Laat die Hollanders het maar oplossen

Gisteren werd voor de tweede keer deze week een schip gered met honderden migranten aan boord dat voer zonder bemanning. Het zijn geen incidenten. Een Nederlands vrachtschip redde eerder 400 vluchtelingen van zo’n spookschip. Een reconstructie.

5 december 2014, 16.16 uur.

Het is winter, maar de Ionische Zee – tussen de ‘laars’ van Italië en Griekenland – is vrij rustig. De Erasmusgracht, een vrachtschip van de Amsterdamse rederij Spliethoff is met containers onderweg van Izmir, in Turkije, naar Polen. Dan klinkt op de brug een oproep voor de Erasmusgracht uit de marifoon. Het MRCC in Rome, het nationale agentschap dat reddingsoperaties op zee coördineert, wil de kapitein spreken. Het MRCC vertelt kapitein Joop van Zadel dat een kustwachtvliegtuig een boot met zo’n 300 vluchtelingen heeft gesignaleerd, die stuurloos ronddrijft. Volgens het MRCC, dat op schermen kan zien welke beroepsvaart in het gebied is, is de Erasmusgracht er relatief dichtbij.

Het Nederlandse schip krijgt het verzoek te assisteren bij een zogeheten SAR-operatie (van ‘search and rescue’), hoewel het zich al ten westen van de vluchtelingen bevindt en rechtsomkeert zou moeten maken. Volgens een oude traditie én geldend zeerecht zijn schepen verplicht elkaar te helpen bij een noodsituatie.

Na kort overleg laat Van Zadel koers zetten naar de positie van de vluchtelingen.

Van Zadel (1962), al dertig jaar actief in de zeevaart, had al vaker zulke hulpverzoeken gekregen. Niet zo gek; het gebeurt in de Middellandse Zee zo’n 600 keer per jaar. Bij eerdere gelegenheden waren er echter genoeg andere schepen in de buurt geweest om te helpen. Nu niet.

Via zijn eigen elektronische volgsysteem ziet Van Zadel nog twee schepen koers zetten naar de opgegeven positie. Een is de Alemania van rederij Burger Bereederungs Contor (BBC) in Hamburg. BBC en Spliethoff zijn goede bekenden. Als ergens een vrachtje beschikbaar is, maar de rederij even geen schip bij de hand heeft, springt de ander bij. Met een lengte van 133 meter is de Alemania bijna even groot als de Erasmusgracht.

5 december, 17.20 uur

Het is donker als de Erasmusgracht de positie bereikt, na de Alemania. De boot met vluchtelingen is volgens Van Zadel een gammele vissersboot van een meter of zestig, „toe aan zijn laatste tocht”. Op het scheepje zijn veel mensen, maar het is niet ‘overvol’, zoals je vaak op krantenfoto’s ziet.

Op verzoek van de Italianen heeft de Alemania als eerste schip ter plekke de rol van on-scene co-ordinator op zich genomen. De kapitein van de Alemania geeft Van Zadel instructies van de Italianen door: „Blijf standby, wacht op verdere instructies.”

Beide kapiteins wisselen beschikbare gegevens uit. Ene ‘Mohammed’ had via marifoonkanaal 16, het internationale noodkanaal, aan de Italiaanse kustwacht verteld dat hij aan boord was van een schip met 300 vluchtelingen, en dat de bemanning op 3 december van boord was gegaan. De mensensmokkelaars hadden de motor eerst onklaar gemaakt. De situatie was nijpend, aldus Mohammed. Er was nauwelijks meer iets te drinken. Er waren veel kinderen aan boord, zei hij.

5 december, 19.30 uur

De Alemania en de Erasmusgracht zien onrustige bewegingen op het scheepje. Mohammed vraagt steeds dringender hulp. De Duitse kapitein maant hem tot kalmte en zegt dat hulp onderweg is. „Dat was een veronderstelling van ons”, zegt een speciaal ingehuurde ‘crisiswoordvoerder’ van de Duitse rederij achteraf. „Waarom zou het MRCC ons anders hebben gevraagd standby te blijven en verder niets te doen, behalve in noodsituaties?”

De acties van Mohammed wekken wantrouwen bij de Duitsers. „We vonden het opvallend”, aldus de woordvoerder, dat hij professioneel omging met de radio. „Het zou verschrikkelijk zijn als achteraf zou blijken dat hij een mensensmokkelaar was.” Van Zadel: „Het kan best zijn dat hij een oplichter was, maar welke boodschap hadden al die vrouwen en kinderen daaraan?”

Op de Erasmusgracht groeit de irritatie. Wat als de vluchtelingen overboord zullen springen om te proberen een van de schepen te bereiken? Van de Italianen leek geen verdere hulp op handen. De Alemania lijkt niet onder de indruk en rapporteert later: „Het vaartuig was niet in goede conditie, maar maakte de indruk volledig zeewaardig te zijn. De mensen aan boord waren voorlopig veilig.”

Van Zadel belt met een jurist van Spliethoff in Amsterdam. Die geeft hem de ruimte te doen wat hem goeddunkt, en geeft tips voor een eventuele evacuatie: voorkom dat alle vluchtelingen allemaal naar dezelfde kant rennen, zodat de boot kan omslaan.

Van Zadel overlegt opnieuw met de kapitein van de Alemania. Die meent dat nog steeds geen sprake is van een noodsituatie, en verwijst opnieuw naar de MRCC-instructies.

5 december, 21.00 uur

Dan wordt het Van Zadel teveel. Hij vraagt het MRCC in Rome om toestemming tot evacuatie over te gaan. Die krijgt hij per e-mail. Voorzichtig komt de Erasmusgracht langszij. De bemanning gooit lijnen uit naar de vluchtelingen. De redding is binnen een half uur voltooid. Intussen ontstaat nieuwe ergernis. Er blijven mannen, vrouwen en kinderen uit de boot stromen. Uiteindelijk telt de Erasmusgracht er 393. „Ik vroeg de Alemania of ze ook een deel van de vluchtelingen konden opnemen”, zegt Van Zadel. „Met een bemanning van vijftien konden we moeilijk zo’n grote groep opvangen.” Volgens Van Zadel antwoordde de Duitser afwijzend.

De Duitse reder geeft een andere versie. „We weigerden het verzoek van de Erasmusgracht niet”, zegt de woordvoerder. „Maar conform de MRCC-instructies wilden we er alleen aan voldoen als er een echte noodsituatie was. Dat heeft de kapitein van de Alemania aan de Erasmusgracht duidelijk gemaakt. Bovendien: zo’n evacuatie ‘s nachts op zee is best gevaarlijk. De Nederlandse kapitein begreep dat kennelijk. Hij zei alleen: „Oké, we gaan verder met evacueren.”

Van Zadel bevestigt zijn korte antwoord. Hij zegt: „Gezien de eerdere, afstandelijke, laconieke houding van de Alemania had ik dat al verwacht. Ik heb het dus kort gehouden, maar voelde me wel in de steek gelaten.”

5 december, 22.50 uur.

De reddingsoperatie is officieel ten einde. In overleg met de Italianen zet de Erasmusgracht koers naar Catania, op Sicilië, waar een Italiaans opvangcentrum is. Het MRCC ontheft de Alemania van zijn verantwoordelijkheid als on-scene co-ordinator, „onder dankzegging aan de kapitein”, benadrukt rederij BBC. Later heeft de Erasmusgracht contact met het IJslandse kustwachtschip Týr. Hoewel IJsland geen EU-lid is, neemt het land wel deel aan operatie Triton van de Europese grensbewakingsorganisatie Frontex. Vier medici van de Týr komen aan boord voor een eerste controle van de vluchtelingen. Enkele dagen later berichten IJslandse media dat de Týr 393 vluchtelingen heeft gered.

7 december, vroege ochtend

Als de vluchtelingen van boord zijn, en de Erasmusgracht de balans heeft opgemaakt, wordt de reis naar Polen hervat. Kosten voor voeding van de vluchtelingen – twintig kilo rijst, zes potten pindakaas, zes sloffen sigaretten, noteert het logboek onder meer – en extra brandstof zijn voor rekening van Spliethoff. Opgelopen vertraging: zo’n 26 uur, schat Van Zadel.

17 december 2014

Op de website FFM Online gelieerd aan Watch the Med, een netwerk van vrijwilligers die vluchtelingen in de Middellandse Zee helpen, verschijnt een opvallend bericht. De kop, in het Duits: „Duits containerschip redde ondanks aanmaning niet.” In het bericht (in het Engels) suggereren Van Zadel en rederij Spliethoff dat de Duitsers laks waren. Van Zadel: „Ik vroeg de andere schepen duidelijk om bijstand. Het antwoord was: nee bedankt, doe het zelf.”

Het bericht is opmerkelijk. Meestal lekt weinig uit over reddingen met een goede afloop. Volgens Vincent de Jong van Watch the Med denkt zijn organisatie over stappen tegen de Duitse rederij wegens nalatigheid. Steeds meer vluchtelingen vertellen verhalen over „koopvaardijschepen die niets of te weinig doen om schepen in nood te helpen”, zegt hij. David Hammond van de Britse vrijwilligersorganisatie Human Rights at Sea, in hetzelfde gebied actief, bevestigt dat. Maar het is veelal anekdotisch materiaal. „Niemand heeft belang bij het verzamelen van ‘harde’ statistieken.”

Vrijdag 19 december

Directeur Jacobsen van de Duitse rederij BBC in Hamburg, reageert geïrriteerd op het verslag van Watch the Med. Hij wil niets bevestigen en zegt: „Belt u maandag maar terug.”

Maandag 22 december

Die maandagavond ontvangt NRC een vriendelijke mail van Mark Clark van Navigate Response. Het blijkt te gaan om een Londens bureau, gespecialiseerd in crisiscommunicatie in de zeevaart. „We protect your reputation around the world, around the clock” , luidt een van de beloftes. Clark zal vanaf dat moment als woordvoerder van de Duitse rederij optreden. Hij stuurt alvast een conceptpersbericht met feitenrelaas. De kop: ‘Gezamenlijke redding. Eigenaar van het Duitse Schip MV Alemania prees de bemanning van het Nederlandse schip De Erasmusgracht voor de redding in de Middenlandse Zee van migranten.’ In de tekst prijst directeur Jacobsen de bemanning van de Alemania voor „snel en correct” optreden na een noodoproep van de Italiaanse kustwacht.”

Als Spliethoff en kapitein Van Zadel dit horen, gaan ook zij vol op het orgel. Van Zadel, die eerst zijn Duitse collega’s nog enigszins uit de wind had willen houden, klaagt in een tweede gesprek met deze krant over het „gebrek aan hulpvaardigheid van de kant van de Alemania”. Hij zegt: „De Duitsers dachten hoogstwaarschijnlijk: Laat die Hollanders het maar oplossen. Het is goed afgelopen, maar het had ook anders kunnen gaan.”

Van Zadel zegt door de gebeurtenis anders te zijn gaan denken over de vluchtelingenstromen naar Europa. „Eerst dacht ik altijd: dat komt hier allemaal maar binnen en moet allemaal opgevangen worden. Door die reddingsoperatie heb ik een switch doorgemaakt. Nu vind ik: die vluchtelingen verdienen volledig onze steun.”