 2015 wel een half procent op achteruit. De regels voor bijstandsgerechtigden worden ook fors strenger: gemeenten kunnen uitkeringen verlagen of helemaal stopzetten als werklozen niet genoeg hun best willen doen om aan een baan te komen.

Kinderen

Gescheiden ouders die meebetalen aan het levensonderhoud van hun kinderen, maar zelf geen kinderbijslag ontvangen – omdat hun ex die al krijgt – konden tot nu toe bijna de helft van die kosten aftrekken van de belasting. Dat wordt afgeschaft. Wat ook verdwijnt: het fiscale voordeel als je ouderschapsverlof opneemt. Gezinnen met een laag inkomen komen minder snel in aanmerking voor het kindgebonden budget dan de afgelopen jaren: de grens lag tot nu toe bij een jaarinkomen van 26.147 euro, dat wordt 19.676 euro.

Eigen huis

De woningmarkt trekt aan, de huizenprijzen stijgen – toch wordt het kopen van huizen lastiger. De drempel voor financiering is verhoogd en de vorig jaar al ingezette beperking van de hypotheekrenteaftrek wordt doorgezet. Die aftrek wordt de komende jaren stapje voor stapje afgebouwd van 52 procent tot 38 procent. De teller staat nu op 51 procent.

Minister Blok (Wonen, VVD) verhoogde op advies van het Nibud de eisen voor mensen die een hypotheeklening willen. Huishoudens zouden immers meer buffers moeten opbouwen voor mogelijk grote kostenposten in de toekomst – voor zorg bijvoorbeeld. Wie een bruto jaarinkomen van 70.000 euro heeft, kon vorig jaar bij een rentestand van 3,25 procent nog een hypotheek van bijna 389.000 euro krijgen. Nu is die ‘leencapaciteit’ met ruim 7 procent verlaagd tot 360.500 euro.

Inkomstenbelasting

Nivelleren was het mantra van het huidige rood-liberale kabinet. De PvdA wilde de lasten van de crisis gelijkmatiger verdelen tussen rijk en arm. De heftigste maatregel die er in het regeerakkoord voor werd bedacht, de inkomensafhankelijke zorgpremie, werd snel geschrapt na verzet in de VVD-achterban. Voor dit jaar is een andere nivelleringsmaatregel, het inkomensafhankelijk maken van de arbeidskorting en algemene heffingskorting op het belastbare inkomen, op verzoek van de VVD gedeeltelijk teruggedraaid. Voor middeninkomens (tussen de 20.000 en 50.000 euro) wordt de arbeidskorting met ruim 100 euro verhoogd tot 2.220 euro. Deze groep gaat er nu netto op vooruit: grofweg van 12 euro in de maand bij een jaar inkomen van 33.000 euro tot bijna 45 euro voor een jaarinkomen van 48.000 euro.

Schenken

De crisismaatregel van het kabinet om de kwakkelende huizenmarkt aan te wakkeren was zo populair dat hij per 1 januari weer is afgeschaft. Ouders en suikerooms kunnen hun kinderen of neefjes nu niet langer een fiscaal vrije schenking van een ton doen voor de eigen woning. Blijven over: de reguliere schenkmogelijkheden. Die worden, als elk jaar, wat verruimd. Zo is de jaarlijkse fiscaalvrije schenking met bijna 50 euro tot 5.277 euro verhoogd.

Vermogen

De grondslag voor belasting op vermogen, bijvoorbeeld uit spaargeld en beleggingen, in box 3, zijn ietwat gunstig bijgesteld. Zo is het heffingsvrije vermogen op sparen en beleggen met bijna 200 euro verhoogd tot 21.330 euro. Ook de vrijstellingen voor zaken als groene beleggingen en uitvaartverzekeringen zijn licht verruimd. En de vrijstelling op contant geld en cadeaubonnen is met 5 euro uitgebreid. Per saldo is de ‘belastingvrije voet’ in box 3 tot bijna 900 euro verruimd.

Leaseauto’s

Het grote gedoe over de nieuwe bijtellingstarieven voor leaseauto’s, waarmee staatssecretaris Wiebes (Financiën, VVD) vorig najaar in botsing met de Tweede Kamer kwam, betrof maatregelen die pas in 2016 zullen ingaan. Toch verandert er ook dit jaar iets voor rijders in een (nieuwe) auto van de zaak. De milieunorm is aangescherpt: niet álle schone auto’s behouden hun fiscale voordeel. Alleen voor (semi-) elektrische auto’s (zonder of met heel weinig CO2-uitstoot) gelden nog de laagste bijtellingstarieven van 4 of 7 procent van de catalogusprijs die bij het belastbare inkomen moet worden gerekend.

Werkkostenregeling

Er was een kleine run op de fietsenhandels, kort voor de jaarwisseling, dankzij het afschaffen van de fietsregeling. De werkgever mag zijn medewerkers niet langer eens in de drie jaar fiscaal vriendelijk een fiets voor woon-werkverkeer laten aanschaffen. Maar een fiscaal gunstige fiets kopen blijft mogelijk in de generieke Werkkostenregeling. Die is wel aangepast – lees: uitgekleed. Werkgevers mogen 1,2 procent van de loonsom inruimen voor aan werk gerelateerde cadeautjes, zoals personeelsfeestjes of een kerstpakket. Dat was 1,5 procent. Uitzonderingen zijn er voor zaken die voor het werk aantoonbaar noodzakelijk zijn, zoals laptop, mobiele telefoon of een parkeerplaats.